Home

De vooruitziende blik is in deze energiecrisis ver te zoeken

In de rubriek De broeikas schrijft klimaatverslaggever Jeroen Kraan elke zondag over wat hem opvalt. Deze week: de volgende energiecrisis is aangebroken, maar het kabinet vindt besparingsmaatregelen niet nodig. Gaan we wachten tot het te laat is?

Als je als journalist een tijdje een bepaald onderwerp volgt, ga je je vanzelf ergeren aan de dooddoeners die politici eindeloos herhalen. "Energie die we niet gebruiken hoeven we ook niet te produceren, te betalen of te importeren" is er voor mij zo eentje.

Met lichte variaties wordt deze waarheid als een koe keer op keer op keer op keer opgelepeld in politieke toespraken, beleidsstukken en Kamerdebatten. De boodschap - dat we toch vooral zuinig moeten omgaan met energie - is natuurlijk terecht. Energiebesparing is altijd belangrijk, crisis of niet.

Het probleem is dat we dit wel zeggen, maar er vervolgens niets mee doen. Drie opeenvolgende klimaatministers hebben de besparingsspreuk de afgelopen jaren gebezigd, maar energiebesparing blijft in ons klimaatbeleid permanent een ondergeschoven kindje.

Zo zitten we al jaren met een tandeloze energiebesparingsplicht. Op papier verplicht die grote energieverbruikers om besparingsmaatregelen te nemen, die zichzelf ook nog eens binnen vijf jaar terugverdienen. Maar tienduizenden bedrijven houden zich er simpelweg niet aan. Zonder noemenswaardige gevolgen, want de plicht is nauwelijks handhaafbaar, bleek eind vorig jaar nog maar eens uit een evaluatie.

Nederlanders rijden ondertussen in steeds grotere auto's, vliegen erop los en stappen massaal over van zeer energie-efficiënt hersengebruik naar stroomslurpend AI-gebruik. Er vindt wel degelijk energiebesparing plaats - zuinigere (elektro)motoren, woningisolatie, warmtepompen - maar dat blijft op deze manier dweilen met de kraan open.

Een energiecrisis kan besparing ineens afdwingen, zagen we na de Russische invasie van Oekraïne. Toen had je even kunnen denken dat we energiebesparing structureel belangrijk zouden gaan vinden. De overheid begon een campagne, het regende besparingstips en er gingen zelfs stemmen op om terrasverwarming te verbieden. Het gasverbruik daalde plots met 20 procent. Het kan wel, zoals onze premier (en toenmalig klimaatminister) zou zeggen.

Maar gas werd weer goedkoper en de aandacht verslapte. Afgelopen winter hebben de cafés in mijn woonplaats weer ruim gestookt voor de vogeltjes. De daling van het gasverbruik vlakte de afgelopen jaren weer af.

Nieuwe ronde, nieuwe kansen? Nu de Iranoorlog voor piekende olieprijzen zorgt, begint energiebesparing weer op de agenda te komen. Het Internationaal Energieagentschap (IEA) zette al tal van manieren op een rij om olie te besparen, van thuiswerken tot lagere snelheidslimieten op de weg en minder vliegen.

De logica is eenvoudig: door de blokkade van de Straat van Hormuz is er ineens veel minder olie beschikbaar op de wereldmarkt, waardoor de prijzen explosief zijn gestegen. We kunnen proberen die prijsstijging met heel veel overheidsgeld weg te subsidiëren, maar het is een betere oplossing als we de olievraag dusdanig omlaag weten te krijgen dat vraag en aanbod weer in balans komen.

In minder rijke landen is helemaal geen keuze tussen die twee opties mogelijk; daar wordt al keihard ingegrepen in de olieconsumptie. Om een idee te geven: in Sri Lanka is sinds vorige week elke woensdag een vrije dag, simpelweg om energie te besparen. Door deze crisis missen kinderen daar nu een op de vijf schooldagen.

Ik snap dat dat hier niet aan de orde is. En natuurlijk is dit niet alleen de verantwoordelijkheid van de overheid. De hoge bezineprijs zal bij sommige mensen vanzelf besparing teweegbrengen. Zo'n 200.000 huishoudens kunnen hun autoritten bij deze prijzen simpelweg niet betalen, blijkt uit onderzoek van TNO. Het is logisch dat we op zoek gaan naar manieren om hen te helpen.

Maar de meeste andere Nederlanders kunnen deze prijsstijging prima opvangen. Je zou verwachten dat zij toch worden opgeroepen de crisis te helpen verzachten. Bijvoorbeeld door eens wat vaker de fiets of de bus te pakken, of door komende zomer dichter bij huis op vakantie te gaan.

Politici lijken dat maar eng te vinden, zelfs als zo'n oproep volstrekt vrijblijvend is. Wat als de automobilist of vliegreiziger toch ervaart dat hij wordt gepest?

De kabinetsreactie op het IEA-advies was daarom beknopt: bedankt, maar we doen er niets mee. Er zijn in Nederland geen tekorten en besparingsmaatregelen zijn daarom "niet aan de orde".

Het laat zien dat de eeuwige besparingsspreuk niet meer is dan een leeg symbool. En het getuigt niet van een erg vooruitziende blik. Als je pas begint met energie besparen als die tekorten er wél zijn, dan ben je te laat.

On Deadly Ground (1994) is een vreemd onderdeel van het oeuvre van actiester Steven Seagal. Het is de enige speelfilm die hij zelf regisseerde en het is ook nog eens een uitgesproken politieke film. Wie weet dat Seagal zich in de afgelopen jaren heeft omgetoverd tot vriend van Vladimir Poetin, zal vermoedelijk niet verwachten dat deze film bol staat van het milieuactivisme.

Toch is dat dus wel zo. Michael Caine is een heerlijk kwaadaardige oliebaas die geen moer geeft om de natuur. Seagal is de onverslaanbare held die met veel explosies zijn raffinaderij in Alaska komt vernietigen - al kun je je natuurlijk afvragen of dat goed is voor het milieu. De film eindigt met een heuse milieutoespraak van Seagal. Online te huur en te koop.

Dit weekend viert De broeikas haar eerste verjaardag! Ik ontvang graag jullie feedback en tips. Je kunt me bereiken via jeroen@nu.nl.

Source: Nu.nl economisch

Previous

Next