Home

Lena Dunham is altijd dodelijk eerlijk geweest, maar soms vraag ik me af hoe prettig die eerlijkheid is

is columnist voor de Volkskrant

Soms vraag ik me af of mijn telefoon en leeftijd mijn concentratievermogen om zeep hebben geholpen, maar dan raak ik ineens zo in een boek verzeild dat ik weer gerustgesteld ben. Ik kan me heus nog wel concentreren, zeker als ik het relaas lees van een beroemde vrouw van 40 die terugkijkt op een loopbaan vol schandalen, ziekte en verslavingen.

Lena Dunham dus, met haar nieuwe boek Famesick, nu op nummer 1 in Amerika – dit najaar komt het vertaald uit bij uitgeverij Meulenhoff. Dunham werd als vroege twintiger wereldberoemd met haar serie Girls.

Het woord famesick kun je op vele manieren uitleggen, denk ik: een zieke hang naar roem, ziek ván de roem, en ook: ziek en beroemd tegelijk. Dat was Dunham, want behalve last van beroemdheid had ze ook endometriose en het Ehlers Danlos-syndroom, beide pas laat ontdekt, waardoor ze intense pijn en vele andere klachten had. Daarvoor, en om de onrust te bestrijden die haar roem met zich meebracht, slikte ze pijnstillers en kalmeringsmiddelen, waar ze aan verslaafd raakte.

‘Als je beroemd bent, in tegenstelling tot als je ziek bent, vindt niemand dat zielig voor je’, is een van de oneliners in het boek. Een andere goeie term vind ik ‘aangeleerde hulpeloosheid’: als je beroemd wordt, raak je eraan gewend dat mensen constant kleding, eten, hulp en te veel medicatie voor je aanslepen, en leer je nooit op je eigen twee wankele voetjes te staan.

Een van de zieligste momenten waarop roem en ziekten elkaar kruisen is een gesprek tussen Dunham en Jenni Konner, jarenlang Dunhams creatieve partner, beste vriendin én moederfiguur (je ziet al waar dat kan misgaan). Dunham zegt dat ze een paar maanden vrij wil nemen van hun werk, omdat ze uitgeput is van het ziek zijn. ‘Of de rest van het jaar, of twee jaar’, zegt Konner cynisch. ‘En dan gaan mijn kinderen zelf wel voor de universiteit betalen.’

Het is die intense druk – de verantwoordelijkheid voor tientallen mensen die in haar Girls-imperium werken – waaronder Dunham steeds bijna bezwijkt, maar ze lapt zichzelf alsmaar weer op met Klonopin, Percocet, de zoveelste verslavende man en de liefde van vooral haar vader, en gaat door.

Dunham is altijd dodelijk eerlijk over zichzelf geweest, en dat is een mooie eigenschap, maar soms vraag ik me af hoe prettig die eerlijkheid voor andere mensen is. Voor Jenni Konner, maar bijvoorbeeld ook voor het junkachtige vriendje dat Dunham tijdens een dieptepunt opduikelt, en die, nadat het uit is, maanden later door haar vader wordt aangetroffen als hij bloot en laveloos voor de voordeur van haar ouders ligt. Moet die jongen, niet beroemd maar wel ziek, niet in bescherming worden genomen?

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Source: Volkskrant

Previous

Next