nieuwsbriefMachtige Tijden
Machtige Tijden De benoeming van Sybrand Buma als vicepresident van de Raad van State komt op een moment dat de Staten-Generaal een rotzooi maken van nieuwe asielwetgeving. Beloning van woede, buigen voor de massa: hoe het belang van wetgevingskwaliteit, gelaagde keuzes en zorgvuldigheid uit Den Haag verdween.
Rob Jetten (D66) bedankt informateur Sybrand Buma (CDA) na afloop van een debat in de Tweede Kamer over Buma's eindverslag.
Woede is de taal van deze tijd. Niet dat mensen voortdurend woedend zijn. Maar wie verzoeken dan wel eisen aan de politiek of de maatschappij heeft, weet intuïtief dat woede, of een pose van woede, de beste manier is om aandacht te krijgen.
De gevolgen zijn ernaar. Woede is nu een terugkerend thema in de nationale vergaderzaal. Volg een debat en de kans is groot dat Kamerleden zeggen dat „mensen het zat” zijn. Dat ze „woest” zijn – op de politiek, op het bestuur, op wie ook.
Tegelijk beroepen parlementariërs zich toenemend op de massa: zij claimen te spreken namens miljoenen. Na zijn zege in 2010 zei PVV-leider Geert Wilders dat hij voor „anderhalf miljoen kiezers” opkomt. Als Sigrid Kaag in 2021 hoog scoort wil zij „graag iets doen met het vertrouwen van de anderhalf miljoen kiezers” van D66. En na zijn overwinning in 2023 spreekt Wilders „voor die 2,5 miljoen Nederlanders” die zien dat „hun leven op alle mogelijke manieren naar de haaien gaat”.
Beloning van woede, buigen voor de massa: ziehier de politieke cultuur van 2026.
Alleen: politiek is ook bestuur. En wie let op de anonieme en introverte wereld van functionarissen die het politieke bestuur dienen – (top)ambtenaren, adviseurs, controleurs, toezichthouders – ziet groeiende verwijdering van het parlement.
Bewindslieden zitten vaak klem. Zij hebben steun van Kamerleden nodig maar werken met die anonieme en introverte wereld waar mensen routinematig aandringen op geduld, gelaagde keuzes en – vooral – zorgvuldigheid.
Want in het bestuur kun je nooit alleen afgaan op boze burgers of de massa. De kunst van goed bestuur is om álle belangen te wegen. Alleen: dat ziet geen kiezer, dat speelt zich af in de binnenwereld.
Dus die nadruk op de massa veroorzaakt óók dat de invloed van degenen die het belang van gelaagde keuzes benadrukken, zoals de Raad van State (sinds 1531), merkbaar afneemt. Het was veelzeggend dat de scheidend vicepresident van de Raad, Thom de Graaf, zich donderdag in zijn jaarlijkse beschouwing keerde tegen de Haagse onmiddellijkheidscultuur – „de tirannie van het hedendaagse”.
Een vriendelijke manier om uit te drukken dat de politiek, gedreven door de massa, te vaak kiest voor de korte termijn, waardoor vooral de belangen van toekomstige generaties worden geschaad.
Een wereldwijde trend. Sinds 9/11 raakt het Westen verwikkeld in de ene oorlog na de andere: Afghanistan (2001-2021), Irak (2003-2021), Libië (2011), Syrië (2014) en Iran (2026). Meestal onder de misvatting dat terrorisme met militaire middelen is te bestrijden. Het leidt vaak tot méér terrorisme, tot trauma en wrok, zodat mensen vluchten.
Voeg daarbij de Russische aanvallen op de Krim (2014), Oost-Oekraïne (vanaf 2014) en Oekraïne als geheel (2022) en de talloze gewapende conflicten van Israël in de regio, en je ziet een wereld waarin regeringsleiders de korte klap – de schijnbaar snelle zege – meer belang toekennen dan de consequenties waarmee oorlog de volgende generaties opzadelt.
Het zegt mogelijk ook iets dat Nederlandse kiezers tijdens al die oplopende spanningen weinig blijvende waarde hechtten aan politici – Sigrid Kaag, Frans Timmermans – die eerder als diplomaat een reputatie in conflictbeheersing opbouwden.
In deze politieke cultuur moest de Raad van State dit voorjaar dus op zoek naar een nieuwe vicepresident. Thom de Graaf (D66, 68), begon in 2018 en kondigde eind vorig jaar zijn vertrek aan.
De Raad bestaat uit twee onafhankelijk van elkaar opererende afdelingen. De afdeling ‘Advisering’, veelal oud-politici en -topambtenaren, geeft niet-bindend advies over wetsvoorstellen – zie het zéér negatieve maar genegeerde advies over de Wet Betaalbare huur uit 2023. De afdeling ‘Bestuursrechtspraak’ is de hoogste bestuursrechter van het land wiens uitspraken onherroepelijk zijn – zie de stikstofuitspraak uit 2019.
Thom de Graaf, vertrekkend vice-president van de Raad van State.
Politieke kritiek op adviezen van de Raad was er altijd al. Nieuw is dat BBB vorig jaar in het verkiezingsprogramma suggereerde dat de Raad een politieke agenda heeft. De partij wil „de interne politieke kleuring” van de Raad „verminderen” door de benoeming van nieuwe leden in handen de Kamer te stellen. BBB-logica: minder politieke kleuring door meer politieke invloed.
De boerenachterban van de BBB is erg ontevreden over de stikstofuitspraak uit 2019 dus slimme politiek is het wel. Maar politieke voorkeuren speelden geen rol: het gerechtelijk oordeel van de Raad was gebaseerd op preliminair advies van het Europees Hof van Justitie.
