Home

Knokken voor kunst betaalde zich uit in Enschede. Maar houdt dat stand na de raadsverkiezingen?

Gemeenten spelen een sleutelrol bij het cultuurbeleid. Na de coronapandemie stak Enschede theatermakers en beeldend kunstenaars een helpende hand toe. Raadsleden raakten overtuigd van het belang van een bruisend cultureel leven. Maar houden ze dat na de verkiezingen vol?

is kunstverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over kunstpolitiek en subsidiebeleid.

De theatermakers, zangers, musici en beeldend kunstenaars van Enschede sloegen vier jaar geleden alarm bij de gemeente. Aan het eind van de desastreuze coronajaren had het culturele leven dringend hulp nodig, vertelden ze. Niet een eenmalig extraatje, maar zekerheid voor de toekomst.

‘We knokten voor ons bestaansrecht’, zegt Karine Roldaan (47), directeur van de Theatermakerij, een toneelschool aan de rand van het stadscentrum, waar wekelijks tweehonderd leerlingen vanaf 5 jaar theater-, musical- en danslessen volgen. ‘We spraken in bij raadsvergaderingen, nodigden leden van de gemeenteraad uit voor rondleidingen om ons werk te leren kennen. Het was bijna een baan op zichzelf.’

De inspanning betaalde zich uit. Enschede maakte 1,6 miljoen euro vrij om voor het eerst vier culturele instellingen uit het ‘middenveld’ voor vier jaar te versterken. Met het zogeheten ‘Vierjarenprogramma Cultuur Groot’ zijn ze tot 2028 verzekerd van financiële ondersteuning. Het gaf ze vleugels. ‘Onze organisatie hangt nu niet aan een zijden draad’, zegt Roldaan. ‘We kunnen voor het eerst onze activiteiten een jaar vooruit plannen en afspraken maken.’

Maar hoe het daarna verder gaat, hangt af van de uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen en of het nieuwe college opnieuw structureel extra geld wil uittrekken. Bij het stemmen draait het woensdag namelijk niet alleen om meer verlichte fietspaden, de opvang van asielzoekers of de hoogte van de rioolbelasting. Gemeentebesturen spelen een grote rol bij het financieren van het culturele leven: van alle subsidie die de Nederlandse overheid aan kunst en cultuur besteedt, loopt 60 procent via de wethouders van Cultuur.

Computergames

Tot haar verbazing staat de naam van de experimentele kunstruimte Sickhouse nu zelfs in enkele partijprogramma’s, zegt mede-oprichter Marie Janin (42) glunderend. De inrichting van hun nieuwe onderkomen – in een voormalig eetcafé-biljart aan de Oldenzaalsestraat, twee minuten fietsen van de Theatermakerij – is nog in volle gang. Zonder de meerjarige subsidie en het meedenken van de gemeente hadden ze hier nooit twee weken geleden de deuren kunnen openen.

Sickhouse is voortgekomen uit het jaarlijkse The Overkill Festival, waar ze sinds 2012 met computergames en andere spelvormen moderne technologie kritisch onderzoeken in de geest van de plaatselijke kunstacademie AKI. Jarenlang leidden ze een zwervend bestaan – onder meer in een oud ziekenhuis, vandaar de naam – met hun inboedel van 51 stoelen uit een vooroorlogse Enschedese bioscoop die ze ooit toegespeeld hadden gekregen.

‘Toen ik hier in 2006 studeerde, waren er in de stad vier grote kraakpanden waar kunstenaars en studenten woonden, werkten en allerlei activiteiten organiseerden. Na het ingaan van het kraakverbod van 2010 is dat allemaal verdwenen. Sindsdien zochten we naar plekken om samen te komen en workshops, tentoonstellingen en ontmoetingen te houden.’

