Home

Harry Styles zoekt naar gelukzalige ontlading op de dansvloer

Albumrecensie Het vierde studioalbum Kiss All The Time. Disco, Occasionally van de Britse artiest Harry Styles is uitgesproken elektronisch en clubgericht.

Harry Styles trad afgelopen zaterdag voor het eerst in drie jaar weer op bij de Brit Awards in Manchester.

Plots klonk dit weekend de ballad ‘Coming Up Roses’, een nummer van Harry Styles’ komende vierde studioalbum Kiss All The Time. Disco, Occasionally, in de danceset van Fred Again. Tijdens de show van de populaire producer in het Londense Alexandra Palace was het een voorproefje voor verraste clubbers. „But we sleep half the night with your head on my chest, me and you. There’s only me and you”, zong Harry Styles, zacht, weemoedig op pizzicato gespeelde strijkers. Armen zwaaiden mee. De slim gelekte track had effect: het fragment ging viraal.

PopHarry StylesKiss All the Time. Disco, Occasionally

Na drie jaar in de schaduw gonst het weer rond zanger Harry Styles, een van de grootste namen in de hedendaagse popmuziek. Harry is back, en we zullen het weten. Eerst kwam de aankondiging van een wereldtournee, een ‘residency’ in zeven wereldsteden, te beginnen in mei met tien shows in de Johan Cruijff Arena in Amsterdam. Toen het nieuws dat er nieuwe muziek kwam. Er waren eindeloze wachtrijen voor de ticketverkoop. Speciale luisterevents voor fans; soms ronduit hysterisch. In Nederland ging dat van fans in polonaise tot huilen tot fans die beduusd op de grond bleven liggen, aldus platenlabel Sony.

En ook komend weekend is fan-driven zoals dat heet: met diverse Harry Styles pop-upstores en een stream (Netflix, 8 maart) van zijn concert One Night In Manchester – zijn nieuwe plaat voor het eerst live. Ja, de vloedgolf zal nog maanden uitrollen.

Afgelopen zaterdag keerde de Britse, in Amerika wonende, nu 32-jarige popprins, die vanaf zijn zestiende een posterboy was in de Britse boyband One Direction, en als blikvangend solo-artiest drie albums maakte, voor het eerst terug op het podium. Met bruisende vintage disco-energie opende hij, samen met een batterij aan dansers, de show van de Brit Awards, de uitreiking van de prestigieuze Britse popmuziekprijzen. Ondanks een intensieve, geometrische choreografie met jazz hands en hoofdknikjes bleef de donkere klank van zijn zang in single ‘Aperture’, de openingstrack van zijn nieuwe album, stabiel en krachtig.

Strenge embargo’s

Vrijdag verschijnt Kiss All The Time. Disco, Occasionally. Muziekmedia mochten het album eerder beluisteren op het hoofdkantoor van Sony Music. Zoals dat gaat bij grote releases was alles omgeven met voorzichtigheid: telefoons ingeleverd, strenge embargo’s, geen ruimte voor voortijdig lekken. Het tekent de schaal waarop Styles opereert.

Het is meteen voelbaar wat voor plaat dit is: de nummers zetten in beweging óf vertragen tot alles om je heen zachter wordt. Je wilt dansen, soms alleen meedeinen, maar steeds trekt Styles je de muziek in. Je snapt waarom zijn tournee Together Together heet: het draait om samenzijn, om een collectieve lichtheid waarin iedereen op dezelfde golflengte zit.

Dit album voert je rechtstreeks naar de dansvloer, klaar om anoniem op te gaan in de massa die tegen 02.00 uur ’s nachts samensmelt tot een bezweet, extatisch danskluwen. Waar zijn vorige album Harry’s House nog een bont boeket was van slim gesmede popsongs die het heden verbonden met zijn liefde voor de jaren zeventig en tachtig (lome grooves, tintelende synths, funky baslijnen) klinkt deze nieuwe plaat uitgesproken elektronisch en clubgericht.

Styles noemt in interviews de invloed van de Amerikaanse band LCD Soundsystem. Maar in de ravey opjuttende, gelaagde synths hoor je ook iets van de elektronische discoritmes van de band Tame Impala, of een zweem ritmische vindingrijkheid van Pharrell Williams, strakke groovy pop van Justin Timberlake. En er zijn moderne disco-invloeden die doen denken aan Nile Rodgers.

Naast het rennen van marathons, in heel snelle tijden overigens, en het genieten van ‘normale’ vrije tijd door te reizen, heeft popster de afgelopen twee jaar veelal willen ervaren hoe het is om aan de ándere kant van het podium te staan. Hoe komt livemuziek binnen als bezoeker? Hoe het is om als vreemde tussen andere vreemden op te gaan in muziek en de magie van de nacht? In de obscure danceclub Berghain in Berlijn bijvoorbeeld – een plek waardoor zangeres Rosalía zich onlangs ook liet inspireren. De artiest van nu verlangt naar een collectief verdwijnen.

Zorgvuldig geregisseerde euforie

Styles gooit de zoete retrotoon van zijn vorige plaat om. Openingstrack ‘Aperture’ prikt zijn veilige bubbel door met zijn kalme, geleidelijke opbouw en wanneer de langzaam aanzwellende synthlagen en acid-achtige klankaccenten tot volle bloei komen, komt gelukzalige ontlading als Styles voor het eerst „we belong togetherrrr” zingt.

Het is een zorgvuldig geregisseerde euforie, die zich vaker op het album aandient: ingetogen beginstukken die uitmonden in geraffineerde beats en vervormde synths. Het maakt de plaat soms wat eenzijdig, Harry’s House had wat meer verschillende smaken.

Maar ‘Ready Steady Go!’ zal beslist een dikke hit worden. Een dikke baslijn à la The White Stripes mondt uit in een Billie Eilish in haar begintijd-productie vol weird versneden synthlagen. Ook lekker: ‘American Girls’, dat na een piano-introotje uitgroeit tot groovy electropop. Terwijl ook ‘Are You Listening Yet?’ met zijn praatzang en Britse indie-randje mikt op totale overgave op de dansvloer.

Vaak klinkt Styles’ stem omfloerst. De producties zijn vol, rijk aan maffe sounds, gekke ritmes en elastische bassen, soms bijna overdadig. Zoals in de blijmoedige moderne discopoptrack ‘Pop’ en het funky ‘Dance No More’, dat knipoogt naar Timberlake.

Een uitzondering is de ballad ‘Coming Up Roses’, waarin zijn stem juist helder en kwetsbaar naar voren treedt: dat wordt vrijwel zeker een fanfavoriet. En ook ‘Paint By Numbers’, met zijn haast Beatle-eske gitaarintro, biedt een zachter reflectief moment.

Een terugkerende naam in de credits is die van producer Thomas Hull ofwel Kid Harpoon, eerder ook verantwoordelijk voor gigahits als ‘Watermelon Sugar’, ‘Adore You’ en ‘As It Was’. En opmerkelijk: er zijn op jazzdrummer Tom Skinner, die in zeker de helft van alle nummers meespeelt, en het House Gospel Choir na geen andere prominente features. Styles draagt deze toch best indrukwekkende plaat grotendeels alleen.

Maar laten we alsjeblieft ophouden te spreken over zijn ‘nieuwe era’. Artiesten ontwikkelen zich, dat verlangen we ook van ze. Wat hier hoorbaar is, is een mooie creatieve verschuiving: van retro-romantiek naar de pompende dansgloed van de nacht.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Cultuurgids

Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden

Populaire muziek

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next