Lezersbrieven Een stalbrand is vooral traumatisch voor dieren, rebellie betekent soms regels juist wél volgen en waarom is er zoveel aandacht aan het koninklijke bezoek aan de Verenigde Staten?
‘Het leed van een stalbrand is ‘onvoorstelbaar en traumatisch’ kopt de krant op 17 april. Op de foto staat een varkenshoudster omringd door tientallen varkens die zijn ondergebracht in drekkige betonnen hokken. De kop is misleidend. Ik dacht even dat het artikel over het leed van verbrande varkens zou gaan, maar het gaat over het trauma van de boeren zelf. Een hele pagina menselijk verdriet, zonder dat er één gedachte wordt gewijd aan de verbrande dieren zelf. Het gaat daarentegen wel over de verbrande huid op de hand van de boer. De varkens op de foto zijn waarschijnlijk al afgevoerd naar de slachterij of ze zijn inmiddels geïnsemineerd om binnenkort tussen metalen stangen hun jongen ter wereld brengen. Een stalbrand is erg voor de houders, natuurlijk, maar vele malen erger voor diegenen die niet aan de vuurzee konden ontkomen, simpelweg omdat ze werden opgesloten door die houders zelf. Dus waarom geen oog voor die kant van het verhaal? Hoor en wederhoor zou niet alleen van toepassing moeten zijn op menselijke dieren, maar ook op niet menselijke dieren. Zo moeilijk is dat niet. We hebben echt geen vertaalapp nodig om te horen wat die krijsende varkens ons te zeggen hebben voordat het vuur hen grijpt.
Bibi Dumon Tak Amsterdam
In zijn column ‘Bakfietsmoeder’ (16/4) benoemt Frits Abrahams het hoofdzakelijk Amsterdamse probleem dat fietsers nauwelijks nog afremmen voor voetgangers op zebrapaden, alsof de dood ‘hen op de hielen zit’. Gelukkig is er sinds enige tijd de actiegroep „Ik rem voor zebra’s” die bordjes verspreidt met deze tekst om aan de achterkant van je fiets te bevestigen. De actie laat zien dat rebellie er soms gewoon in bestaat je aan de regels te houden.
Niels Niessen Utrecht
In het bewonderingswaardige interview met mevrouw Pelicot (16/4) wordt „M’endors pas” – de naam van haar dochters stichting – vertaald met „Val niet in slaap”. In NRC struikelde ik al eerder over die vertaling. In die vertaling is het immers de aansporing (gebiedende wijs), in dit geval aan slachtoffers. In het Frans betekent het „Breng me niet in slaap”, het aan daders gerichte gebod.
Geert Lebbing Rotterdam
Youp van ‘t Hek schrijft in zijn column (18/4) over ‘een Don Camillo-film van de Franse komiek Fernandel’. Hieruit zou je kunnen afleiden dat hij de regisseur van deze film was. De vijf films met Fernandel in de hoofdrol van dorpspastoor Don Camillo werden echter geregisseerd door achtereenvolgens Julien Duvivier, Carmine Gallone en Luigi Comencini. Fernandel was in al deze speelfilms één van de hoofdrolspelers naast Gino Cervi als communistische burgemeester.
Rudy Schreijnders Maarssen
Caroline de Gruyter beschrijft in haar wekelijkse column de terugkeer naar de democratie in onder andere Chili (17/4). Zij stelt dat het jaren duurde voor de antidemocratische sporen van het Pinochet-tijdperk enigszins waren uitgewist. Dat klopt maar de Chilenen stemden in 2022 desondanks met een flinke meerderheid tegen een nieuwe, progressieve grondwet. Gevolgd door de verkiezingswinst van de uitgesproken rechts-radicale president José Antonio Kast eind 2025. Een bewonderaar van Pinochet. Volgens correspondent Boris van der Spek is hij de meest rechtse president sinds het einde van de dictatuur in 1990. Het gruwelijke verleden blijft de Chilenen achtervolgen.
Armand Leenaers Heerlen
Opvallend is dat NRC (maar ook andere Nederlandse kranten) zeer ruim aandacht schenken aan het bezoek van ons koninklijk paar aan president Trump. De logeerpartij in het Witte Huis wordt uitvoerig besproken en van zeer ruim commentaar voorzien. Nederlandse fotografen maken bijkans overuren om alles op vele gevoelige platen vast te leggen. Maar is al die aandacht niet wat overdreven? Immers, het is niet ongebruikelijk dat staatshoofden en regeringsleiders elkaar ontmoeten. In de Amerikaanse media is eigenlijk geen belangstelling voor „de Nederlanders”. De Nederlandse (media)opwinding over de koninklijke visite doet derhalve wat provinciaals en zelfs ietwat benepen aan. Calimero en kleinduimpje zijn terug van weggeweest. Oftewel „wat stampen we lekker zei de muis tegen de olifant”.
Maarten Rácz Enschede