Home

Noorwegen verlost van WK-obsessie: 'Cruijff zei terecht dat team saai was'

Noorwegen keert komende zomer na 28 jaar terug op het WK voetbal. Oranjes oefentegenstander van vanavond bouwt op een nieuwe gouden generatie. "Cruijff zei dat het Noorse team saai was. En hij had gelijk."

Erlend Nesje kon zijn geluk niet op toen hij na het EK van 2000 de vaste verslaggever van het Noorse elftal werd voor dagblad Aftenposten. Noorwegen had zich in de jaren ervoor meerdere keren voor grote toernooien geplaatst. Die zou Nesje nu zélf meemaken.

25 jaar later is dat er nog steeds niet van gekomen. "Tenminste, ik ben als verslaggever op vijf WK's geweest. Maar altijd zonder Noorwegen", zegt Nesje donderdag bij het persmoment van de Noorse ploeg in de Johan Cruijff ArenA.

Jarenlang waren eindtoernooien "een obsessie" voor Nesje en het Noorse volk. Iedere kwalificatiecyclus werd ondanks hoge verwachtingen gefaald. Vaak ging het op het nippertje mis. "'Bijna' was de bijnaam van Noorwegen. Het werd altijd een drama."

Het maakte veel los toen het in november wél lukte. De spelers werden gehuldigd op het balkon van het stadhuis van Oslo nadat Noorwegen met 1-4 had gewonnen bij Italië en zich had geplaatst voor het WK. Nesje: "Het was -2 graden, maar er stonden 50.000 mensen. Het was een soort carnaval."

Noorwegen plaatste zich op indrukwekkende wijze. De ploeg van bondscoach Stale Solbakken won alle kwalificatiewedstrijden, scoorde liefst 37 keer en kreeg slechts vijf tegengoals. De ploeg won met 11-1 van Moldavië en droogde Italië twee keer af (3-0 en 1-4).

Martin Ødegaard is de spelmaker, maar Erling Haaland de grote man. Hij scoorde zestien keer in de kwalificatiereeks en hielp Noorwegen naar het wereldkampioenschap, waarop zijn vader Alfie in 1994 ook actief was. Ook de vader van spits Alexander Sørloth speelde in dat elftal.

Grote Noorse voetballers uit de jaren negentig zijn Tore André Flo en Kjetil Rekdal. Zij leidden de Noren op het WK van 1998 naar een historische 2-1-zege op Brazilië. "Dat Noorse team was fysiek sterk en moeilijk te bespelen. Maar dit Noorse team is beter aan de bal en kan in verschillende formaties spelen", zegt Solbakken, die in 1998 zelf bij de Noorse selectie zat.

Net als toen spelen veel Noren in topcompetities. Het zijn er nu zelfs meer. In de beslissende wedstrijd tegen Italië stond er slechts één speler uit de Noorse competitie in de basis. "Je kunt wel spreken van een gouden generatie als je ziet hoe belangrijk we zijn bij de clubs waarvoor we spelen", vertelt middenvelder Sander Berge.

Die gouden generatie is het resultaat van een cultuuromslag. Fysieke kracht was lang leidend in het Noorse voetbal, maar in de loop der jaren kwam de focus steeds meer te liggen op het opleiden van technisch begaafde spelers. Er werden kunstgrasvelden aangelegd om technisch voetbal te stimuleren.

"Johan Cruijff zei voor de EK-kwalificatiewedstrijd tegen Nederland in 1995 tegen een Noorse krant dat hij de televisie uitzette als hij Noorwegen zag spelen, omdat ze zo saai voetbalden", zegt Nesje. "Cruijff had gelijk. Er moesten creatieve spelers bij en die hebben we nu volop."

Dat betaalt zich uit in het hele Noorse voetbal. Ook op clubniveau zijn de prestaties goed. SK Brann overleefde vorig jaar verrassend de knock-outfase van de Europa League en FK Bodø/Glimt imponeerde dit jaar in de Champions League door Internazionale uit te schakelen.

"Bodø is veruit de beste ploeg van het land", zegt doelman Jan de Boer, die vorig seizoen met het Noorse Bryne FK twee keer van die club verloor. "Bodø zou in Nederland meedoen om het kampioenschap. En toch werden ze vorig seizoen geen kampioen. Dat zegt iets over de kracht van de competitie en hoe voetbal hier in de lift zit."

De Boer proeft op straat in Noorwegen en in de kleedkamer bij zijn club het vertrouwen in de Noorse ploeg. "Noren zijn van nature ingetogen, maar nu maken ze grapjes tegen me dat Noorwegen beter is dan Oranje. Mensen kijken met elkaar in kroegen naar wedstrijden. Ze zijn weer overtuigd van Noorwegen als voetballand."

Een goed resultaat tegen het Nederlands elftal kan die overtuiging versterken. Noorwegen moet het doen zonder Haaland (rust) en Ødegaard (blessure). Maar met onder anderen Antonio Nusa (RB Leipzig) en voormalig FC Groningen-spits Jørgen Strand Larsen (Crystal Palace) is er genoeg kwaliteit.

Verslaggever Nesje merkt dat er een "buzz" is in Noorwegen rondom duels van de nationale ploeg. "Zie het zo: zo'n 35 procent van de Noorse bevolking heeft nog nooit een eindtoernooi met Noorwegen meegemaakt. Het heeft hele generaties overgeslagen."

En hijzelf maakte als verslaggever dus nog geen eindtoernooi mee met Noorwegen. "Ik had kippenvel over mijn hele lichaam toen we ons officieus plaatsten na een 4-1-zege op Estland. De dag erna heb ik in mijn column geschreven dat de nachtmerrie eindelijk voorbij was. Vanaf nu kan het alleen maar mooier worden."

Source: Nu.nl sport

Previous

Next