Leden en medewerkers van de Raad hebben inspraak tijdens de benoemingsprocedure voor de nieuwe vicepresident. De procedure werd opgestart enkele dagen voordat Pieter Heerma (CDA) aantrad als minister van Binnenlandse Zaken.
De laatste twee benoemingen gaven reuring: het is altijd een zaak van grote politieke gevoeligheid. In 2011 werd Piet Hein Donner (CDA) gekandideerd als opvolger van Herman Tjeenk Willink (PvdA). Eerder was binnen de Raad de komst van Donners partijgenoot Ernst Hirsch Ballin aanbevolen. Hirsch Ballin lag slecht in de CDA-top. Hij was in 2010 wegens de gedoogrol van de PVV tegen CDA-deelname aan Rutte I. Nooit kreeg hij het formele verzoek zich ook te kandideren. Nadat minister van Justitie Ivo Opstelten (VVD) de benoemingsprocedure van hem had overgenomen, kreeg Donner de functie.
In 2017 werd tijdens de formatie informeel besproken dat Thom de Graaf een jaar later Donner zou opvolgen. De VVD, toen grootste partij, had volgens Mark Rutte opnieuw geen belangstelling. Het ging tussen CDA en D66.
Het CDA zinspeelde binnenskamers op een kandidatuur van oud-premier Jan Peter Balkenende maar D66-leider Alexander Pechtold haalde met enkele toezeggingen de hoofdprijs voor Thom de Graaf binnen. Op een laat moment liep diens benoeming in 2018 nog gevaar toen oud-minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem (PvdA) na aandringen vanuit de Raad ook solliciteerde – maar hij werd, net als Hirsch Ballin in 2011, nooit serieus overwogen.
Op de werkvloer van de Raad circuleerden maanden geleden al talloze namen als mogelijke opvolgers van De Graaf. Carola Schouten (CU) maakte een goede indruk toen ze jaren geleden al in beeld was voor de Raad – maar zij is pas kort burgemeester in Rotterdam. Oud-minister en burgemeester van Alphen aan den Rijn Liesbeth Spies (CDA) werd gesuggereerd. Oud-vicepremier Lodewijk Asscher (GL-PvdA) werd gepolst, maar had geen belangstelling. SER-voorzitter Kim Putters (GL-PvdA) besloot uiteindelijk niet te solliciteren.
Elke zaterdag ontleedt Tom-Jan Meeus in zijn nieuwsbrief de politieke week - en laat zien wat bijna niemand ziet
En dus maakte burgemeester Sybrand Buma van Leeuwarden, die als CDA-fractieleider (2010-2019) de benoemingen van Donner en De Graaf meemaakte, onlangs als laatst overgebleven kandidaat kennis met een personeelsdelegatie van de Raad. Hij begon zijn loopbaan ooit als stafjurist bij de Raad, en behoort tot de behoudende vleugel van het CDA. Ook niet-CDA’ers binnen de Raad zien in hem iemand met het gezag om de staatsrechtelijke rol van de Raad uit te dragen. De ministerraad ging vrijdag akkoord met zijn benoeming.
Intussen biedt de actualiteit aanleiding voor groeiende zorgen over wetgevingskwaliteit in deze politieke cultuur. Al driekwart jaar slagen Tweede én Eerste Kamer erin een rotzooi te maken van de invoering van de strafbaarstelling van mensen die illegaal in het land verblijven.
Nadat de PVV dit vorig jaar zomer – zonder voorafgaand debat – in de wet had gekregen, liep de SGP tegen de lamp: zij stemde voor het PVV-voorstel zonder de reikwijdte te overzien. Het leidde tot een afzwakking in een zogenoemde novelle, die 18 december vorig jaar met steun van alle PVV-Tweede Kamerleden werd aangenomen. Wilders juichte op X: „Leve de PVV!” Maar woensdag gaf zijn Eerste Kamerfractie via Alexander van Hattum een heel andere interpretatie aan de novelle: de „verzwakking” is ineens „onacceptabel”.
Het wetgevende werk van de Staten-Generaal teruggebracht tot de voorspelbaarheid van een flipperkast. Of, zoals Petra de Koning en Guus Valk in NRC schreven, een keuze van Wilders voor zijn aloude strategie van chaos.
Ook andere partijen spelen hier geen heldenrol. Zeker D66 niet, dat dinsdag in de senaat tegen de strafbaarstelling zei te stemmen maar uit coalitiebehoud eigenlijk wil dat de strafbaarstelling doorgaat.
En wat écht problematisch is: al vorig jaar waarschuwde de Nationale Politie, belast met de naleving, dat de maatregel ineffectief en amper uitvoerbaar is. De Raad van State constateerde eind 2025 dat „de voorbereiding van de voorgestelde strafbaarstelling […] niet zorgvuldig” was. Zodat „een volwaardige […] weging van alle relevante belangen en overwegingen niet heeft plaatsgevonden”.
Die laatste zin: daar gaat dit over. Zolang de politiek woede beloont en buigt voor de massa, waardoor een zorgvuldige belangenafweging uitblijft, houdt ze de desastreuze cyclus van slecht uitvoerbare wetgeving en teleurgestelde kiezers in stand. En dus is het ieders belang dat een gezaghebbende stem de moed opbrengt het belang van wetgevingskwaliteit, zorgvuldigheid en gelaagde keuzes openlijk uit te dragen. Aan het werk, Buma.
Opmerkingen, aanmerkingen, observaties, tips? Elke reactie is van harte welkom. Mail me – t.meeus@nrc.nl – of stuur een persoonlijk bericht op mijn LinkedIn.