Nieuwe muziek Op het negende Gorillaz-album gaat het veel over transformatie en afscheid. Mitski levert met ‘Nothing’s About to Happen to Me’ een intrigerende groeiplaat af. Verder: Michelle David & The True-Tones, North Sea String Quartet en Hilary Duff.
Gorillaz
The Mountain
Transformatie en afscheid is een prominent thema van het nieuwe, negende album van de Britse groep Gorillaz, The Mountain. Aan de muziek van Gorillaz, opgericht door Blur-zanger Damon Albarn, werkten altijd al allerlei zangers en muzikanten mee. Albarn heeft een indrukwekkend adresboekje met grootheden die graag bijdragen aan zijn eclectische projecten – in het verleden bijvoorbeeld Little Simz, Elton John, Lou Reed.
Deze keer koos Albarn een opmerkelijke gastenlijst die voor een groot deel bestaat uit reeds overleden collega’s. Zo ‘werken mee’: drummer Tony Allen, acteur Dennis Hopper, zanger Mark E. Smith, de rappers Proof (vriend-collega van Eminem) en Trugoy the Dove (De La Soul) en soulzanger Bobby Womack.
Wellicht door de dood van zijn vader in 2024, had Albarn behoefte reeds verscheiden dierbaren aan het woord te laten. Dat kon letterlijk, dankzij de niet gebruikte opnamen in zijn archief. Albarn zocht de woorden (en ritmes, in het geval van Tony Allen) terug en combineerde ze met instrumentaties en muzikanten van nu, zoals Johnny Marr (gitarist) en zangeres Kara Jackson. Zo ontstond een uitzonderlijke ‘supergroep’.
Een refrein van hemzelf wisselt af met een bijdrage van een overledene, of andersom. Zijn beweegreden omschrijft Albarn in ‘Orange County’: „You know the hardest thing / is to say goodbye to someone you love / That is the hardest thing.” Hij zingt het met gebroken stem, in een teder liedje.
Zoals vaker bij Gorillaz is de lijst van medewerkers vol, met onder meer Johnny Marr, Sparks, IDLES, soulzanger Jalen Ngonda, de Syrische Omar Souleyman. Ook de vijftien nummers zelf zijn vol. Hun stijl varieert van hiphop tot woeste dance-beats tot ingenieus vervlochten invloeden uit alle windstreken. Albarn vond recent de liefde voor Indiase muziek, blijkt uit bijdragen van de 92-jarige Indiase zangeres Asha Bhosle, en de sitarklanken van Anoushka Shankar, dochter van sitargrootheid Ravi.
‘The Manifesto’ is een te drukke hiphoppotpourri met de Zuid-Amerikaanse rapper Trueno in combinatie met opnamen van de Noord-Amerikaanse Proof. Een fantastisch hiphopmoment daarentegen biedt ‘Moon Cave’, waarin een ritmisch mozaïek steeds van vorm verandert en de opgewekte zangstijl van Albarn wordt vervangen door een indrukwekkende rap van Black Thought (voorman The Roots) die zowel verbale inhoud als een volwaardige ritmepartij levert.
Enkele liedjes vallen tegen. ‘The Happy Dictator’ met Sparks is topzwaar door teveel muzikale ideeën, ‘The Plastic Guru’ en ‘Casablanca’ zijn te bleek. Na negen albums kun je zeggen dat Albarn een voorkeur heeft voor volle instrumentaties die hij combineert met enigszins naïeve melodieën. Vaak is er een deinend ritme, daarvoor leverde ‘Clint Eastwood’ (2001) ooit de blauwdruk: reggae-vibes gecombineerd met Afrikaanse, Indiase, Colombiaanse, Mexicaanse en Ierse elementen. Slotnummer ‘The Sad God’ klinkt ingetogen. Met kermende Indiase fluit en Albarn als verpleger die zachte woorden prevelt, worden de trouwe medewerkers uitgezwaaid.
Hester Carvalho
Mitski
Nothing’s About to Happen to Me
Het overkomt iedereen weleens: je telefoon kwijt. Eerst lichte twijfel, dan paniek. Duizend tollende gedachten. Onvervangbaar toch dat ding; je leven in je handpalm, je houvast, ineens verdwenen. Die nerveuze afhankelijkheid vangt Mitski messcherp in ‘Where My Phone’: fuzzy gitaren, altrock punkenergie, en een haast koortsachtig verlangen naar controle. Even lijkt de Japans-Amerikaanse singer-songwriter Mitski Miyawaki los te komen van haar zwaarte, alsof ze de emotionele ballast van zich afschudt. Al is het maar tijdelijk.
Met haar alweer achtste album Nothing’s About to Happen to Me levert ze geen makkelijke plaat af. Mitski verwerkt, reflecteert, overziet, mijmert, twijfelt en sneert. Haar ster is de afgelopen jaren flink gerezen; haar fans zijn devoot en analyseren haar teksten tot op de komma. Maar met die sterrenstof zelf lijkt Mitski weinig te kunnen. Liever droomt ze van afzondering: een klein dorpje, weinig prikkels, en onbezorgd ‘forever’ rugslag oefenen in een meer (liedje ‘In a Lake’).
