Home

De geruchtmakende moordzaak van de scharrelaar en de beeldschone bad boy

True crime De Franse filmster Alain Delon had de uitstraling van een bad boy. Niet ten onrechte, zo bleek tijdens een nog altijd onopgeloste moordzaak, die Frankrijk in 1968 deed daveren. De Britse schrijver Edward Chisholm duikt diep in de affaire.

Alain Delon op de set van Le Chemin des Ecoliers.

Veel Fransen van een zekere leeftijd herinneren zich de affaire-Marković, maar meestal vaagjes – de brute moord op een ‘lijfwacht’ van filmster Alain Delon in 1968, geruchten over chantage met foto’s van seksuele uitspattingen in de hoogste kringen, waarbij de reputatie van Claude, de vrouw van de latere president Georges Pompidou, beschadigd raakte. De verdachtmakingen schoten indertijd alle kanten op, zoals dat gaat bij Franse schandalen, getuigen buitelden over elkaar heen met uitzinnige en elkaar vaak tegensprekende verklaringen, waardoor de waarheid steeds verder uit zicht raakte. Misschien daarom bleef de moord op de 31-jarige Joegoslaaf Stevan Marković tot op de dag van vandaag onopgelost.

Edward Chisholm: Murder in Paris ’68; A True Story of Death and Glamour. Monoray, 408 blz. € 23,90

Het schandaal bleef kleven aan Claude Pompidou, maar ook aan Alain Delon, de filmster die in zich in zijn jonge jaren openlijk omringde met maffiose figuren, wat hem een aura gaf van gevaarlijke bad boy. In vrijwel alle necrologieën bij zijn dood twee jaar geleden ging het minstens een alinea over de affaire-Marković.

Maar hoe zat het nu precies? De jonge Britse schrijver Edward Chisholm, die een paar jaar geleden debuteerde met een vermakelijk en bij vlagen onthutsend relaas van zijn jaren als ober in Parijse restaurants, A Waiter in Paris, stuitte bij toeval in een bibliotheek op een map met knipsels over de affaire. Hij raakte gefascineerd door de duistere glamour waarmee de moord omringd was, vooral door de figuur in het middelpunt ervan: de jonge Delon, zijn panterachtige persoonlijkheid, de verblindende schoonheid die zowel vrouwen als mannen in beroering bracht, de ongrijpbare manier waarmee hij de grens tussen zijn rollen, vaak koelbloedige moordenaars of nietsontziende politiemannen, en zijn persoonlijk leven liet vervagen. Murder in Paris ’68, schrijft Chisholm in zijn inleiding, is het resultaat van jarenlang onderzoek in de archieven. Hij las ‘duizenden documenten van de Franse politie en inlichtingendiensten, getuigenverklaringen, surveillancerapporten, krantenknipsels, biografieën en gesprekken met direct betrokkenen.’

In zijn boek probeert hij de betrokken personages zo dicht mogelijk op de huid te zitten, waarbij hij ze neerzet als personages in een roman, met gedachten en dialogen en al. Allemaal gestaafd, zegt hij, door feiten. En die roman lijkt dan opvallend veel op de klassieker The Talented Mr. Ripley van Patricia Highsmith, waarin een ogenschijnlijk onzekere jonge man steeds dieper doordringt in het leven van een geslaagde vriend, hem vermoordt en zijn identiteit aanneemt. Alain Delon speelde Ripley in de eerste verfilming van het boek, getiteld Plein Soleil (1960).

Maar in het echte leven, aldus Chisholm, werden de rollen uiteindelijk omgedraaid: het was de Ripley-figuur zelf die zijn hand overspeelde en slachtoffer werd. Stevan Markovic was een jonge, goed uitziende gelukszoeker uit Belgrado, die via criminele contacten in de kringen rond Delon belandt. Hij verricht hand en spandiensten voor hem, mag in films de stand-in van Delon zijn, trekt zelfs in bij hem in zijn enorme huis in het chique 8ste arrondissement van Parijs. Wanneer zijn zwaargehavende lichaam wordt gevonden – hij is in zijn achterhoofd geschoten, maar zijn schedel is ook ingeslagen met een zwaar voorwerp – blijkt hij kleren van Delon te dragen.

Vernederingen

Wat hadden de twee jonge mannen met elkaar? Al tijdens Delons leven waren er openlijk speculaties over homoseksuele relaties van de acteur, waarover hij superieur laconiek zijn schouders ophaalde. Chisholm sluit ook niet uit dat de twee mannen iets met elkaar hadden, Stevan Marković zette alle middelen in om in de verslavende wereld van Delon en zijn toenmalige vrouw Nathalie door te dringen. Maar de verhoudingen waren ongelijk, en Chisholm laat goed zien hoe de ‘huisvriend’ Stevan, die volop deel uitmaakte van het zonovergoten jet-set-leven van het glamourkoppel, er tegelijkertijd nooit helemaal bijhoorde, altijd in een ondergeschikte positie verkeerde. Hij was niet officieel bij Delon in dienst, leefde van wat hem af en toe toegeworpen werd – soms, heel vernederend, waar anderen bij waren – en moest hem keer op keer vragen een verblijfsvergunning voor hem te regelen, wat beloofd werd maar steeds achteloos vooruitgeschoven.

Van links naar rechts, met sigaret: Nathalie Delon, haar echtgenoot Alain Delon en hun lijfwacht Stevan Marković. De namen van de andere mannen op de foto zijn onbekend.

Zijn bestaan in de spotlights bekostigde hij met inbraken en diefstal, waarbij hij regelmatig tegen de lamp liep. Wanneer hij een keer inbreekt in het Parijse vijfsterrenhotel Georges V, steelt hij onder andere een prachtige zijden kimono van een Japanse gast, die hij vervolgens aan zijn vriend Alain cadeau doet. Die staat hem zoals verwacht ongelofelijk goed, hij is er zo blij mee dat hij hem draagt in zijn volgende film – waarna de ziedende eigenaar zich meldt.

Op dat moment verkeert de relatie tussen de mannen al in staat van ontbinding. Marković steelt geld via blanco cheques die Delon hem nonchalant heeft toevertrouwd. Wanneer het echtpaar Delon op een scheiding aankoerst, begint een Stevan een kortstondige verhouding met Nathalie. Wanneer hij vrijwel meteen lukraak door haar aan de kant wordt gezet, wordt hij heen weer geslingerd door wraakzucht en angst – heeft Nathalie het aan Alain verteld? Volgens latere getuigen is hij van plan de Delons te chanteren met compromitterende foto’s of met het publiceren van een schandaalboek.

Onverstoorbare crimineel

Wanneer zijn zwaar verminkte lichaam, gewikkeld in een plastic hoes, gevonden wordt in de bossen in de buurt van Versailles, ontkent Delon elke innige band met hem, hij was gewoon een goede kennis en ze zagen elkaar zelden meer. Niettemin worden hij en Nathalie verschillende malen urenlang verhoord. De verdenking valt al snel op een met Delon bevriende Corsicaanse gangster, François Marcantoni, een voormalige verzetsstrijder, gemarteld door de Duitse bezetter, die zich vervolgens ontpopt heeft als een onverstoorbare crimineel met een uitgestreken gezicht. De plastic hoes waarin het lichaam van Marković was gewikkeld blijkt vrijwel zeker afkomstig uit diens huis in de buurt. Marcantoni wordt een tijdlang vastgezet, maar wegens gebrek aan bewijs weer vrijgelaten. De affaire-Marković is dan inmiddels een mediaspektakel geworden, met een politieke dimensie. Op een gegeven moment moet een stokoude Charles de Gaulle, in zijn nadagen als politiek leider, zich bezighouden met de vermeende lesbische orgieën van de vrouw van zijn gedoodverfde opvolger.

Volgens Chisholm is die hele politieke dimensie behendig ingestoken door de criminele kringen rondom Delon, enkel om de boel af te leiden. Zoals hij het vertelt, is dat geloofwaardig. De Ripley-achtige dynamiek tussen de twee mannen, de bewondering van de kansarme scharrelaar uit Belgrado voor Delon met zijn magnetische persoonlijkheid die langzaam maar zeker plaatsmaakt voor verlatingsangst en gekrenktheid, waarna hij zijn hand overspeelt, wordt door hem overtuigend beschreven – zij het af en toe in proza dat in opzichtig effectbejag hoogdravend wordt. Een beetje jammer is dat, en onnodig, want het verhaal van Murder in Paris ’68 als geheel is fascinerend en meeslepend genoeg om in één ruk uit te lezen.

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next