Home

In Kesteren is de reformatorische kerk springlevend. ‘Jaloersmakend, die gemeenschapszin’

Een deels door de gemeenschap gefinancierde megakerk opent haar deuren in het Gelderse dorp Kesteren. Seculiere stemmen vrezen voor een reformatorische overmacht. Gelovigen van elders kijken jaloers naar de groeiende en opvallend jonge kerkgemeenschap.

Vreugdig. Een beter woord voor de stemming in de gereformeerde Rehobothkerk in Kesteren – met haar gitzwarte kansel en banken, beige vloerbedekking en sobere witte muren – is er niet.

Gezinnen en echtparen op leeftijd hebben geduldig in de rij gestaan om dit gloednieuwe, gigantische gebedshuis te betreden. Nu schuifelen ze door het licht aflopende gangpad. Hardop verwonderen ze zich over de liturgieborden (digitaal), de Bijbel op de kansel (gesloten; pas bij de eerste kerkdienst slaat de dominee hem open) en de ontwerptekening van het toekomstige kerkorgel – door een wachtlijst bij de orgelbouwer laat het daadwerkelijk instrument nog even op zich wachten.

‘De Heere heeft ruimte gemaakt’, concludeert de in Kesteren geboren Alize Tijssen verguld. En aan ruimte ontbrak het eerder de gereformeerden in Kesteren, een dorp met zo’n achtduizend inwoners in de Gelderse gemeente Neder-Betuwe.

Uitpuilende gereformeerde kerken

Waar veel kerken elders in Nederland leeglopen of sluiten, puilen de Betuwse gereformeerde kerken uit. De Rehobothkerk, die begin deze maand werd opgeleverd, biedt met haar 1.750 zitplaatsen ruimte aan een groeiende groep gelovigen. Op deze open dag toont ze zich voor het eerst aan de wereld.

‘Mijn vader is in de tachtig, hij heeft heel zijn leven gehoopt op een eigen kerkgemeente in Kesteren’, zegt Tijssen. De besloten opening enkele dagen eerder volgde hij online. ‘Wat appte hij nou?’ Tijssen kijkt op haar telefoon en toont het door de spellingscontrole verhaspelde bericht: ‘Ik vond het indruk weekend.’

Krachten gebundeld

Met ingetogen tevredenheid loopt Bas Martinu, lid van de bouwcommissie, voor de zoveelste keer door het gebouw. Langs de speciale vergaderruimte waar het kerkbestuur aan een reusachtige ovale houten tafel besprekingen kan houden. Langs de geldautomaten, waar kerkgangers muntgeld kunnen pinnen voor de collectes tijdens de dienst. En – wellicht zijn favoriet, hij duikt ervoor onder een afzettingslint door – langs een geavanceerd systeem dat de lucht filtert en verwarmt.

Voor de bouw bundelde de gereformeerde gemeenschap in Neder-Betuwe haar krachten. De kerk kocht de grond van een gereformeerde ontwikkelaar, een Kesterens familiebedrijf bouwde de kerk. Aan de begroting van 15 miljoen euro kwam geen banklening te pas. Een deel werd geleend bij de landelijke Gereformeerde Gemeenten, een deel kwam uit giften en collectes. ‘Er wonen hier veel ondernemers’, zegt een bezoeker van de open dag erover.

Martinu, die zelf een elektrotechniekbedrijf heeft, gaf daarnaast maandenlang elke zaterdag leiding aan een legertje vrijwilligers. ‘De een was timmerman, de ander interieurbouwer of betonwerker. Ook de fundering is geschonken en door vrijwilligers gelegd.’ Het scheelde, schat hij in, minstens twee ton aan kosten.

Dominant geloof

Een van de drijvende krachten achter de uitpuilende kerken in de regio dartelt om de kerk: de jeugd. Maar weinig bezoekers zijn zonder kinderen gekomen. Neder-Betuwe heeft een van de hoogste geboortecijfers van alle Nederlandse gemeenten en een hoog aandeel inwoners is onder de 25 jaar. ‘Het is een feit dat de reformatorische gemeenschap veel grote gezinnen telt’, legt SGP-wethouder Nees van Wolfswinkel via de telefoon uit. ‘We hebben in Neder-Betuwe sterke autonome groei.’

Maar al die jeugd houd je volgens Van Wolfswinkel niet zomaar vast. Daarom wordt er in Kesteren opvallend veel gebouwd: op verschillende nieuwbouwlocaties verrijzen de komende jaren meer dan duizend woningen. Telde het dorp in 2014 nog 5.100 inwoners, in 2030 zijn dat er waarschijnlijk ruim 9.000.

Vanwege het groeiende aantal reformatorische voorzieningen (naast de nieuwe kerk komt een basisschool, een middelbare school is er al) is die nieuwbouw aantrekkelijk voor gelovige gezinnen ‘van buitenaf’, stelt Van Wolfswinkel. ‘Maar veel nieuwkomers zijn ook niet-kerkelijk. Ik zit geregeld met niet-kerkelijke mensen uit de Randstad om de tafel voor bouwplannen.’

Absolute meerderheid

Toch vrezen seculiere stemmen in de gemeentepolitiek dat het geloof in Neder-Betuwe te dominant wordt. ‘Niet-gelovige inwoners voelen zich ‘tweederangs burgers’, zegt Anja Hulsbergen, fractievoorzitter van Gemeentebelangen, onlangs tegen Omroep Gelderland. Haar partij sloeg recentelijk alarm over een plan van een stichting om appartementen naast de nieuwe kerk op te kopen en enkel te verhuren aan kerkleden.

Feit is dat het aantal SGP-raadszetels in de afgelopen twintig jaar gestaag groeide van zes naar tien. Slechts één zetel kwam de partij afgelopen maart tekort voor een absolute meerderheid.

‘Jaloersmakend’

‘Zo’n jonge gemeente’, verzucht mevrouw Van Honk, een bezoekster van de open dag. ‘Wij gaan naar de hervormde kerk in Ingen, daar is het toch vooral erg grijs.’ De Rehobothkerk ligt op de bloesemfietsroute die ze met haar man aan het fietsen was.

Hoewel mevrouw Van Honk zelf niet snel in Kesteren zou gaan wonen, weet ze dat mensen van heinde en ver naar het dorp trekken. ‘Van Hardinxveld-Giessendam (in Zuid-Holland, red.) tot Friesland, mensen komen hierheen omdat ze gelovig zijn, dat is wat wij horen. Een soort mond-tot-mondreclame’, vertelt ze. Dan wat zachter: ‘Ik vind het eigenlijk jaloersmakend, die gemeenschapszin.’

Voor de in Kesteren geboren Tijssen zijn de nieuwkomers geen geruchten meer, maar mensen die ze heeft leren kennen bij diensten en bij vrijwilligersactiviteiten die voorafgingen aan de kerkopening.

‘Het voelt voor ons helemaal niet als ‘nieuwe mensen’’, zegt ze. Ze zoekt even naar woorden, maakt een gebaar alsof ze haar armen om denkbeeldige schouders slaat. ‘Veel mensen die hier komen, zijn al geïnteresseerd in het vormen van een gemeenschap. En wij hopen dat zij die deze gemeenschapszin nog niet kennen, die mogen leren kennen.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next