De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) waarschuwt dat Nederland in de toekomst mogelijk niet meer vanzelfsprekend schoon drinkwater uit de kraan heeft, als er nu geen stevige maatregelen worden genomen. In een donderdag gepubliceerd advies stelt de raad dat zowel de hoeveelheid als de kwaliteit van het drinkwater steeds meer onder druk staan.
Volgens de Rli speelt klimaatverandering een belangrijke rol. Door vaker voorkomende droogte en hogere temperaturen verdampt er meer water, terwijl de vraag naar water juist stijgt. Ongeveer 40 procent van het Nederlandse drinkwater komt uit rivieren en meren. Als er in droge periodes minder water in die oppervlaktebronnen zit, wordt het lastiger om genoeg drinkwater te produceren.
De rest van het drinkwater, zo’n 60 procent, wordt gewonnen uit grondwater. Die bronnen raken volgens de raad steeds zwaarder vervuild door stoffen uit de industrie, mest, bestrijdingsmiddelen en medicijnresten. Drinkwaterbedrijven waarschuwen al langer dat vervuild water niet altijd meer goed te zuiveren is. De Rli sluit zich daarbij aan en stelt dat "zonder stevig ingrijpen het probleem van vervuilingen richting het einde van deze eeuw steeds prangender wordt".
De raad vindt dat de minister van Infrastructuur en Waterstaat drinkwater veel hoger moet prioriteren bij keuzes over de schaarse ruimte. Bij conflicten tussen belangen als woningbouw, landbouw, industrie en energieprojecten zou de drinkwatervoorziening nu te vaak het onderspit delven. Zo mogen bedrijven oppervlaktewater veel gebruiken voor koeling en wordt de grondwaterstand geregeld laag gehouden voor de landbouw, waardoor er minder ruimte is om voldoende en schoon drinkwater veilig te stellen.
Daarnaast gebruiken Nederlanders de laatste jaren weer meer water per persoon. Na een daling tussen 2003 en 2018 neemt het verbruik sinds enkele jaren weer toe, mede door luxe regendouches, grote zwembaden in tuinen en het extra sproeien van planten. Tegelijkertijd wordt volgens de Rli nog te weinig gedaan met alternatieve bronnen, zoals hergebruik van afvalwater, het zuiveren van regenwater of ontzilting van zeewater. Zulke oplossingen zijn nu nog duur en energie-intensief en worden ook geremd door wet- en regelgeving, maar de raad benadrukt dat innovatie op dit vlak na 2050 cruciaal wordt.
De Rli onderstreept dat er op korte termijn geen reden is voor paniek. Het kraanwater in Nederland is nog steeds van zeer hoge kwaliteit en veilig om te drinken. Juist om die positie te behouden, moeten overheid, waterbedrijven en andere sectoren nu beginnen met langdurige veranderingen in beleid, wetgeving en techniek. Omdat het ontwikkelen van nieuwe methoden en het aanpassen van regels jaren kost, is volgens de raad tijdig handelen noodzakelijk om ook in de toekomst zeker te zijn van genoeg schoon drinkwater.
Straks mogelijk geen water meer uit de kraan (Afbeelding: Grok AI / FOK.nl)
Source: Fok frontpage