Jacobien van der Kleij
redacteur Online
Thomas Michel
redacteur Online
Jacobien van der Kleij
redacteur Online
Thomas Michel
redacteur Online
Het is Boekenweek en met het boekenbal in Amsterdam is die zojuist feestelijk afgetrapt. Tijdens de promotieweek voor het boek organiseren boekhandelaren en bibliotheken activiteiten, trekken schrijvers door het land en krijgen klanten bij een aankoop in een boekenwinkel het Boekenweekgeschenk Piaggio van Hendrik Groen cadeau.
Al langer is bekend dat jongeren minder lezen dan ouderen. Wel is er een verschuiving gaande: in een recente peiling zegt een op de drie gen-Z'ers (geboren tussen ongeveer 1997 en 2012) minstens iedere maand wel in een boekhandel te komen en dat is meer dan oudere generaties.
Het thema van de Boekenweek is dit jaar 'mijn generatie'. Hoe zorgen schrijvers dat ook zij nieuwe generaties lezers blijven bereiken? De NOS vroeg vier schrijvers naar hun ideeën.
Journalist en filosoof Doortje Smithuijsen heeft dit jaar het Boekenweekessay Ik had uw dochter kunnen zijn geschreven. Naar haar podcast Voorheen Schaamteloos Randstedelijk (VSR) luisteren per aflevering gemiddeld zo'n 40.000 mensen. "Als ik een nieuw boek uitbreng, zullen daar lezers tussen zitten." Maar net zo goed zullen mensen niet naar de podcast luisteren en wel haar boeken lezen.
Mensen die het ver schoppen, zijn vaak ook lezers. Wie niet leest, saboteert zichzelf.
Volgens haar kent de boekenmarkt geen duidelijke strategie. "Het enige wat boeken verkoopt, zijn boeken die goed geschreven zijn en die mensen persoonlijk aan anderen aanbevelen." Zo gaven jonge vrouwen haar boek Kapitalisme is seksisme veel door: een veel krachtiger boodschap dan sociale media, zegt ze.
Ze maakt zich er zorgen over dat jongeren steeds minder lezen. Mensen die het ver schoppen, zijn vaak ook lezers, zegt ze. "Wie niet leest, saboteert zichzelf. Daar moeten mensen van doordrongen worden", zegt Smithuijsen.
Boekenweekauteur Peter de Smet, die publiceert onder het pseudoniem Hendrik Groen, dacht dat zijn boeken vooral werden gelezen door de oudere lezer. "Mijn eigen generatie, zeg maar, maar ook jongere lezers vinden mijn boeken leuk."
Hij krijgt van jongere lezers ook complimenten. "'Mijn moeder vindt uw boeken goed', zeggen ze dan. Dat doet niets af aan dat het leuk is om waardering te krijgen."
Hendrik Groen trad vorige maand pas uit de anonimiteit:
Zelf leest De Smet vooral graag niet al te dikke boeken die een beetje grappig zijn. Hij noemt schrijvers als Nico Dijkshoorn, Sylvia Witteman en Paulien Cornelisse. "Eigenlijk zijn dat auteurs van wie men vermoedde dat zij de Hendrik Groen-boeken schreven", voordat bekend werd dat hij dat was.
Nieuwe lezers hoeven niet meteen te beginnen met al te ingewikkelde boeken, vindt De Smet. "Het eerste boek moet een beetje gaan over normale mensen, met een lach en een traan. Dan is er een gerede kans dat het naar meer smaakt."
Zij werkt samen met opiniemaker Johan Derksen (77) aan een boek waarin zij thema's ieder vanuit hun eigen perspectief bespreken. Ze willen graag jonge lezers trekken en gebruiken daarom onder meer hashtags als #FreePalestina in hoofdstuktitels.
Zelf begon ze met lezen omdat ze zich thuis doodverveelde: "Ik kon geen televisie kijken en met buitenspelen ben je op een zeker moment ook wel klaar." Op school was haar aangeraden om meer te lezen en ze begon met jeugdboeken. Dat voelde eerst als een verplichting, maar na verloop van tijd "verslond" ze boeken.
Gül erkent dat dat in deze tijd misschien anders zou zijn. "Het zou kunnen dat ik in plaats van te lezen, zou gamen of op TikTok zou zitten te scrollen."
Om ervoor te zorgen dat jongeren aan het lezen slaan, is het van belang dat de boeken die zij op school moeten lezen, aansluiten bij hun belevingswereld. "Jongeren lezen wel, maar niet boeken van de literaire canon", zegt Gül. "Boeken moeten voor jongeren herkenbaar zijn, een snel tempo hebben en spanning en humor bevatten."
Rob van Essen heeft twee keer de Libris Literatuur Prijs gewonnen. Zijn lezerspubliek bestaat uit jongeren en ouderen. "Ik schrijf onbewust voor mijn eigen generatie, maar uiteindelijk spreken de onderwerpen in mijn boeken verschillende generaties aan. Dat vind ik heel prettig."
Hoe dat komt, weet hij niet. "Ik denk dat sommige jongeren mijn boeken aangereikt krijgen." Zijn roman Ik kom hier nog op terug (2023) volgt een student in de jaren 80. "Dat is blijkbaar herkenbaar genoeg voor mensen, hoezeer de wereld nu ook veranderd is."
Je kunt een paard naar het water brengen, maar je kunt het niet laten drinken.
Hij zegt dat hij als schrijver niet veel macht heeft om mensen aan het lezen te krijgen. "Je kunt een paard naar het water brengen, maar je kunt het niet laten drinken." Het onderwijs heeft daar wel een belangrijke rol in, vindt hij.
Van Essen was vroeger gek op Tonke Dragt, Simon Carmiggelt en Godfried Bomans. Om jongeren van nu te enthousiasmeren voor lezen, raadt hij sciencefictionboeken aan. "De avonturen daarin zijn grenzeloos en geven een blik op de huidige maatschappij. Het kan geestverruimend zijn."
Binnenland
Cultuur & Media
Source: NOS nieuws