Al is die rust nooit definitief. Want de stad blijft trekken, als een plek waar je telkens opnieuw kunt beginnen. Waar je in bars kunt verdwijnen tussen mensen, „Met anderen zijn zonder iemand te hebben”, zoals ze zingt in ‘I’ll Change For You’.
Eenzaamheid loopt met doffe stappen door het album. Hoe verhoud je je tot anderen, of juist misschien liever tot katten, die ze graag inzet als onafhankelijke poëtische metaforen. Nee, Mitski is niet gelukkig. De nasleep van een stukgelopen liefde sluimert overal, maar nog pijnlijker is de maniakale zelfaanpassing die eraan voorafging: de bochten waarin ze zich wrong om iemand te behouden. ‘I’ll Change For You’ is een elegante, jazzachtige bossa-nova-kwelling over tekortschieten, met regels die blijven hangen: hoe kon de liefde sterven terwijl juist die ander haar herinneringen bewaart? Mitski spaart zichzelf niet. In ‘Rules’ probeert ze grip te krijgen door zichzelf psychologische relatie-regels op te leggen. Alsof liefde een handleiding heeft.
Wat Mitski uitzonderlijk maakt, blijft overeind: haar vermogen om rauwe, verdrietige en soms ronduit lelijke emoties om te vormen tot kunst. Mitski laat haar brede muzikale smaak volledig los: rauwe indierock en zachte americana wisselen elkaar af, vervreemdende orkestrale arrangementen, koortjes duiken op. De plaat beweegt van zacht (tamme banjo’s, pedalsteel) naar grillig luid in zorgvuldig geïnstrumenteerde, in huiselijke kring opgenomen nummers. Haar vertellingen en de manier waarop ze dagelijkse geluiden als kindergelach in haar songs weeft, maken de plaat spannend.
Zoals ‘In a Lake’ ingetogen opent met een folky accordeon die kabbelt als de rustige rugslag die ze bezingt. En hoe het dan kantelt: rumoer en stedelijke onrust trekken binnen, blazers klinken als toeters. Terwijl haar stem in ‘Cats’ krult op echt saaie americanaklanken, komt het creepy ‘Dead Women’ in een weelderig arrangement.
Nothing’s About to Happen to Me is een groeiplaat waarop details op hun plek vallen. Stap voor stap krijgen we toegang tot Mitski’s binnenwereld waar eigenlijk juist heel veel gebeurt.
Amanda Kuyper
Michelle David & The True-Tones
Soul Woman
De zon als eenvoudig universeel symbool, zichtbaar van geboorte tot dood. ‘Golden Sun’ symboliseert hoop en vangt de kracht van het album Soul Woman. Michelle David & The True-Tones tillen hun nieuwe plaat op zonder te preken, en brengen spirituele groei zonder zwaarte. Het is gospelsoul die licht uitstraalt.Dat blijft knap, want dit blijft muziek die je eigenlijk live moet ervaren. De in de Amerikaanse kerk gevormde gospelstem van blikvanger Michelle David geven soulgrooves een juichende zwiep. Haar Nederlandse band True-Tones laat iedere passage stralen in een organische vintagesound. Luisterwaardig: het hoog gezongen ‘Pick Up Pieces’ met zompige ritme, titelsong ‘Soul Woman’ ontvouwt zich als een langzaam opkomende storm: broeiend, meeslepend. En de single ‘You’ll Never Know’ piekt onweerstaanbaar.Amanda Kuyper
North Sea String Quartet
Zonar
Een strijkkwartet dat zich laat inspireren door elektronische dancemuziek (EDM): werkt dat? Bij het avontuurlijke North Sea String Quartet wel. De Rotterdammers spelen op hun nieuwe cross-overalbum Zonar (met uitsluitend eigen werk) een mix van aanstekelijke grooves en dancebeats, gesimuleerde elektronische filters, knisperende geluidskunst en veel fijne geïmproviseerde solo’s – alles akoestisch. Ze deden er zelfs ‘laboratoriumonderzoek’ voor: als je je viool nou bewerkt met aluminiumfolie (of oorbellen of Blu Tack), dan krijg je een te gek geluid! De invloeden lopen uiteen van jazz en pop tot progrock en metal (‘Heavy wood’), met een mespuntje klassiek. Toch vormt Zonar een hecht, innemend, maf-experimenteel geheel met duidelijk North Sea-signatuur.Joep Stapel
Hilary Duff
Luck… or Something
De midlifeproblemen van oudere millennials beginnen de popcultuur binnen te dringen, met Lily Allens West End Girl als voorlopig hoogtepunt. Actrice en zangeres Hilary Duff doet een duit in het zakje met haar eerste album in ruim tien jaar, zij het in een veel mildere vorm. Duff, die in de jaren nul een ster werd dankzij de Disney-serie Lizzie McGuire, zingt op Luck… or Something over echtelijke ruzies, masturbatie en de angst om verlaten te worden. Het album volgt moderne (synth)popformules die beter werken in de handen van Taylor Swift en Sabrina Carpenter. Maar toch, aanstekelijke liedjes als ‘Weather For Tennis’ en ‘Roommates’ doen wat ze moeten doen. En op ‘Mature’ deelt Duff een vernietigende tekstuele klap uit, aan een veel oudere ex die weer eens een jongere vriendin gevonden heeft: „She looks like shе could be your daughter / Like me before I got smarter.”Thijs Schrik
Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden