Home

Hoe een actrice uit een bestseller mij leerde glorieus te falen

Generatie Werk is niet alleen werk; veel millennials en Gen Z’ers zien het als een fundamenteel onderdeel van hun zelfbeeld. Dat is riskant, weet Lotte Hondebrink, sinds zij een verprutste studieopdracht als persoonlijk falen ervoer. Maar toen opende bestsellerschrijver Jennette McCurdy haar de ogen.

Schrijver en voormalig actrice Jennette McCurdy had eind 2014 net haar eerste filmdag van de serie Between erop zitten toen ze van haar agent slecht nieuws kreeg. De serie, waarvan McCurdy dacht dat Netflix de opdrachtgever was, bleek in werkelijkheid in handen van het veel minder prestigieuze CityTV. Verslagen en teleurgesteld zat de actrice vervolgens in haar caravan op de filmlocatie.

Jennette McCurdy: Ik ben blij dat mijn moeder dood is. (I’m Glad My Mom Died) Spectrum, 336 blz. €15,-

Deze scène, afkomstig uit I’m Glad My Mom Died, McCurdy’s bestseller uit 2022 waarvan meer dan 3 miljoen exemplaren werden verkocht, lijkt extreem. Hoe kan een succesvol actrice zo aangeslagen zijn door zo’n kleine tegenslag? Ze had immers nog altijd de hoofdrol in deze serie. Toch was dat het niet waar het haar om ging: „Ik wil een verschil maken, of in ieder geval het gevoel hebben dat ik via mijn werk een verschil maak. Zonder dat gevoel, die verbinding, voelt het werk zinloos en inhoudsloos. Ik voel me zinloos en inhoudsloos.” In het licht van deze uitspraak was het wel logisch dat McCurdy nogal down was. Werk is niet alleen werk; ze beschouwde het vooral als een fundamenteel onderdeel van haar zelfbeeld. Als het werk leeg aanvoelt, dan is zijzelf dat ook.

Jennette McCurdy: Half his age. Van Goor. 304 blz. €22,99

Dit precaire zelfbeeld dat McCurdy schetst, komt niet uit de lucht vallen. Al vanaf haar zesde werd de schrijfster door haar moeder gedwongen als actrice te werken. Haar moeder, een opvliegende, onberekenbare vrouw, wilde van de kleine Jennette een succesvolle actrice maken. Hierbij ging het haar meer om het succes dan om het acteren. En het lukte: McCurdy werd een kindster, vooral bekend van de enorm populaire televisieserie iCarly (2007-2012). Hoewel ze er goed in was, vond ze het acteren naar eigen zeggen nooit echt leuk. Ondertussen werd deze acteercarrière wel haar persoonlijke graadmeter van succes en bepaalde het in hoge mate haar zelfbeeld. „Hard werken en goed presteren is belangrijker dan plezier maken”, schrijft ze over haar toenmalige werk.

In 2018 stopte McCurdy met acteren en richtte ze zich op het schrijven. In I’m Glad My Mom Died gunt ze een blik op wat er gaande was achter de schermen van het zo begeerde succes: de problematische relatie met haar moeder, haar eetstoornissen, haar chronisch lage zelfbeeld. Inmiddels een roman verder, Half His Age (2025), is de nu 33-jarige McCurdy verworden tot een schrijver die haar generatie vrouwen buitengewoon goed begrijpt. Van hoge verwachtingen tot lage zelfbeelden.

Geen grootse carrière

Veel van McCurdy’s cultuur- en generatiegenoten, onder wie ikzelf (28), zijn niet door hun ouders gedwongen om op jonge leeftijd al een grootse carrière na te streven. Sterker nog, zowel thuis als op school werden we aangemoedigd werk te zoeken dat we leuk en zinvol zouden vinden. Ook dat gaat gepaard met hoge verwachtingen, maar dan vanuit onszelf. Wat velen van ons wel met McCurdy gemeen hebben is onze getroebleerde relatie met werk, succes en teleurstelling. Uit een onderzoek van trainingsbureau Careerwise uit 2024 blijkt dat millennials, geboren tussen 1981 en 1996, en Gen Z’ers, geboren tussen 1997 en 2012, generatiespecifieke wensen hebben op de werkvloer. Na 2.500 proefpersonen te hebben geïnterviewd identificeerde Careerwise drie nauw met elkaar verbonden verwachtingen bij deze leeftijdsgroep: gelukkig zijn, het verschil maken, en talenten optimaal benutten.

Wie geluk en zelfontplooiing zoekt in werk, en bovendien een aantoonbaar verschil wil maken in de wereld, streeft iets na wat in de eerste plaats uitzonderlijk is. Bij de meeste banen moet je genoegen nemen met twee, één, of zelfs geen van deze drie kenmerken. Dit hoeft niet erg te zijn: er zijn meer criteria die een baan aantrekkelijk kunnen maken. Generatie X (waartoe de meeste ouders van millennials en Generatie Z horen) streeft bijvoorbeeld naar stabiliteit, een goede werk-privébalans en een beloning die hun harde werk weerspiegelt. Zingeving en persoonlijke ontplooiing op het werk spelen voor hen een veel minder grote rol.

Maar voor Gen Z’ers, bij wie stress en faalangst vaak voorkomen, lijkt werk dé plek om je persoonlijk geluk te verwezenlijken en je talenten te ontplooien. Werk en zelfbeeld raken op deze manier met elkaar verstrikt. Wie deze redenering heeft geïnternaliseerd legt, aldus McCurdy, een enorme druk op zichzelf.

Hiervoor zijn verschillende redenen aan te voeren en die hebben minder met individuele waarden te maken dan met de veranderende economie. Zo is bijvoorbeeld het percentage Nederlandse werknemers met een tijdelijk contract sinds de jaren negentig ruim verdubbeld. Logisch dat de jongere generatie minder stabiliteit nastreeft: de kans dat je raak schiet is een stuk kleiner geworden. Ook de historisch hoge prijs van woonruimte zorgt ervoor dat de stabiliteit die werken ooit kon opleveren, voor millennials en Gen Z’ers vaak ver te zoeken is. Een beloning die je harde werk weerspiegelt is natuurlijk mooi, maar wat als je met die beloning nog steeds geen huis kunt kopen of huren? Dan blijft over: het zoeken naar zelfontplooiing en geluk, in werk en daarbuiten.

Drie kwartier huilen

Zelf studeerde en promoveerde ik tussen 2017 en 2025 aan de Universiteit van Cambridge. Een plek waar ik vrienden heb gemaakt en veel heb kunnen leren, maar waar ik ook flink werd geconfronteerd met mijn eigen houding ten opzichte van falen en teleurstelling. Ik herinner me uit mijn eerste jaar, ergens in februari, een ‘supervision’: een één-op-één-sessie met een universitair docent van ongeveer een uur over een door mij geschreven essay. Daarvan had ik er destijds drie per week. Deze specifieke ‘supo’ ging niet bepaald goed. Mijn belangrijkste stelling was niet goed onderbouwd, en bovendien had ik het werk van de filosoof René Girard helemaal verkeerd begrepen. Als klap op de vuurpijl was mijn fiets de week ervoor gestolen, dus moest ik vanaf Girton College drie kwartier teruglopen naar mijn studentenhuis.

Ik zeg het maar meteen: ik liep drie kwartier te huilen. In mijn beleving waren mijn kansen op geluk, zelfontplooiing en het maken van een verschil met dit verprutste essay drastisch verkleind. Ik behandelde dit werk, zoals al mijn essays, onbewust als een afspiegeling van mezelf en voelde me, na deze forse kritiek, net zo nutteloos als Jennette McCurdy destijds in haar caravan. In een extreem prestatiegerichte omgeving als Cambridge ligt het extra voor de hand dat mensen zich kritiek erg aantrekken, en hun werk als verlengstuk van zichzelf beschouwen. De studie is zo tijdrovend dat er soms weinig anders overblijft om je zelfbeeld aan op te hangen, en studenten hebben vaak jarenlang toegewerkt naar hun plek aan de universiteit. Hier is de vervlechting van werk en zelfbeeld dus minder generatiegebonden dan elders, maar desalniettemin zette mijn reactie mij aan het denken over mezelf. Vrienden konden beamen dat ze, net als ik, wel overdreven veel belang hechtten aan hun academische prestaties.

Toch speelt er ook nog iets anders. Want blijkbaar zit er ook een vorm van bevrediging in als er überhaupt iets van je wordt verwacht waardoor je kunt falen. Anders gezegd: „It’s an honor, being regarded highly enough to be disappointing.”

Dit paradoxale inzicht komt van Waldo, de hoofdpersoon in McCurdy’s vorig jaar verschenen roman, Half His Age. Waldo woont bij haar chronisch afwezige moeder. Thuis is er altijd geldgebrek en op school gaat het niet lekker. Zeker voor een zeventienjarige, die tot het jongere cohort van Generatie Z behoort, ligt escapisme in zo’n situatie voor de hand: Waldo eet veel snoep, scrolt eindeloos rond op sociale media waar mooie huizen en perfecte levens over elkaar heen buitelen, en koopt veel kleren waar ze eigenlijk geen geld voor heeft. En dan komt de ultieme ontsnapping aan de sleur van haar dagelijks leven voorbij: een verliefdheid op haar docent creatief schrijven, meneer Korgy.

Waarom voelt Waldo zich juist tot deze man zo aangetrokken? Hij is al veertig, getrouwd en op het eerste gezicht een beetje een nietsnut. Al snel blijkt dat het Waldo om iets anders te doen is. Als Korgy aan de klas opbiecht dat hij romanschrijver had willen worden, wat niet is gelukt, is Waldo getroffen door de open wijze waarop hij met zijn teleurstelling omgaat: „Dit is iemand die de teleurstellende realiteit van zijn of haar leven recht in de ogen heeft gekeken en bereid is daar open en kwetsbaar over te zijn.” Dat het hem niet is gelukt om daadwerkelijk een roman te publiceren en dat hij daar gewoon voor uitkomt, maakt hem tot de belichaming van een kant van het leven die door Waldo’s generatie massaal wordt weggemoffeld. Teleurstelling en afwijzing overkomen iedereen, maar hardop uitspreken dat je werkende leven tot nu toe uit tegenvallers bestaat is een bijna heroïsche actie, in de ogen van iemand die in een wereld leeft waar werk en zelfbeeld aan elkaar verbonden zijn.

In haar boeken geeft McCurdy geen antwoord op de vraag hoe we gezonder kunnen omgaan met falen en teleurstelling. Wat ze ons laat zien is het gevaar van de vervlechting van werk en zelfbeeld: een ongezonde drang naar erkenning, het onvermogen om teleurstellingen te relativeren. Eén van de belangrijkste dingen die ik in Cambridge heb geleerd is dat het accepteren van falen noodzakelijk is voor de zelfontplooiing. Het is geen vervelende bijzaak op het pad richting succes, maar een fundamenteel onderdeel van de menselijke ervaring. Neurobiologe Melanie Stefan pleitte in 2010 voor het opstellen van een ‘faal-CV’: een lijst met werkgerelateerde mislukkingen. Dit lijkt me een goede eerste stap op weg naar een completer beeld van werk, en van onszelf. De filosofie van René Girard begrijp ik nog steeds niet, maar ik heb wel geleerd dat dat matige essay net zo goed deel uitmaakte van mijn studietijd als het goede essay van de week erna. Het omarmen van tegenslag zal het gevoel van teleurstelling niet wegnemen, wel stelt het ons in staat om te blunderen met behoud van eigenwaarde, en een krachtig zelfbeeld te ontwikkelen dat niet valt of staat bij wat voor werk dan ook.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Slim Leven

Stukken die je helpen om je leven fijner en je carrière beter te maken

Literatuur

Lees meer

Uitgelichte artikelen

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next