In de rubriek ‘Dit ben ik’ elke week een portret van een kind in haar of zijn slaapkamer. Dit keer: Roselein Haveman (6) uit Sintjohannesga. Ze houdt van ninja’s, en van de boeken van De gorgels.
Wie wonen er allemaal bij jou thuis?
‘Mijn broer Mick (17), mijn zus Eline (16), mijn mama Annet (46), mijn heitie Henk (50) en ons hondje Bo. We hebben ook een nieuw hondje in onze familie. Hij heet Appa en is van Melvin, mijn andere broer.’
Woont hij niet bij jullie?
‘Melvin heeft al een eigen huis. Hij is ouder; veel ouder dan ik en ouder dan Eline en Mick. Net als mijn andere twee zussen Ilse en Shanne. Shanne is een mama geworden van mijn neefje van 4 en mijn nichtje van 2.’
In jullie huis zijn ook nog andere kinderen, omdat je moeder gastouder is. Vind je dat leuk?
‘Nee, ik vind het een beetje druk, vooral. Maar er is wel altijd iemand om mee te spelen. Wil je misschien mijn bed zien? Daar zitten twee knuffels, dat zijn waakgorgels.’
Dat ken ik niet. Wat zijn waakgorgels?
‘Die komen uit het boek dat mama me nu voorleest: De gorgels. Dat gaat over gorgels, dat zijn heel kleine wezentjes, en over heel vervelende dieren, de brutelaars. Bobba is de waakgorgel van Melle. Dat is een jongetje. Bobba gaat hem beschermen tegen de brutelaars, want daar worden mensen ziek van. Maar als een brutelaar een gorgel bijt, kan de gorgel daar ook niet tegen. Dan krijgt hij bijvoorbeeld een gebroken been.’
Hoe pakken ze die brutelaars dan aan?
‘Ze bedenken een plan. Ze slaan de brutelaars met stokken en vangen krabben die ze dan ook gebruiken om te vechten. Dat kan, want ze zijn op een eiland. Ik ben deze vakantie ook naar een waddeneiland gegaan, samen met mama en heitie.’
Wat heb je op het eiland gedaan?
‘We gingen er met de boot naartoe. Daarna gingen we naar de vuurtoren fietsen. Op zo’n fiets voor twee, een tandem. Ik moest voorop en ik kon mijn stuur niet bewegen. Alleen mama kon sturen.
‘Maar ik wil nooit meer in de vuurtoren, want er stonden standbeelden onderweg naar boven waar ik van schrok. Toen dacht ik echt: hier moet ik snel voorbij. Haasten, haasten, haasten. Maar het leken wel duizend trappen.’
Wat denk je dat je over tien jaar doet?
‘Dan ben ik een ninja. Ik ben dol op ninja’s, die zijn cool. Ze werken in hun eentje en vechten ook in hun eentje, met een wapenstok. Maar ik zit ook te twijfelen om een gorgel te worden, of om vriendjes met een gorgel te worden. Die ga ik vinden in het gorgelbos.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant