Home

Oké, thuis had hij een ‘wapen- en munitiefabriek met depot’. Maar mag de rechtbank ook Thomas’ extreemrechtse ideeën meewegen?

De Zitting In augustus werd hij aangehouden en diezelfde dag doorzocht de Dienst Speciale Interventies de antikraakwoning van Thomas in Erp. Wat ze onder andere aantroffen: grendelgeweren, revolvers, gaspistolen, vlindermessen en tien pijlen met scherpe metalen punten.

De zaak

Inmiddels wordt hij niet meer verdacht van het voorbereiden van een terreuraanslag, maar in de extra beveiligde rechtbank in Rotterdam – gevuld met journalisten, studenten en familieleden – blijkt die verdenking nog altijd een lange schaduw te werpen. De blonde man in spijkerbroek en gehaakte, grijze trui staat terecht voor illegaal wapenbezit. En de rechtbank kan dat arsenaal moeilijk los zien van wie de verdachte is en welke kringen hij frequenteert.

De 25-jarige Thomas D. is regioleider en woordvoerder van de Geuzenbond. De AIVD bracht in augustus 2025 een ambtsbericht over D. naar buiten. Drie dagen later werd hij aangehouden in zijn ouderlijk huis, diezelfde dag doorzocht de Dienst Speciale Interventies D.’s antikraakwoning in Erp. Die eenheid van politie en defensie wordt ingezet bij een bijzonder hoge dreiging.

Wat ze onder andere aantrof: twee grendelgeweren, twee revolvers en twee gaspistolen, 209 kogelpatronen, 4.395 patroonhulzen en 397 slaghoedjes, meerdere vlindermessen, tien pijlen met scherpe metalen punt en grondstoffen om zelf munitie mee te maken. Het Openbaar Ministerie noemt het „een kleine wapen- en munitiefabriek met bijbehorend depot”.

D. noemt zichzelf een wapenliefhebber. De vondst in Erp noemt hij het resultaat van jarenlang verzamelen. Dat hij de wet heeft overtreden, geeft hij toe. „Van sommige wapens wist ik dat ze illegaal waren, van andere niet. Maar ik had beter kunnen weten.”

Een van de gaspistolen bouwde hij om tot ‘scherp’ vuurwapen, hij had online een handleiding gevonden. Ook maakte hij honderd patronen. De politie testte het wapen: werkte prima. D. zegt dat hij zelf nooit heeft geschoten met het wapen. Niet omdat hij het niet wilde, maar omdat hij bang was dat het zou ontploffen. Waarom besloot hij het dan om te bouwen? „Vanuit belangstelling”, zegt de verdachte.

De rechter gaat verder. Op zijn laptop stonden ook handleidingen voor het maken van explosieven; op een usb-stick instructies voor een semtex-bom, antipersoonsmijnen, 3D-printbare wapens. D. haalt z’n schouders op. Ook dat: louter interesse.

De rechtbank stelt de politieke context aan de orde, tegen de wil van de verdediging. D. financiert de extreemrechtse organisatie Voorpost en nam deel aan een ‘remigratiedemonstratie’ in Zwitserland. Op zijn telefoon stonden berichten met stickers van White Lives Matter en een embleem met de zwarte zon, een nazisymbool. In een bericht noemde hij 81 hulzen in één adem met „81 dooie Antifa”. Een dronken grap, zegt hij nu.

Dat geldt ook voor de uitspraak: als Antifa voor z’n deur staat, steekt hij ze dood. „Het zijn uw woorden, met een enorme hoeveelheid wapens en de kringen waarin u verkeert”, zegt de rechter. D. vindt het vreemd dat het hier toch over zijn politieke voorkeur gaat, nu hij niet meer van terrorisme wordt verdacht. De rechter: „Dit gaat over de wereld waarin u zit en wat u denkt.”

Volgens de reclassering bevindt D. zich in een grijs gebied tussen activisme en rechtsextremisme, met een flinterdunne scheidslijn. De officier van justitie is onverbloemd. De combinatie van D.’s gedachtengoed, diens leidende rol in die kringen en dit wapenarsenaal maken de stap naar geweld klein. „Doodeng”, zegt de officier. Hij eist 24 maanden cel, waarvan 12 voorwaardelijk, met een proeftijd van drie jaar en verplichte begeleiding via de reclassering en behandeling bij forensische zorginstelling De Waag.

De advocaat van D. verzet zich. Nu de terreurverdenking is vervallen, mag de politieke overtuiging niet strafverzwarend meewegen. Hij haalt het Europees Hof aan: vrijheid van meningsuiting geldt ook voor ideeën die choqueren of verontrusten. De Geuzenbond is politiek rechts, maar geen extremistische organisatie. Voor de wapens moet D. worden gestraft. Maar het gaat volgens de advocaat grotendeels om oude verzamelobjecten.

Dan is het woord aan D. Uit zijn zak haalt hij een opgevouwen papiertje, handgeschreven. „Het is niet met woorden te beschrijven wat het met een mens doet”, zegt D., met gedempte stem. Geboeid en geblinddoekt werd hij meegenomen. Pas op televisie, aan de schandpaal genageld als terrorist, besefte hij wat gaande was. „Voor het leven getekend.” Nooit kwade intenties. Illegaal, ja. Maar: hobbyisme. Hij wil zijn naam gezuiverd zien. Liefst emigreert hij. Polen of de Verenigde Staten. Engeland, zegt hij, is te links.

Het oordeel

De rechtbank veroordeelt D. tot 24 maanden cel, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van drie jaar. De eis van de officier van justitie wordt daarmee volledig gevolgd.

Een lange gevangenisstraf is gerechtvaardigd, ondanks D.’s leeftijd en blanco strafblad, zo stelt de rechtbank. Zijn bewering dat hij de wapens nooit wilde gebruiken, wordt niet geloofd. Het omgebouwde gaspistool gebruikte hij niet uit angst voor een ontploffing, niet omdat hij het niet wilde. De handleidingen voor explosieven en semtex-bommen weerspreken zijn zelfschets als onschuldige hobbyist. Dat hij zich aanmeldde bij een militaire opleiding in Oekraïne, bevestigt dat hij bereid is wapens daadwerkelijk te gebruiken.

Zijn denkbeelden heeft de rechtbank, in weerwil van het bezwaar van D.’s advocaat, meegewogen. Als bijzondere voorwaarden krijgt hij een meldplicht, een behandelverplichting bij De Waag en de verplichting een passende dagbesteding te vinden. De twee hagelgeweren die niet onder de Wet wapens en munitie vallen, krijgt hij terug.

In deze rubriek beschrijven verslaggevers elke week een rechtszaak.

De Zitting

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next