Levendig debat

Het culturele leven bloeit met dat alles behoorlijk in Enschede, dat met ruim 162 duizend inwoners de zeventiende stad van het land is. Kunstbeleid is zelfs een thema in de verkiezingen. Meer dan zestig bezoekers vullen op donderdagavond een bovenzaal van de bibliotheek voor een levendig debat over de verdeling van het cultuurbudget tussen wijken, scholen, verenigingen en podia.

Maar liefst negen partijen doen mee: van de centrumrechtse lokale partij Burgerbelangen Enschede (BBE) – met 10 zetels nu veruit de grootste in een raad van 39 zetels – tot de SP, die na een tussentijdse afsplitsing niet meer in de raad is vertegenwoordigd.

Cultuur, zo luidt een stelling, is belangrijk om bedrijven en hun personeel aan de stad te binden. Ja, zegt de lijsttrekker van BBE, ‘dat verband zijn we steeds beter gaan zien’. Wel wat laat, merkt de voorzitter van het debat op. Immers, de succesvolle hotelwebsite Booking, als start-up in Enschede begonnen, is jaren geleden naar Amsterdam vertrokken, waar de veeleisende techwerknemers liever wonen.

Maar op de vraag of partijen de meerjarige subsidies structureel willen verlengen, komt geen duidelijk antwoord, behalve van GroenLinks-PvdA: ja. Na afloop waarschuwt de aanwezige BBE-wethouder van Financiën in de wandelgangen al voor ‘ravijnjaar’ 2028. Het zijn de doorgeschoven rijksbezuinigingen op het gemeentefonds die als een donkere wolk boven gemeenteraden hangen en beloften doen moeilijk maken.

Geldnood

‘Als het tegenzit, staan we straks weer op een kruispunt’, zegt theaterschooldirecteur Roldaan, die ruim tien jaar geleden na omzwervingen in de Randstad terugkeerde naar de stad waar ze is opgegroeid. Het was de tijd dat veel gemeenten uit geldnood hun muziekscholen, bibliotheken en zwembaden van de begroting schrapten.

Ze begon de Theatermakerij op te bouwen vanuit de resten van zo’n wegbezuinigde voorziening, en merkte al snel dat er animo was. Leerlingen groeiden zelfs snel door naar de populaire publieksfilms en tv-series van hun streekgenoot, regisseur Johan Nijenhuis (Costa!, De beentjes van Sint-Hildegard). ‘Het was alleen onmogelijk om de kosten van de leslocatie en de docenten met alleen lesgeld te dekken. We leefden van projectsubsidie naar projectsubsidie.’

Het verstrekken van meerjarige subsidies aan het ‘middenveld’ was in 2024 een doorbraak. Tot dan was de kennis van de gemeente vooral gericht op wat wel ‘het goud van Enschede’ heet, waarmee het goed pronken was. Namen die landelijk bekendheid genieten zoals de Nederlandse Reisopera, Rijksmuseum Twenthe, Muziekcentrum Enschede – een van de thuishavens van Phion, het beroepssymfonieorkest van Oost-Nederland – en het theater dat is vernoemd naar de in 2003 overleden dichter Willem Wilmink, het cultureel icoon van de stad.

Veel minder oog was er voor het culturele leven daaronder, waar het niet alleen draait om kunst met een grote K, maar ook om de inspiratie, de ontmoeting en het avontuur die een gemeenschap doen gisten. Maar dat gaat niet vanzelf. Broedplaatsen, open podia, improvisatieworkshops, zangkoren en bandjesavonden draaien op een mengeling van amateurs, vrijwilligers en vakmensen die als zzp’ers in allerlei disciplines het hoofd boven water proberen te houden.

Lockdowns

De pandemie bracht dat aan het licht. Grote culturele organisaties kregen ruime financiële steun uit Den Haag om het gebrek aan inkomsten tijdens de lockdowns op te vangen. Voor de vele zzp’ers lag dat anders: hun compensatieregelingen via de gemeente waren ingewikkeld.

