Fotografie Naar aanleiding van het overlijden van Martin Parr eind vorig jaar stelde Foam snel een kleine tentoonstelling samen met het veelzijdige werk van de wereldberoemde Britse fotograaf. Maar misschien had Foam de bezoeker een groter plezier gedaan door wat langer te wachten en een mooi groot retrospectief te maken.
New Brighton, 1985. Uit de serie 'The Last Resort'.
Eigenlijk stond er voor deze zomer iets heel anders op het programma; een overzichtstentoonstelling met werk van de Italiaanse fotografe Lisetta Carmi, die in de jaren 60 en de decennia daarna in haar land de lhbti-community vastlegde. Maar toen in december van 2025 de wereldberoemde Britse fotograaf Martin Parr overleed, en bovendien door een verduurzaming van het museum de helft van de zaalcapaciteit van het museum langer dan gepland niet beschikbaar bleek, besloot het Amsterdamse fotomuseum Foam de plannen om te gooien.
Martin Parr, Very Modern and Rather Ugly. T/m 12 augustus in Foam Amsterdam. Info: foam.org
In plaats van Carmi is er nu tot augustus een kleine tentoonstelling (twee bescheiden zalen en een gang) te zien met werk van Parr, ‘meesterfotograaf van het alledaagse’, die naam maakte met vooral zijn hyperverzadigde kleurenfoto’s waarin vaak de Westerse consumptiedrift centraal staat – soms grappig en vol genegenheid, soms vilein, vaak een mix van beide. Foam toont uit het enorme oeuvre van Parr drie series: The Non-Conformists (midden jaren zeventig, nog in zwart-wit),The Last Resort (1983-85) en Common Sense (1999). Daarnaast is er een zaal met zelfportretten en is er een selectie van de ruim 180 fotoboeken die hij publiceerde of waarvan hij redacteur was. Zo zijn alle drie de delen van The Photobook: A History (2004-2014) te zien, waarmee Parr samen met kunsthistoricus Gerry Badger een indrukwekkende en gezaghebbende bloemlezing samenstelde van ’s werelds beste fotoboeken.
West Yorkshire. Todmorden. Mayor of Todmorden’s inaugural banquet, 1977. Uit de serie ‘The Non-Conformists’.
New Brighton, 1985. Uit de serie ‘The Last Resort’.
Het is vrij ongebruikelijk dat een museum op zo’n korte termijn nog schakelt in de programmering – goede connecties tussen Foam en de Martin Parr Foundation en fotoagentschap Magnum, die zijn nalatenschap beheren, maakten dit mogelijk. En dat is knap. Het is een frisse tentoonstelling, de muren zijn vrolijk roze en lila, de foto’s soms metersgroot opgeblazen waardoor ze een hele wand vullen, de kleuren en de afbeeldingen knallen van de muren. De zaal waarin 264 foto’s van de serie Common Sense te zien zijn in een grid van 12×22 – met afbeeldingen van, tja, wat allemaal: poedels, roodgelakte nagels, smiley’s, ijsjes, poppen en heel veel eten: ijsjes, taartjes, pudding, patat – is een ware beeldexplosie. De vroege, wat meer ingetogen zwart-witfoto’s van The Non-Conformists, die in een wat krappe gang hangen, imponeren. Parr maakte ze in het dorpje Hebden Bridge in Yorkshire, waar hij en zijn vrouw vijf jaar woonden, en ze hebben al die typische humorvolle twists die zo kenmerkend zijn voor Parrs oeuvre.
Maar het voelt een beetje incompleet.
Heb je een tentoonstelling van een fotograaf die bekendstaat als een van de meest invloedrijke van de laatste decennia, met een roemrijke carrière van een halve eeuw waarin hij vele prijzen won en zijn werk internationaal overal tentoonstelde, maak je daar in snel tempo een kleine expositie van, een proefje, een kennismaking. De laatste tentoonstellingen van Parr in Nederland dateren alweer van zo’n twintig jaar geleden: in 2003 stelde de Kunsthal een oeuvreoverzicht samen, fotofestival Breda Photo presenteerde in 2008 het omvangrijke ParrWorld. Waarom nu niet langer gewacht en een mooi groot retrospectief samengesteld? In Jeu de Paume, het fraaie en compacte museum in de Parijse Jardin des Tuileries, is op dit moment (tot 24 mei) een groots overzicht van Parr te zien. De expositie stond al gepland voor Parrs overlijden en blijkt een van de meest succesvolle van het museum ooit – de openingstijden zijn speciaal voor deze tentoonstelling verruimd. Had Foam de bezoeker niet een groter plezier gedaan met een dergelijk, completer overzicht, dan maar wat later?
Crimsworth Dean Methodist Chapel, 1977. Uit de serie ‘The Non-Conformists’.
Benidorm, Spanje, 1997. Uit de serie ‘Common Sense’.
Italy, Rome, 1997. Uit de serie ‘Common Sense’.
Spain. Benidorm, 1997. Uit de serie ‘Autoportrait’.
Thailand, Bangkok, 1998. Uit de serie ‘Common Sense’.
Los van het áántal werken – ook een kleine expositie kan natuurlijk een goede expositie zijn – gaan de zaalteksten niet echt in op de belangrijke aspecten van de hedendaagse beeldcultuur waaraan Parr, bedoeld of onbedoeld, raakt. Zijn werk gaat niet alleen over het consumentisme van de mensen op de foto’s, maar raakt ook aan hoe wíj als kijkers beelden consumeren: die 264 foto’s uit Common Sense doen ook denken aan hoe wij gedachteloos door Instagram scrollen, van het ene beeld naar het andere, om daarna weer subiet te vergeten wat we zagen. Parrs werk raakt aan het vraagstuk van privacy – ben je loslopend wild zodra je je in de publieke ruimte begeeft en mag je foto dan overal gedeeld worden? En zijn foto’s roepen vraagstukken op over klasse en macht: wie fotografeert wie?
Toen Parr in de jaren 80 The Last Resort maakte, kwam hem dat op veel kritiek te staan: een middle-class fotograaf die geamuseerd de Britse arbeidersklasse vastlegt tijdens een dagje aan het strand bij Brighton, roodverbrand, zwetend, tussen bergen troep en afval, fish & chips en krijsende kinderen. Er werd hem wreedheid verweten, en neerbuigendheid. Als kijker weet je eigenlijk ook niet zo goed wat je van deze foto’s moet vinden. Is het liefdevolle humor? Zit er een oordeel in? Parr zelf heeft altijd benadrukt gewoon te fotograferen wat hij ziet – maar zien is natuurlijk nooit neutraal. Het is keuzes maken, een standpunt innemen.
Dat Parr meestal vooral luchtig en grappig over zijn werk deed siert hem, in een kunstwereld waarin discussies en betekenissen soms topzwaar zijn. Aan de andere kant lijkt die naïviteit ook gespeeld – van iemand die zo succesvol is, die jarenlang voorzitter was van het prestigieuze Magnum, die in zijn woonplaats Bristol de Martin Parr Foundation opzette waarmee hij niet alleen zijn eigen werk maar ook dat van andere Britse fotografen promootte, verwacht je dat in elk geval niet.
Het werk van Parr is interessant, gelaagd, in zo veel aspecten, en er valt zoveel over te zeggen, dat je simpelweg méér wil.