De Financial Times (FT) heeft nieuwe details gepubliceerd over een uitgebreide, jarenlange inlichtingencampagne van Israël, die uiteindelijk leidde tot de uitschakeling van de Iraanse geestelijk leider Ali Khamenei. Volgens het medium ging hier een ongekende technologische en operationele voorbereiding aan vooraf.
De operatie, die volgens bronnen al in 2001 begon onder voormalig premier Ariel Sharon, veranderde de manier waarop inlichtingendiensten naar hun doelwitten kijken. Inlichtingenfunctionarissen zouden Teheran inmiddels net zo goed kennen als Jeruzalem. Met behulp van geavanceerde algoritmes stelde Israël gedetailleerde dossiers samen over leden van Khamenei's beveiliging. Hun woonadressen, werktijden, privéauto's en reisroutes. Maar ook informatie over wie de beveiligers moesten beschermen en vervoeren.
Een netwerk van surveillance en spionage
De technologische component van de operatie was cruciaal en veelomvattend. Israëlische diensten wisten vrijwel alle verkeerscamera’s in Teheran te hacken. De beelden werden in real-time versleuteld en doorgestuurd naar servers in Israël. Eén specifieke camera bleek daarbij van onschatbare waarde: deze gaf direct zicht op de ingang van het beveiligde complex van Khamenei.
Naast fysieke camerabeelden speelde data-analyse een hoofdrol:
De uitschakeling van Khamenei
Toen Israël, in samenwerking met de Amerikaanse CIA, vaststelde dat Khamenei op een zaterdagochtend een vergadering zou bijwonen in zijn kantoor aan Pasteur Street, werd de beslissing tot actie genomen. Volgens het FT-artikel bleek uit menselijke bronnen binnen de Iraanse top dat het overleg inderdaad bovengronds plaatsvond, wat een aanval mogelijk maakte.
De uitvoering van de aanval verliep met militaire precisie:
De operatie markeert het eindpunt van een traject dat meer dan twintig jaar in beslag nam. De combinatie van jarenlange gegevensverzameling, cyberaanvallen en menselijke inlichtingen maakte het mogelijk om een van de meest beveiligde leiders ter wereld uit te schakelen.
Source: Fok frontpage