Home

George Saunders heeft geen baksteen van een boek nodig om de banaliteit van het kwaad bloot te leggen

De stervende oliemagnaat in Sterfbed heeft geen last van gewetenswroeging. Booker Prize-winnaar George Saunders legt de onverschilligheid en het opportunisme van machtige mensen effectief bloot.

Er valt iemand uit de lucht. De roman Sterfbed, van Booker Prize-winnaar George Saunders, opent in volle vaart. Het is Jill ‘Snoes’ Blaine (beige rok, zachtroze blouse, zwarte pumps) die ter aarde stort en met haar hoofd en romp in het asfalt van een oprit belandt. Ze is op weg naar haar nieuwe protegé, die in de aangrenzende villa op sterven ligt.

Jill, dat moge duidelijk zijn, is niet van vlees en bloed. Voor dit soort bovennatuurlijke verschijnselen heeft Saunders, vooral bekend van zijn korte verhalen, weinig woorden nodig en getuige de compacte omvang van het boek, is hij daar sowieso zuinig mee.

Laatste uren

Eén zin volstaat om te beschrijven hoe Jill kan weten wat er in haar stervende protegé omgaat: ‘Dichterbij gekomen betrad ik de kring van zijn gedachten.’ Dit is wat ze bemerkt: ‘Er school binnen in hem een formidabele koppigheid. Hij was doortrokken van een gestage stroom van voldoening. Van triomfantelijkheid zelfs, over alles wat hij had gedaan, gezien, teweeggebracht en gemaakt, vooral gelet op zijn nederige afkomst.’

De stinkend rijke oliemagnaat K.J. Boone ligt hier in een immens mahoniehouten hemelbed te sterven en het is Jills schone taak hem in die laatste uren te troosten. Al kan ze hem dus op geen enkele gewetenswroeging betrappen, niets lijkt zijn rust te verstoren.

Misschien is het daarom onvermijdelijk dat zijn plaaggeesten van buiten komen. De ene na de andere dode betreedt de sterfkamer: de Fransman die lang geleden de verbrandingsmotor uitvond, een troep (uitgestorven) vogels en andere klimaatgedupeerden, de corrupte wetenschappers Mel G en Mel R. Allemaal proberen ze tot hem door te dringen. Er valt K.J. namelijk meer dan genoeg te verwijten, met zijn verwoestende olie, zijn hebzucht en zijn geloof in groei.

Herkenbaar

We kennen deze mannen. Zo moest ik aan de HBO-serie Succession denken. Daarin draait het niet om olie, maar om een media-imperium dat de pater familias al dan niet zal overdragen aan de volgende generatie. Alle personages zijn in de ban van macht. Maar ook als kijker raak je besmet door de intriges, het geld, de helikopters en de feestjes. Je weet niet precies wat, maar je zúlt winnen en zo word je in feite medeplichtig gemaakt. De hebzucht in Succession is destructief maar sexy (die tune!) en, kun je daaruit concluderen, schuilt in ons allemaal.

Met K.J. zal de lezer zich daarentegen niet snel identificeren. Hij is een archetype, de hedendaagse Scrooge uit A Christmas Carol van Charles Dickens, en hij is stervende bovendien, weinig aantrekkelijk. Het is dan ook niet voor niets dat het stelselmatig gecursiveerde woord onvermijdelijk steeds opduikt. Wat valt er nog te halen bij een man die zijn verwoestende werk al heeft gedaan, die op het punt staat zijn laatste adem uit te blazen?

Veilig schaarde ik mij in het kamp van de bezoekende geesten die wraak willen, omdat ze door hem gedupeerd werden of wél tot inkeer kwamen, al deden ze dat te laat. Van een andere orde zijn de demonische Mel G en Mel R. Corrupte wetenschappers, die met schwung hun voormalig financier sarren en aantonen hoe eenvoudig het is om te misleiden, voor eigen gewin. Gegoochel met getallen, macht en bovenal taal:

‘Is het liegen als je weet wat de uitkomst moet zijn en dan zegt wat nodig is om dat resultaat te bereiken? Vroeg R.

‘Liegen als iemand zijn aanzienlijke reputatie en zijn beheersing van de communicatie in het openbaar gebruikt om zijn tegenstanders de grond in te boren, door de aandacht van het gewone volk een andere richting op te sturen, en zo de mensen te infecteren met een miniem splintertje twijfel, dat, eenmaal wijdverbreid, uitgroeit tot een aanzienlijke wig van twijfel? Zei G.’

Zoetste wraak

Je blijft als lezer lang hopen op inkeer of wraak, en satire is best vermakelijk, zeker als je dezelfde overtuigingen bent toegedaan. Maar indringend wordt het enkel door Saunders’ stijl. Juist omdat hij de teugels strak houdt, door zijn spaarzame en eenvoudige taal, legt hij de onverschilligheid en het opportunisme van dat handjevol machtige mensen effectief bloot. Je hebt geen baksteen van een boek nodig om de banaliteit van het kwaad bloot te leggen. Misschien is dat wel de zoetste wraak.

Er is één personage dat zich onttrekt aan de satirische vorm en dat is Jill. Zij is daarmee ook veruit het interessantste en grilligste personage. Bovendien is zij de enige die K.J. niet direct veroordeelt.

Saillant is daarbij haar eigen sterfdatum: 1976. Hierdoor is de naïeve en levenslustige Jill altijd 22 jaar gebleven. Ze hoopt in dat jaar op een zwangerschap en vage, toekomstige klimaatproblemen staan niet bepaald bovenaan haar prioriteitenlijstje. Maar nog voor ze zwanger is, sterft ze op tragische wijze. Onwetend van alle klimaatproblematiek die in de decennia daarna aan het licht komt, zonder de informatie die K.J.’s geesten en wij, de lezers, wel hebben, verhoudt zij zich tot deze man.

Onvermijdelijkheid

Saunders en Jill zijn generatiegenoten, realiseerde ik me. De vraag die daarom boven het boek lijkt te hangen: hadden we iets moeten doen? Maar de loop van een leven is onvermijdelijk, concludeert Jill keer op keer. Zijn wij als Jill, hebben wij ook wel wat beters aan ons hoofd? Leven, bijvoorbeeld?

Dat onvermijdelijkheid in Sterfbed zoveel nadruk krijgt, kan op verschillende manieren worden geïnterpreteerd. De grimmige uitleg is dat de wereld afkoerst op zijn ondergang en dat wij, kleine lieden, het maar laten gebeuren. Druk met onze levens, onze geliefden, verliezen we het grotere plaatje uit het oog.

Maar misschien komt ons handelingsgebrek niet voort uit onwil en zijn we gewoon totaal onbekwaam. Onvermijdelijk worden we in een leven geboren. Daarin schuilt wellicht óók verlossing. Het is aan de lezer om deze verontrustende afweging te maken.

George Saunders: Sterfbed. Uit het Engels vertaald door Erik Bindervoet. De Geus; 192 pagina’s; € 21,99.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next