De nasleep van de verijdelde aanslag op Donald Trump is een herhaling van zetten. Net als eerdere keren, en zonder bewijs, wijzen Republikeinen naar Democratische retoriek als oorzaak. ‘Links heeft weer geprobeerd om Trump te vermoorden.’
is correspondent Verenigde Staten van de Volkskrant. Hij woont in New York.
Gekleed in een helblauw gevangenistenue verschijnt Cole Tomas Allen maandag voor de rechter. De man die vorige week met een jachtgeweer, pistool en drie messen van Los Angeles naar Washington reisde, een dagenlange treintocht van duizenden kilometers, om daar zaterdag een balzaal te bestormen waar Donald Trump zat te dineren, beantwoordt beleefd vragen van de rechter. Zwijgend hoort Allen dat hem levenslang boven het hoofd hangt.
Er bestaat volgens justitie geen twijfel over zijn motieven. ‘Vergis je niet’, zegt procureur-generaal Jeanine Pirro maandag. ‘Dit was een liquidatiepoging op de president van de Verenigde Staten.’
Het voelt voor Amerikanen inmiddels als een macabere herhaling van zetten. Wéér een mislukte aanslag op Trump, die in 2024 als kandidaat door zijn oor werd geschoten en later dat jaar op zijn golfbaan met een geweer werd benaderd. Weer een verdachte wiens omgeving bezweert dat niemand dit zag aankomen. En opnieuw een politieke reactie die, in plaats van eenheid en verzoening te prediken, juist aanstuurt op verdere verdeeldheid.
Het Witte Huis wacht maandag geen moment met vingerwijzen. ‘Dit politieke geweld komt voort uit een systematische demonisering van de president en zijn aanhangers’, fulmineert voorlichter Karoline Leavitt tijdens een persconferentie. ‘Door opiniemakers, ja, door verkozen leden van de Democratische Partij en zelfs sommigen in de media.’
Trump en zijn getrouwen spreken van een ‘linkse cultus van haat’. Degenen die Trump een ‘gevaar voor de democratie’ noemen, beweert Leavitt, hebben ons ‘gebracht tot dit duistere moment’. Volgens senator Tim Scott ‘heeft links weer geprobeerd om Trump te vermoorden’.
Democratische prominenten zijn eensgezind zijn in hun veroordeling van politiek geweld, maar dat mag niet baten. Hetzelfde riedeltje voltrok zich na de eerdere aanslagen op Trump en de liquidatie, afgelopen jaar, van de rechtse influencer Charlie Kirk.
Republikeinen wijzen naar links, en negeren onderwijl alle keren dat juist Trump zijn boekje te buiten ging. Zoals wanneer hij progressieven wegzet als ‘kwaadaardig’ of ‘de vijand van binnenuit’. Dat hij migranten ‘geen mensen’ noemt, maar ‘ongedierte’. Of vorige maand, toen Trump jubelde na het overlijden van aanklager Robert Mueller: ‘Goed, ik ben blij dat hij dood is.’
De eerste aanslag op Trumps leven vormde in 2024 een kantelpunt in zijn campagne als presidentskandidaat. Een foto met bebloed gezicht en geheven vuist werd op slag iconisch. De Republikeinse achterban verenigde zich vierkant achter hem, zwevende kiezers zagen Trump opeens in een ander licht. Hier stond een leider. Dit was een man.
Destijds kreeg Trumps populariteit een meetbare opkikker, met name onder jonge mannelijke kiezers. Het lijkt onwaarschijnlijk dat deze nieuwe poging op zijn leven even invloedrijk zal blijken.
Politieke kandidaten profiteren vaak van grote gebeurtenissen: ze breken voor even door de nieuwsstroom heen, en weten minder geëngageerde kiezers te bereiken met hun boodschap. Maar nu is Trump de zittende president – die ook nog eens kampt met toenemende problemen.
Afgelopen maanden daalde Trumps populariteit tot een historisch dieptepunt. Hij begon een oorlog met Iran en ontregelde de economie met wispelturig beleid. Teleurgestelde kiezers zeggen massaal te verlangen naar meer stabiliteit. Een nieuwe cyclus van politiek geweld en aansluitende retoriek, lijkt daarvan zo’n beetje de antithese.
Republikeinen gebruiken deze laatste aanslag dan ook niet zozeer om Trumps imago op te vijzelen, als wel dat van één van zijn passieprojecten: de bouw van een balzaal aan het Witte Huis. Daar is Trump al maanden mee bezig. De historische oostvleugel liet hij al neerhalen onder luid protest.
Nu zien Republikeinen een kans om hun sceptische kiezers warm te maken voor een miljoenenproject dat Trump, ondanks weerstand in de peilingen en vanuit de rechtbank, maar niet wil laten varen.
Dit gewelddadige politieke klimaat, beargumenteren Republikeinen nu, rechtvaardigt het om miljoenen dollars uit te geven aan die opzichtige verbouwing. Was het White House Correspondents’ Dinner in zo’n beveiligde omgeving gehouden, dan was iemand als Cole Tomas Allen immers nooit zo dichtbij gekomen.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant