Home

Faust is een volbloed Pessoa-personage. Hij leeft het leven niet, hij dénkt het leven

Fernando Pessoa schreef behalve poëzie en proza óók toneelstukken. Daarvan kunnen we nu ten volle genieten dankzij Harrie Lemmens, die een vitale vertaling maakte van Pessoa’s omvangrijke Faust.

is boekenrecensent van de Volkskrant. Hij is hispanist en vertaler.

Fernando Pessoa had geen haast om de wereld ervan te overtuigen dat hij een groot schrijver was. Tijdens zijn leven verscheen slechts één boek in zijn eigen taal van hem (de dichtbundel Mensagem). Verder publiceerde hij regelmatig in tijdschriften. Dat was al met al nog geen fractie van wat hij allemaal op papier zette.

Na zijn dood in 1935 liet hij een kist na met zo’n 25 duizend pagina’s aan manuscripten van veelal onvoltooide werken, die in de loop van vele jaren stukje bij beetje werden uitgegeven en vertaald.

Daarbij was er vooral aandacht voor Pessoa’s poëzie en proza. Toch zag Pessoa zichzelf vooral als dramaturg, en dat is eigenlijk niet zo verwonderlijk. Want is zijn werk niet één grote verzameling performances?

Neem alleen al heteroniemen als Alberto Caeiro, Ricardo Reis en Álvaro de Campos, de dichters die Pessoa verzon met alle drie een eigen biografie, een eigen persoonlijkheid en een eigen oeuvre. Ook zijn bekendste prozawerk, Het boek der rusteloosheid, schreef Pessoa niet toe aan zichzelf, maar aan een schrijver die hij uit zijn duim had gezogen (al had hij veel van hemzelf weg): Bernardo Soares.

Vitale vertaling

Minder bekend is dat Pessoa ook een toneelschrijver was in de strikte zin van het woord. Daarvan kunnen we in onze taal nu ten volle genieten dankzij Harrie Lemmens, die een vitale vertaling maakte van het omvangrijke toneelstuk in dichtvorm Faust.

De Portugese schrijver werkte er zo’n vijfentwintig jaar aan zonder ook maar in de buurt van een afronding te komen. En dat merk je. Er vallen nogal wat gaten in de dichtregels en tussen de verschillende fragmenten. Maar gelukkig had Pessoa wel de opzet op papier gezet: vijf bedrijven, vier entr’actes en een epiloog.

Wat ook hielp was dat in die opzet bondige samenvattingen van de vijf bedrijven stonden. Die suggereren al dat Pessoa een heel andere Faust had geschreven dan Goethe (die overigens even het woord krijgt in Pessoa’s tekst, net als Shakespeare, Boeddha en Christus).

Verstand

In het eerste bedrijf wil ‘het Verstand (…) het Leven begrijpen’. Het tweede bedrijf gaat over ‘de strijd van het verstand om richting te geven aan het leven’. In het derde zijn we getuige van ‘de worsteling van het verstand (…) om zich aan te passen aan het leven’, terwijl het vierde gaat over Fausts poging ‘om het leven op te heffen’. In het vijfde bedrijf markeert de dood ‘het uiteindelijke falen van het verstand tegenover het leven’.

Verstand, dat is het sleutelwoord. Pessoa’s Faust speelt zich af in het hoofd en dat is een fundamenteel verschil met Goethes werk, waarin Faust een reis in de ‘echte’ werkelijkheid maakt. Dialogen zijn spaarzaam, monologen voeren de boventoon bij Pessoa. Zo volgen én beleven we de verschillende fasen van Fausts pogingen om zich met zijn verstand te verhouden tot het bestaan. ‘Het grootste mysterie van het heelal’, zo wanhoopt Faust, is ‘dat bestaan bestaat’. Opgaan in het leven, die roes is hem niet gegeven. Niet via de drank, niet via de liefde, niet via het geloof, niet via een actief leven.

Denken, taal: dat is Fausts ding. Maar hoe superieur hij zich in beide ook betoont (dáár twijfelt de niet van megalomane trekjes gespeende Faust níét aan), hij vindt er geen verlossing. Zeker, de poëzie overstijgt de taal die is ‘bedacht voor het gewone, banale’. Maar ook de taal van de poëzie schiet tekort: ‘(…) wat ik er tevergeefs in wil leggen/ overstijgt zijn kracht en zijn strekking.’

Faust is een volbloed Pessoa-personage. Hij leeft het leven niet, hij dénkt het leven. Dat is zijn misère (de onherroepelijke gruwel van zijn bestaan) maar ook zijn grandeur (dit grandioze verslag van zijn innerlijke reis).

Fernando Pessoa: Faust. Uit het Portugees vertaald door Harrie Lemmens. De Arbeiderspers; 372 pagina’s; € 32,50.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next