De Nederlandse elektriciteitsproductie lag in 2025 op een recordniveau. Producenten wekten 132 miljard kWh op, 10 procent meer dan in 2024. Dat is het hoogste niveau ooit gemeten. Vooral zonne-energie, aardgas en kolen zorgden voor de groei. Tegelijkertijd bereikte ook de uitvoer van stroom een piek, blijkt uit voorlopige cijfers van het CBS.
In tien jaar tijd steeg de productie met een kwart. De vraag in Nederland zelf groeide amper, maar het buitenland vroeg juist meer stroom uit Nederland. Daardoor voerde Nederland meer elektriciteit uit en haalde het minder uit andere landen. Sinds 2015 is de invoer bijna gehalveerd, terwijl de uitvoer juist blijft klimmen.
Hernieuwbare bronnen leverden in 2025 iets meer elektriciteit dan fossiele bronnen. De productie uit zon, wind, biomassa en waterkracht kwam uit op 64,3 miljard kWh, goed voor 49 procent van de totale productie. Fossiele bronnen kwamen uit op 63,0 miljard kWh, ofwel 48 procent. In 2015 lag de hernieuwbare productie nog bijna vijf keer zo laag. De bijdrage van kernenergie en overige bronnen bleef met 4,5 miljard kWh beperkt.
Zonne-energie groeide het sterkst. De productie uit zon nam met 17 procent toe ten opzichte van 2024, tot 25,5 miljard kWh. Dit kwam vooral door veel zonuren in 2025 en een toename van het totaal vermogen aan zonnepanelen met 4 procent. In tien jaar tijd is de zonnestroomproductie meer dan twintig keer zo groot geworden. Wind op zee leverde ook meer stroom, doordat nieuwe windparken, die in 2024 zijn aangesloten, in 2025 een volledig jaar draaiden.
Wind op land leverde juist minder elektriciteit dan een jaar eerder. De belangrijkste reden was minder gunstige wind. Eind 2025 stond er 7,0 gigawatt aan windvermogen op land en 4,7 gigawatt op zee. De productie uit biomassa nam ook toe. Biomassa wordt vooral meegestookt in kolencentrales en telde mee als hernieuwbare bron.
De productie uit fossiele bronnen steeg in 2025 met 14 procent ten opzichte van 2024. Aardgascentrales wekten 11 procent meer elektriciteit op, tot 48,0 miljard kWh. De stroom uit kolen nam met 25 procent toe, tot 12,0 miljard kWh. Toch ligt de productie uit kolen nog altijd fors lager dan tien jaar eerder: 70 procent minder dan in 2015. De rest van de fossiele productie, uit olieproducten en andere niet-hernieuwbare brandstoffen, kwam uit op 3,1 miljard kWh.
De handel in elektriciteit verschoof duidelijk. Nederland voerde in 2025 30,4 miljard kWh uit, een stijging van een kwart ten opzichte van 2024. Vooral de export naar Duitsland en België nam sterk toe. De uitvoer naar Duitsland lag bijna de helft hoger. Duitsland had minder windproductie op zee en er was minder waterkracht in Zwitserland en Oostenrijk door lage waterstanden. Naar België ging bijna een kwart meer stroom, mede doordat Belgische kerncentrales minder produceerden.
De invoer van elektriciteit daalde met 19 procent naar 16,3 miljard kWh, vooral minder uit Duitsland, België en Noorwegen. Het saldo van invoer minus uitvoer kwam uit op -14,0 miljard kWh. Daarmee was Nederland in 2025 duidelijk exporteur van stroom. De belangrijkste reden voor dat omslagpunt: eigen productie groeit snel, terwijl de binnenlandse vraag vrijwel gelijk blijft.
Afbeelding: Grok AI / FOK.nl
Source: Fok frontpage