De Iranoorlog raakt Nederlandse huishoudens in de portemonnee. Door de hogere energieprijzen zal de inflatie stijgen, waardoor de verwachte koopkrachtgroei van dit jaar helemaal zou kunnen verdampen. Dat blijkt uit een scenariostudie van het CPB.
Door de oorlog in het Midden-Oosten zijn de energieprijzen de afgelopen weken hard gestegen. Vooral de olieprijs is flink opgelopen, en die prijsschok werkt direct door in de economie. Dat zien we bijvoorbeeld aan de prijs aan de pomp.
Het Centraal Planbureau (CPB) heeft onderzocht wat de gevolgen van hogere energieprijzen zijn voor de inflatie, de groei van de economie, de koopkracht en armoede. Het heeft daarvoor gekeken naar drie scenario's.
De inflatie zal in alle gevallen stijgen. Niet alleen door de hogere prijzen aan de pomp, maar ook doordat bedrijven hun prijzen van goederen en diensten verhogen. Daarnaast zal de energierekening met enige vertraging ook stijgen door de iets hogere gasprijs.
Door de toenemende inflatie zullen huishoudens minder te besteden hebben. Voor de Iranoorlog werd de koopkracht voor 2026 nog geraamd op 1,4 procent. Als de huidige situatie op de energiemarkt doorzet, kan deze plus volledig verdampen. Hierbij hoort een inflatiecijfer van 3,8 procent.
Volgens het planbureau zal de koopkracht in dit geval in 2027 weer toenemen. Dat zou dan met name komen doordat de lonen zullen stijgen in reactie op de hogere inflatie. Maar deze toename maakt het verlies van dit jaar niet goed.
Het CPB heeft voor dit scenario gekeken naar de energieprijzen van 30 maart, met de veronderstelling dat het conflict "betrekkelijk kortdurend" zal zijn. De genoemde gevolgen voor onder meer de inflatie en de koopkracht zijn dus geen voorspelling, maar een situatie die zich zou kunnen voordoen. De energieprijzen verschillen ook van dag tot dag.
Hoe de energieprijzen zich werkelijk gaan ontwikkelen is "uiterst onzeker", zegt het CPB. De duur en de intensiteit van de oorlog zijn vooral bepalend voor de impact op de economie. Ook hangt het af van hoe groot de schade is aan de energie-infrastructuur in de regio en van in hoeverre er alternatieven zijn voor de productie en aanvoer van olie en gas.
Het CPB heeft ook twee scenario's bekekenen waarin rekening wordt gehouden met (veel) ernstigere verstoringen: een situatie waarin de prijzen tijdelijk nog hoger worden, en een scenario waarin de hogere prijzen langere tijd aanhouden.
In beide gevallen zal de impact veel groter zijn. De inflatie zal zelfs oplopen tot zo'n 5 procent. Ook zullen we dan te maken krijgen met een kortdurende recessie. In het ergste scenario valt de economische groei volgend jaar terug naar "nagenoeg nul".
Ondanks de sombere cijfers pleit het CPB niet voor generieke maatregelen. Een verlaging van de accijns aan de pomp kost veel geld en komt volgens het planbureau niet bij de juiste mensen terecht.
Deze woorden klinken ook al langer in de politiek. Het kabinet neemt vrijdag een besluit over een gerichter steunpakket van ongeveer 1 miljard euro. Daarover lees je meer in onderstaand artikel.
Het CPB vindt het ook verstandiger om tijdelijk gerichte maatregelen te nemen. Het planbureau merkt wel op dat dit niet eenvoudig is. De gevolgen voor huishoudens lopen ver uiteen, zelfs binnen de groep met een lager inkomen.
Volgens het planbureau is het vooral van belang om te investeren in weerbaarheid, ook als de energieprijzen op korte termijn weer dalen. De afhankelijkheid van fossiele energie moet daarom worden afgebouwd, zodat we minder gevoelig zijn voor energieschokken. Van zo'n investering krijg je volgens het CPB "nooit spijt".
Source: Nu.nl economisch