De Engelse metalband Iron Maiden neemt nooit een vrije dag en doet tournee na tournee na tournee. De documentaire Iron Maiden: Burning Ambition maakt een paar opmerkelijke keuzes, maar bevat heerlijk archiefmateriaal en barst van het plezier.
is pop- en gamejournalist van de Volkskrant, met speciale aandacht voor de opkomst van artificiële intelligentie in de kunst.
De titel van de documentaire geeft het al aan: Iron Maiden is een maniakale band. Als je alleen al kijkt naar Iron Maiden: Burning Ambition, raak je buiten adem. Altijd maar rammen, vanaf de eerste albums en shows in de vroege jaren tachtig, op het moordende ritme van die galopperende bas van bandoprichter Steve Harris.
De ene wereldtournee volgt de andere op. Al liggen burn-outs en hoogoplopende ruzies constant op de loer, Iron Maiden gaat door. Nooit een vrije dag. De fans vragen dat van ze. En Iron Maiden en die fans, die zijn één familie.
Het verhaal van de Engelse metalband, die begon als hard rockend buitenbeentje in het punktijdperk en uitgroeide tot een stadionverpulverend metalmonster, is van zichzelf bijzonder genoeg. Dat heeft regisseur Malcolm Venville goed begrepen. Hij volgt de biografie van de band, in keurig chronologische volgorde.
Een paar keuzes zijn wel opmerkelijk. De makers laten vooral veel fans aan het woord. De acteur Javier Bardem en hiphopicoon Chuck D bijvoorbeeld mogen vertellen over hun favoriete bandje. Mooi is een fragment waarin Bardem de tekst van Run to the Hills voordraagt, als zuivere dichtkunst.
Maar minstens zo mooi is het verhaal van een Libanese vrouw, die ‘Maiden’ ontdekte na de burgeroorlog in haar land en steun vond in de teksten en de kracht van die schitterende, unisono gespeelde gitaarpartijen.
De pratende hoofden van de bandleden zelf komen nauwelijks in beeld. Als zanger Bruce Dickinson of gitarist Dave Murray aan het woord zijn, horen we alleen hun stemmen, als een voice-over. Daarbij wordt heerlijk archiefmateriaal getoond, dat uit diepe laden vol stoffige VHS-banden is getrokken.
Indrukwekkend zijn de beelden uit Polen, uit 1984. Iron Maiden speelde daar een zeldzaam concert, in de kilste jaren van de Koude Oorlog en onder toeziend oog van militairen. Maar na hun show, onthullen de bandleden, rockte Iron Maiden nog na op een bruiloft in een feestzaaltje. Gewoon voor de lol: even Smoke on the Water van Deep Purple spelen, duidelijk met een slok op.
En jawel, ook dát optreden krijg je te zien, kennelijk gefilmd door een van de – ook dronken – bruiloftsgasten, met een beverige camera.
De documentaire zeilt uiteraard ook langs het persoonlijke leed; de bandleden die moesten afzwaaien, de ruzies, het vertrek van Dickinson én zijn wonderbaarlijke terugkeer. Maar het pure metalplezier speelt toch de hoofdrol, plus die niet-aflatende ambitie die de band straks wéér naar de stadions brengt.
Hoe de toekomst eruitziet, voor de heren op leeftijd? Steve Harris is er duidelijk over: ‘We gaan op tournee. Daarna gaan we op tournee. En dan gaan we op tournee.’
Documentaire
★★★☆☆
Regie Malcolm Venville
Met Steve Harris, Bruce Dickinson, Chuck D, Tom Morello, Javier Bardem
106 min., in 67 zalen