De eerste kwartaalcijfers van drie pensioenfondsen die op 1 januari zijn overgestapt op het nieuwe stelsel maken duidelijk dat er grote schommelingen mogelijk zijn. Te beginnen met een daling, vooral voor twintigers, dertigers en veertigers.
is economieredacteur. Hij schrijft over het grote geld en corruptie.
Door de oorlog in het Midden-Oosten en de gedaalde rente in het eerste kwartaal is het theoretische toekomstige pensioen van honderdduizenden jonge Nederlanders met 10 tot 20 procent gedaald. Dat is mede het gevolg van het nieuwe pensioenstelsel, waarin beleggings- en renteschommelingen meteen effect hebben op de berekende toekomstige pensioenen.
In het oude stelsel beheerden de pensioenfondsen een grote pot geld, continu aangevuld door de huidige werkenden, waaruit de pensioenen van de pensionado’s werden betaald. In het nieuwe stelsel hebben de deelnemers een eigen ‘rekening’ met een belegd vermogen dat later hun eigen pensioen moet gaan vormen.
Met name de gedaalde rente laat zich gelden. Jaar op jaar stapelen rentes (die de pensioenfondsen bijvoorbeeld via obligaties innen) zich zo op, dat een kleine verandering van dat percentage al tot een grote verandering van het (theoretische) eindresultaat leidt, mocht er niets meer aan de rente veranderen.
De huidige pensionado’s behouden wel hun uitkering. Zij hebben geen last van de gedaalde rente, omdat het opgestapelde effect daarvan alleen toekomstige pensioenen aantast. Het matige beleggingsrendement van het eerste kwartaal zou aan het einde van het jaar hun pensioen wel een klein beetje aantasten, maar dat wordt in principe gecompenseerd met een ‘solidariteitsfonds’ dat de klappen op de beurs opvangt.
Dat blijkt uit de kwartaalcijfers van drie grote pensioenfondsen, PFZW, PMT en BpfBouw, die samen de pensioenen van zo’n vijf miljoen zorgmedewerkers, techniekwerkers en bouwvakkers beheren.
In de pensioencijfers wordt tegenwoordig onderscheid gemaakt tussen verschillende rendementen. Het belangrijkste is het zogeheten beschermingsrendement: de opbrengst van instrumenten die de pensioenfondsen nodig achten om de financiële risico’s van een dalende rente af te dekken, om ervoor te zorgen dat toekomstige pensioenen gelijkblijven.
Daarbovenop proberen de pensioenfondsen extra rendement te halen door iets riskanter te beleggen in aandelen en bedrijfsobligaties. Dit ‘overrendement’ was in het eerste kwartaal voor alle drie de fondsen negatief.
De pensioenfondsen scoren met hun overrendement slechter dan de AEX, die er in de eerste drie maanden van het jaar 0,9 procent op vooruitging. Maar pensioenfondsen worden geraakt door de toegenomen onzekerheid, die juist langetermijnbeleggingen onder druk zet. De oorlog tegen Iran, de dreiging van inflatie, maar ook de mogelijkheid dat de huidige beurshausse overdreven is, maakt het volgens de fondsen nodig meer risico’s af te dekken. Dat gaat ten koste van het rendement.
‘De financiële markten werden gedreven door geopolitieke spanningen, met name door de oorlog in het Midden-Oosten en de daaruit voortvloeiende zorgen over oplopende inflatie’, aldus BpfBouw. ‘Daarnaast speelden toenemende twijfels over de waardering van AI-gerelateerde beleggingen een belangrijke rol.’
De pensioenresultaten variëren per leeftijdscategorie. Voor jongere deelnemers, die nog ver van hun pensioen zitten, wordt riskanter belegd dan voor ouderen. Bovendien heeft een gedaalde rente nog zo veel tijd om weer te stijgen, dat dat risico in de ogen van de pensioenfondsen niet volledig hoeft te worden afgedekt. Maar deze manier van beleggen en toedelen heeft voor jongere pensioendeelnemers wel dramatische effecten, hoe tijdelijk en theoretisch die ook zijn.
Pensioenfonds PMT is het meest open over de gevolgen en heeft de verandering van de pensioenen voor verschillende leeftijden uitgesplitst. Het toekomstige pensioen van een 35-jarige gaat er bij de huidige stand 16,3 procent op achteruit, dat van een 45-jarige 11,1 procent, dat van een 55-jarige 4,8 procent en dat van een 65-jarige 1,6 procent. Dat kan na volgend kwartaal weer veranderen, als de koersen en de rente zich anders ontwikkelen. De beurzen hebben deze week records bereikt.
Een woordvoerder van PFZW laat weten dat zulke uitgesplitste effecten ‘bewust nog niet’ publiekelijk worden gedeeld, omdat eerst de pensioendeelnemers zelf nog moeten worden ingelicht.
Overigens kregen de huidige pensionado’s die op 1 januari naar het nieuwe stelsel zijn overgegaan om te beginnen een flinke structurele opslag op hun pensioen, variërend van 8 tot 20 procent. Dat was te danken aan het feit dat de fondsen minder reserves hoeven aan te houden, en met dat geld de huidige pensioenen flink hebben opgekrikt.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant