In de rubriek Schermtijd schrijft techverslaggever Rutger Otto wekelijks over het internet. Deze week buigt hij zich over de vraag: wanneer ben je verslaafd aan je telefoon?
In mijn blog van vorige week schreef ik hoe ik thuis met een fysiek blokje in- en uitcheck bij apps die veel van mijn tijd opslokken. Dat blog begon ik met de woorden dat ik het ver vind gaan om mezelf verslaafd te noemen. Ik weet het: dat is precies wat een verslaafde zou zeggen.
Sommige mensen op ons reactieplatform NUjij vonden dat ik het maar gewoon moest toegeven. "Je bent heel zwaar verslaafd", concludeerde ene Tessa_ae954d79. "Als je dit soort dingen moet gaan toepassen zodat je niet op je telefoon zit, ben je net zo zwaar verslaafd als iemand die zenuwachtig wordt als er geen bier in huis is."
Telefoonverslaving is in Nederland geen officieel erkende aandoening. In sommige gevallen kan het wel aan een gedragsverslaving raken, wanneer je helemaal niet meer zonder telefoon kunt.
Ook de deskundigen die ik bel zijn over het algemeen terughoudend om overmatig schermgebruik meteen als een verslaving te bestempelen. Maar dat je er een probleem mee kan hebben, is wel duidelijk. "Achter socialemedia-apps zitten deskundige teams die maar één doel hebben", zegt mediapsycholoog Jacqueline Kleijer. "Zorgen dat jij blijft kijken."
Inspanningen van appmakers om gebruikers vast te houden, maken dat het voor sommige mensen niet zo makkelijk is om hun toestel gewoon naast zich neer te leggen. "Het is alsof je touwtrekt tegen vijftig mensen en jij in je eentje weerstand moet bieden."
Ik vind het zelf prima om te scrollen, maar met mate. Voor mij helpt het om daarvoor drempels in te stellen. Een ander gaat er wellicht anders mee om.
Neuropsycholoog Mark Tigchelaar is gespecialiseerd in focus en afleiding. Hij vertelt me dat de mens evolutionair gezien niet is gemaakt om lang te focussen. Dat kun je terugvoeren naar de prehistorie. "De mensen die hun omgeving niet regelmatig scanden op mogelijk gevaar, konden aangevallen worden", zegt hij. "Degenen die goed konden focussen hebben het niet overleefd."
Inmiddels zijn we wel héél alert. "De hoeveelheid prikkels is zó toegenomen dat we bijna geen adempauze meer nemen", zegt Tigchelaar. "En dat is juist belangrijk. Aandacht geeft rust, pauze en verdieping. Afleiding wordt steeds oppervlakkiger en geeft minder voldoening. Niemand kan de laatste drie filmpjes opnoemen die hij of zij op sociale media heeft gezien."
Hoe makkelijk je je telefoon weglegt, verschilt per persoon. Volgens Tigchelaar kan ook je werkcultuur meespelen. "Ben je afhankelijk van je telefoon of moet je constant boven op de bal zitten, dan ben je misschien meer gewend aan een hoge en snelle prikkelbehoefte", zegt hij.
Dat klinkt een journalist, hongerig naar nieuws, niet vreemd in de oren.
Maar ben ik dan verslaafd? "Het is heel subjectief", zegt Tigchelaar. "Als je leven eronder lijdt, wordt het problematisch." Gebruik je de smartphone alleen maar om loze momenten in te vullen, dan is het niet meer dan een speen voor volwassenen. Misschien is dat het wel: geen verslaving, maar een gewoonte die te makkelijk is geworden.
Vorige week schreef ik over mijn ervaringen met TapOut, een blokje om in- en uit te checken op je telefoon. Dit schreven jullie.
Zou jij jezelf telefoonverslaafd noemen? Laat het me weten. Dat kan in de reacties hieronder of via rutger@nu.nl. Misschien verschijnt jouw bericht aankomende week in Schermtijd. Ik lees alles, maar er komen te veel berichten binnen om iedereen te antwoorden.
Tot volgende week!
Source: Nu.nl Tech