De criminelen die miljoenen klantgegevens hebben gestolen van Odido hebben alle resterende data online gezet. Eerder wilde de hackersgroep het telecombedrijf onder druk zetten door de gegevens in delen te publiceren. Onder de gegevens bevinden zich ook ID-bewijzen en rekeningnummers.
Het is onduidelijk waarom de hackers afzien van hun plan om Odido verder onder druk te zetten. Door de data gefaseerd vrij te geven, wilden ze onderhandelingen met het telecombedrijf afdwingen. De criminelen eisten eerst 1 miljoen en later 500.000 euro in ruil voor het niet online zetten van de gegevens.
Maar Odido liet weten niet van plan te zijn om te onderhandelen. Dat besluit heeft de provider genomen "op advies van toonaangevende cybersecurityadviseurs en relevante overheidsinstanties". Zondag meldt hackersgroep Shinyhunters zelf alle resterende gegevens van miljoenen klanten te hebben gepubliceerd op het darkweb, een verborgen deel van het internet.
Het gaat onder meer om namen, adressen, geboortedata, e-mailadressen, telefoonnummers, wachtwoorden, rekeningnummers en nummers van ID-bewijzen, zoals paspoortnummers en rijbewijsnummers. In totaal zijn 6,2 miljoen klanten van de telecomprovider slachtoffer hiervan. Ook data van bedrijven en oud-klanten zou gestolen zijn.
Maar het datalek lijkt nog omvangrijker en gevoeliger te zijn, blijkt uit onderzoek van RTL Nieuws. Zo zijn er ook identiteitsbewijzen te vinden voor diplomaten en ambassadepersoneel. Ook is van sommige mensen hun burgerservicenummer (bsn) gelekt. Daarnaast zijn de aantekeningen van medewerkers over klanten buitgemaakt, bijvoorbeeld over stalking, huiselijk geweld of schulden.
"Vanwege ontwikkelingen zullen er geen dagelijkse lekken meer plaatsvinden", schrijven de hackers. Ze hebben niet alle data vrijgegeven, omdat niet alles "relevant" zou zijn. De gegevens die wél zijn gepubliceerd zijn erg bruikbaar criminelen om nieuwe slachtoffers te maken. Zij kunnen hiermee bijvoorbeeld gerichte phishingaanvallen uitvoeren. Wat je hiertegen kan doen, lees je in onderstaand artikel.
Source: Nu.nl Tech