E-bikes, bakfietsen en Biro’s winnen snel aan populariteit, maar de beschikbare ruimte voor deze vervoersmiddelen blijft achter. Deskundigen vertellen aan NU.nl dat zowel fietspaden als parkeerplekken vaak nog onvoldoende ingericht zijn op het veranderende fietslandschap.
"De auto is dominant, daar is het land op ingericht. Die filosofie is nu aan het veranderen", zegt verkeersdeskundige Jeroen Weppner. E-bikes en light electric vehicles (LEV), lichte elektrische voertuigen zoals de e-step en de brommobiel, zijn na een vlucht van tien jaar niet meer weg te denken van de Nederlandse wegen.
"Veel van de fietspaden moeten echt breder worden", zegt Jaap Kamminga van de Fietsersbond. Dat is nodig vanwege de snelheid en de omvang van de fietsen. Verkeersdeskundige Paul van de Coevering: "Zware bakfietsen en fatbikes zijn qua breedte eigenlijk zo breed als een scooter". Daarnaast ziet de lector dat niet alleen jongeren, maar ook ouderen ontzettend hard rijden. "Dat is ook gevaarzetting, ondanks dat ze dat zelf niet doorhebben."
In 2007 was slechts 6 procent van alle verkochte fietsen elektrisch. In 2025 was 49 procent van de nieuw verkochte fietsen een e-bike. Het aantal brommobielen, waar biro's (elektrische microcars) en andere microcars onder vallen, steeg van 2020 tot 2025 met 42 procent.
Maar de steden zijn niet ingericht op deze ontwikkeling. "Onze infrastructuur is nog heel zwart-wit ingedeeld", Van de Coevering. Je hoort of bij de auto's op de weg, of bij de fietsers op het pad. "Maar het grijze gebied daartussen wordt groter, en belandt nu grotendeels op het fietspad."
Veel fietspaden zijn in de jaren negentig gerealiseerd, legt Kamminga uit. Daarbij werd uitgegaan van de standaard fiets en een stuk minder fietsers. De Fietsersbond is met gemeenten in gesprek om fietspaden aan te passen, maar dat is een traag proces. Kamminga: "Een fietspad dat er eenmaal ligt, gaat misschien wel dertig jaar mee."
Naast de weg is er ook discussie over parkeren. In stedelijk gebieden vervangt de bakfiets bijvoorbeeld steeds vaker de auto. Voor de auto is het aantal parkeerplekken in de stad beperkt en zijn de kosten doorgaans hoog, maar het parkeren van e-bikes en LEV's wordt ook een steeds groter probleem.
Zoiets simpels als een fiets neerzetten wordt een steeds groter vraagstuk. Bijna nergens is dit zo zichtbaar als bij een station. Zo past een bakfiets niet in het bovenste rek en zijn fatbikebanden te dik voor de rekken. Door het hele land zijn stations en gemeenten bezig om parkeerplaatsen en stallingen aan te passen.
Zo heeft de grootste fietsenstelling ter wereld bij Utrecht Centraal een apart gedeelte voor speciale fietsen, maar volgens Kamminga zijn de meeste fietsenstallingen nog niet genoeg aangepast. "Over het algemeen staat het alsnog vol en is het nog niet voldoende."
Er zijn ook steeds meer fietsstallingen waar de ruimte gaat naar vakken in plaats van rekken. Zo is in Haarlem een plein gereserveerd voor bakfietsen. Van de Coevering: "Maar dan kom je weer bij een andere uitdaging: dan kan je je fiets niet meer vastzetten."
Volgens Van de Coevering is het ook politieke vraag. "Wil je daar meer plek voor reserveren? Want op dit soort dure plekken, bij stations, is het een grote kostenpost om zo veel ruimte in te nemen." Dat levert gelijk te de volgende vraag op. "Kan je gratis een bakfiets de hele dag ergens neerzetten? Dat zijn vragen waar we over na moeten denken."
Naast stations is er veel discussie over parkeerplekken bij gebiedsontwikkelingen, vooral over de plek van bakfietsen en scooters. Van de Coevering: "Zo mogen ze niet in de parkeergarages, maar ook niet in de openbare ruimte. Dat levert steeds meer discussies op, ook onder bewoners."
Amsterdam is wat initiatieven betreft een voorloper. In sommige woonwijken veranderen parkeerplaatsen in plek voor deelfietsen of -bakfietsen, vertelt Weppner. "Dat zijn lokale mobiliteitshubs, om inwoners te stimuleren hun verplaatsing in de stad niet met de auto te doen. Die trend zie je wel ontwikkelen." Na een positieve pilot zet de gemeente ruim in op de deelbakfiets.
Weppner ziet dat deze fietsvragen steeds belangrijker worden in gemeenten als Amsterdam, Eindhoven en Rotterdam. Die breiden niet meer uit, maar herontwikkelen in de bestaande stad, zoals op oude bedrijventerreinen.
Zo is er rond het station in Eindhoven een woningbouwproject waar een op de vijf huishoudens een voertuig kan parkeren. "Dat betekent dat je je verplaatsing op een andere manier moet regelen. Deels met openbaar vervoer, je woont immers naast het station, maar ook met de fiets."
Source: Nu.nl algemeen