Het OM heeft dertig jaar cel geëist tegen een Syriër die verdacht wordt van foltering, marteling en seksueel geweld van landgenoten. De 58-jarige man zou een hoge functie hebben bekleed binnen een militie van de toenmalige dictator Bashar Al Assad.
De 57-jarige Rafik A. zou de misdaden waarvoor hij wordt vervolgd hebben gepleegd in 2013 en 2014 in het Syrische Salamiyah. A. zou een hoge functie hebben bekleed binnen de paramilitaire NDF, die banden had met het gewelddadige regime van Al Assad.
De NDF knapte vaak het vuile werk van het regime op, zoals het arresteren, opsluiten en verhoren van Syrische burgers. A. zou ook betrokken zijn bij het keihard neerslaan van vreedzame protesten tegen de regering van toenmalig president Al Assad.
Als verhoorder zou hij slachtoffers onder meer hebben geslagen met een kabel, opgehangen of onder stroom gezet. Ook zou hij bij de verhoren seksueel geweld hebben gebruikt. "Het is niet te bevatten wat voor impact deze gruwelijkheden op de slachtoffers hebben", zei de officier van justitie. Het proces in de rechtbank in Den Haag werd bijgewoond door een aantal Syriërs dat de martelingen overleefde.
A. vluchtte in 2021 naar het Gelderse Druten, waar hij in december 2023 werd aangehouden na een tip van een mensenrechtenadvocaat. Hij ontkent de beschuldigingen en beweert dat hij juist een tegenstander was van het regime. Bij het begin van zijn proces zei A. dat de zaak tegen hem een "samenzwering" was.
In totaal getuigden negen mensen op eigen naam tegen de verdachte. Dat maakt het proces tegen A. tot een bijzondere zaak, zegt het Openbaar Ministerie (OM).
De verdachte wordt in totaal beschuldigd van 25 strafbare feiten, waaronder een misdrijf tegen de menselijkheid. Dat A. zelf een leidinggevende rol op zich nam en zich uiterst wreed opstelde, draagt bij aan de ernst van de zaak, stelt het OM.
De officieren van justitie vinden dat een celstraf van dertig jaar daarom gepast is. De zaak gaat donderdag verder met het pleidooi van de advocaten van A. Naar verwachting doet de rechtbank op 9 juni uitspraak in deze zaak.
Source: Nu.nl algemeen