Nationale veiligheid Het risico bestaat dat Nederland niet weerbaar is tegen oorlog, cyberaanvallen, natuurrampen of andere catastrofes, zien de onderzoekers van de Rekenkamer. „Veel langetermijndoelen zijn uit zicht. De rekening wordt bij volgende generaties gelegd.”
Eelco Heinen, minister van Financiën, en Pieter Duisenberg, president van de Algemene Rekenkamer, tijdens de aanbieding van het Financieel Jaarverslag van het Rijk 2025.
De Algemene Rekenkamer heeft grote zorgen over de veiligheid van Nederland. Het instituut signaleert onder meer „ernstige problemen” bij de ministeries van Defensie en Justitie & Veiligheid. Het risico bestaat dat Nederland niet weerbaar is tegen oorlog, cyberaanvallen, natuurrampen of andere catastrofes, zien de onderzoekers van de Rekenkamer.
De beveiliging van militaire objecten is nog altijd niet op orde, de informatiebeveiliging bij de overheid blijft kwetsbaar. En Nederland, ziet de Rekenkamer, is afhankelijk van niet-Europese leveranciers voor producten die veiligheid moeten verzekeren. Ook heeft het ministerie van Defensie voor 4,4 miljard euro fouten gemaakt in de inkoop van defensiemateriaal.
Dat blijkt uit de rapporten over 2025 die Rekenkamerpresident Pieter Duisenberg woensdagochtend aanbood aan de Tweede Kamer. Op de derde woensdag in mei presenteert de Algemene Rekenkamer elk jaar een onderzoek naar de boeken van de overheid. Op Prinsjesdag presenteert het kabinet haar plannen, op Verantwoordingsdag (ook wel ‘gehaktdag’) is de vraag: wat komt er van die plannen en beloften terecht, als je kijkt naar de boeken? Worden de uitgaven effectief en doelmatig besteed?
Dit jaar heeft de Algemene Rekenkamer extra aandacht voor veiligheid, mede omdat daar meer geld naartoe gaat. Wat de onderzoekers zien: terwijl steeds meer publiek geld naar veiligheid gaat, levert dat nog weinig concrete veiligheidsvoordelen op. De extra investeringen in defensie (in 2025 besteedde de overheid 25,8 miljard euro aan defensie en 5 miljard aan Oekraïne) bijvoorbeeld: „Veel resultaten van al dat extra geld zijn nog niet zichtbaar.”
De Rekenkamer ziet bij de nieuwe inkoopcontracten die de overheid sluit bovendien te veel fouten en onzekerheden, met name op het gebied van defensie. De minister van Defensie is verantwoordelijk voor twee derde van de fouten en onzekerheden bij inkopen. Waar het gebruikelijk is om bij grote defensie-inkopen openbaar aan te besteden, ziet Rekenkamerpresident Duisenberg dat de minister van Defensie dat voor 4,4 miljard euro niet deed. De reden daarvoor kon de minister niet onderbouwen.
Van de nationale veiligheidsstrategie die het kabinet in 2023 opstelde, blijft het gissen of die werkt en tot resultaten leidt, oordeelt de Rekenkamer. „Het is niet altijd duidelijk wie de knopen kan doorhakken. Het proces is verkokerd.” Dat is overigens een breder probleem bij de overheid, ook op andere dossiers.
Nederland, schrijft de Rekenkamer, is in een aantal opzichten niet klaar voor een acute toename in dreiging. „Dat zien we bijvoorbeeld bij strategische voorraden voor Caribisch Nederland, bij veiligheid van de Noordzee en bij screening van asielzoekers en nareizigers op signalen van terrorisme.” Het duurt nu twee jaar voor asielzoekers en nareizigers zijn gescreend, in plaats van twee weken.
Ook de beveiliging van militaire objecten is volgens de Rekenkamer voor het vierde jaar op rij onvoldoende. „Gezien de onzekere geopolitieke situatie en het toegenomen belang van defensieobjecten, maant de Rekenkamer de minister tot spoed om dit ernstige probleem aan te pakken.”
Meer algemeen ziet de Rekenkamer dat het kabinet in 2025 weinig concrete resultaten heeft behaald. „Veel langetermijndoelen zijn uit zicht”, schrijven de onderzoekers. „De rekening wordt bij volgende generaties gelegd.” Doelen voor het terugdringen van CO2-uitstoot worden hoogstwaarschijnlijk niet gehaald, stikstofdoelen en doelen voor aantallen nieuwe woningen ook niet. Ook is de Nederlandse concurrentiepositie verzwakt, volgens de Algemene Rekenkamer.
En naar de toekomst toe: net zoals de Raad van State eerder waarschuwde, stelt ook de Rekenkamer dat in het coalitieakkoord van het minderheidskabinet weinig concrete langetermijndoelen staan.