is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen.
Ploeteren tot de dag voor de 65ste verjaardag. Zes dagen per week, want de vrije zaterdag werd pas begin jaren zestig ingevoerd.
Toen de AOW in 1957 een feit werd, was sprake van een abrupte overgang. De ene dag moesten werkenden bij wijze van spreken nog acht uur diepspitten (het meeste werk was nog fysiek), de volgende dag brachten ze in totale ledigheid door, zittend in een leunstoel, gekleed in een zwart pak, met geraniums voor het raam, rokertjes op tafel en een rol pepermunt aan de zijde. Op de werkweek van 48 uur volgde plotseling twee etmalen rust.
Gek genoeg is dit eigenlijk nog altijd zo, zij het dat de werkweek fors is ingekort. De AOW, het icoon van de 20ste eeuwse welvaartsstaat, zou echter aan de 21ste eeuwse eisen moeten worden aangepast.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app.
In 1958 moesten zeven werkenden de premies ophoesten voor een uitkering aan een gepensioneerde van omgerekend 54 euro per maand (kostwinner) en 32,50 euro (alleenstaande). Nu moeten drie werkende premiebetalers opdraaien voor een uitkering van 2.136 euro per maand (echtpaar) en 1.568 euro (alleenstaande).
Dat is onhoudbaar, zeker als er vanaf 2040 door de vergrijzing nog maar twee van de drie werkende premiebetalers over zijn. Maar plannen om de AOW-leeftijd te verhogen zijn gedoemd te worden getorpedeerd door een Kamermeerderheid, zeker als er minderheidskabinetten zijn.
Het kan anders, bijvoorbeeld door flexibilisering van de AOW. Misschien moeten mensen van 64, 65 en 66 jaar al het recht hebben vier dagen te werken met een aanvullende AOW-uitkering voor die ene dag, mensen van 67 en 68 jaar voor drie dagen en mensen van 69 en 70 voor twee dagen. De rigide overgang van 100 procent werken naar 100 procent rust zou doorbroken moeten worden. Er zou een glijdende schaal moeten zijn.
Een deel van de mensen wil graag eerder stoppen. Die zouden die mogelijkheid ook moeten hebben. Maar een deel vreest het zwarte gat en wil liever doorwerken dan op de golfbaan of achter een bar te staan, of mantelzorg te doen. Mensen zouden meer vrijheid moeten hebben de eigen pensioenleeftijd te kiezen. Nu is het rigide.
Wie 67 jaar wordt, krijgt automatisch ontslag. Wie langer wil blijven werken, moet gaan zeuren. Dat vinden werknemer noch werkgever prettig.
Mensen zouden wettelijk het recht moeten krijgen de AOW-uitkering één tot vijf jaar later of eerder in te laten gaan. In 2017 diende het onafhankelijke Kamerlid Norbert Klein een wetsvoorstel hiervoor in, maar dat werd door de Tweede Kamer verworpen. Het Centraal Planbureau concludeerde niettemin dat het op lange termijn geld zou opleveren.
Bij uitstel zou de toekomstige AOW-uitkering worden verhoogd met 6,5 procent voor elk jaar dat extra wordt gewerkt. Bij een eerdere uitkering, bijvoorbeeld op de leeftijd van 65, wordt die verlaagd, afhankelijk of dat stoppen volledig is of in deeltijd.
Iedereen wil in 2058 het honderdjarig bestaan van de AOW vieren. Maar de erfenis van de 20ste eeuw moet daarvoor met de tijd meegaan. Diepspitten en rokertjes zijn ook verleden tijd.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant