De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt hard over het Luchthavenverkeerbesluit voor Schiphol van de minister van Infrastructuur en Waterstaat. Het besluit waarbij het aantal vluchten van en naar Schiphol werd beperkt, was niet zorgvuldig genomen en niet goed gemotiveerd. Als gevolg hiervan geldt per direct het vorige Luchthavenverkeerbesluit uit 2008, waarbij er geen totaal maximumaantal vluchten per jaar geldt.
In een Luchthavenverkeerbesluit staan regels voor het gebruik van de luchthaven, zoals voor vliegtuiggeluid en het aantal vluchten in de nacht. Er staat in hoeveel geluid er maximaal is toegestaan, voor de hele luchthaven en per handhavingspunt in de omgeving van Schiphol. Ook bevat het regels over de veiligheid, het gebruik van start- en landingsbanen en de uitstoot van stoffen.
In mei vorig jaar wijzigde de minister het Luchthavenverkeerbesluit Schiphol om de geluidbelasting te beperken met het oog op de belangen van omwonenden van de luchthaven. Met de wijziging werd het aantal vluchten op Schiphol per 1 november 2025 gemaximeerd tot 478.000 per jaar, waarvan maximaal 27.000 in de periode van 23.00 uur tot 7.00 uur. Voorheen bepaalde het Luchthavenverkeerbesluit geen maximum voor het aantal vluchten. Er stond wel in dat maximaal 32.000 vluchten in de nachtelijke periode konden plaatsvinden.
Tegen het oude besluit kwamen luchtvaartmaatschappijen, omwonenden, gemeenten en diverse stichtingen en verenigingen in beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak. Ze waren het om uiteenlopende redenen niet eens met het besluit. De luchtvaartmaatschappijen vonden de beperking van het aantal vluchten van en naar Schiphol onaanvaardbaar, terwijl de drie omliggende gemeenten, natuurorganisaties en omwonenden juist een verdere beperking wilden vanwege de geluidsoverlast.
Naar het oordeel van de Afdeling bestuursrechtspraak heeft de minister zijn besluit niet toereikend gemotiveerd. Hij heeft volstaan met het standpunt dat het maximumaantal vluchten per jaar mede bepaalt hoeveel geluid er per jaar uiteindelijk zal mogen worden geproduceerd rond luchthaven Schiphol. Het vastgelegde maximumaantal vluchten heeft volgens de minister daarom als grens voor de geluidbelasting te gelden. Omdat niet elk vliegtuig dezelfde hoeveelheid geluid produceert, zegt een optelsom van alleen vluchten onvoldoende over de totale hoeveelheid geluid in een jaar. Daarnaast heeft de minister niet inzichtelijk gemaakt dat het nieuwe besluit tot een afname van de geluidshinder leidt, terwijl dat het doel van het besluit was.
In het vernietigde luchthavenverkeersbesluit stond ook dat het maximumaantal vluchten in de nacht van 32.000 naar 27.000 vluchten wordt verlaagd. Geen van de partijen had bezwaar tegen dit deel van het besluit. Daarom treft de Afdeling bestuursrechtspraak in de uitspraak de voorlopige voorziening dat “op de luchthaven Schiphol maximaal 27.000 vliegtuigbewegingen met handelsverkeer per gebruiksjaar plaatsvinden in de periode van 23.00 uur tot 7.00 uur.” Overigens is niet aannemelijk dat dit aantal feitelijk zal worden gehaald. Het kabinet heeft een algehele wijziging van het Luchthavenverkeerbesluit inmiddels in voorbereiding. Als dat nieuwe besluit gaat gelden, vervalt de nu in de uitspraak van de Raad van State vastgelegde voorlopige voorziening.
Schiphol (Foto: Pixabay / csupordezso)
Source: Fok frontpage