Vandaar dat ze in Enschede de handen ineensloegen en onder aanvoering van Karine Roldaan het Cultuurnetwerk oprichtten voor de belangen van het ‘middenveld’ tussen amateurs en grote namen in. De lobbyactie leidde tot een extra investering tot 2028 van in totaal 4 miljoen euro in cultuur, bovenop de 16 miljoen die Enschede aan zijn elf grote instellingen uitgeeft.

‘Soms dacht ik wel: ik houd ermee op’, zegt Roldaan. ‘We moesten onszelf echt laten zien, uit onze theaterbubbel stappen. Ik heb een keer bijna huilend bij de wethouder gezeten. Maar hij luisterde wel: Jeroen Diepemaat, van de VVD, die nu burgemeester in Losser is. Ik heb met de subsidie het team van Theatermakerij kunnen uitbreiden, waardoor ik niet meer alles op mijn schouders draag. Als het nodig is, zullen we daar weer voor vechten.’

Welke rol spelen gemeenten bij het financieren en faciliteren van kunst en cultuur?

Het lokale bestuur speelt in Nederland een sleutelrol in het culturele leven. Van de verbouwing van een schouwburg tot de organisatie voor een zomerfestival of het vinden van repetitieruimte van een harmonieorkest, op al die terreinen kunnen gemeenteraadsleden en wethouders doorslaggevende invloed hebben.

Het is daarom niet toevallig dat een vooroorlogse wethouder gezien wordt als de grondlegger van het Nederlandse cultuurbeleid: de Amsterdamse bestuurder Emanuel Boekman, wiens naam voortleeft in het kenniscentrum voor kunstbeleid, de Boekmanstichting.

Van alle subsidie die de overheid aan kunst en cultuur uitgeeft, loopt het grootste deel via gemeenten: in 2023 was dat volgens cijfers van het CBS 2,23 miljard euro, ofwel 60 procent van het geheel. Het rijk en de provincies namen het andere deel voor hun rekening: respectievelijk 1,3 miljard en 368 miljoen euro.

Zijn gemeenten wettelijk verplicht budget voor kunst vrij te maken?

Nee. Gemeenten moeten paspoorten uitgeven, uitkeringen verstrekken, jeugdhulp verlenen en – sinds 2026 – in een bibliotheek voorzien. Maar gemeenten zijn niet wettelijk verplicht een theater te openen of muziekles aan te bieden.

Daardoor bezuinigen gemeenten daar makkelijker op wanneer ze krap bij kas zitten. Hun veranderende inkomsten bestaan uit leges, belastingen en een uitkering uit het gemeentefonds van het rijk. Om cultuur geen sluitpost van de begroting te maken, klinkt wel de roep om er een wettelijke taak van te maken, maar gemeenten willen dat alleen als Den Haag daar ook nieuw budget bij levert.

De verschillen tussen wat gemeenten aan cultuur uitgeven kunnen dan ook groot zijn. Alleen al binnen de G9, de negen gemeenten die het meeste budget aan cultuur besteden, liep dat in 2023 uiteen van 252 euro per inwoner in Amsterdam tot 211 euro in Eindhoven en 168 euro in Enschede.

Stemmen gemeenten, provincies en rijk hun cultuuruitgaven op elkaar af?

In 2025 sloot het rijk ‘cultuurconvenanten’ met negen provincies en landsdelen om de taken beter te verdelen. Maar er valt nog veel te winnen. Culturele instellingen beklagen zich er al jaren over dat ze tussen de overheden in een subsidielabyrint verdwalen en dat verdeling van geld tussen de Randstad en de andere regio’s onevenwichtig is.

De Raad voor Cultuur, de adviseur voor kunstbeleid van de regering, publiceerde daarom ruim twee jaar geleden al een dik rapport vol aanbevelingen: Toegang tot cultuur – Op weg naar een nieuw bestel in 2029. Na een reeks bewindslieden die de portefeuille Cultuur maar kort beheerden, is het nu aan de nieuwe minister Rianne Letschert (D66) om dat in de praktijk te brengen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next