Home

Nederland overweegt opnieuw verbod op sociale media voor jongeren

Voor de Nederlandse overheid was een verbod op sociale media voor jongeren onder de vijftien jaar een lange tijd geen optie. De tendens is de afgelopen tijd verschoven, waardoor de mogelijkheid voor een verbod inmiddels weer op tafel ligt.

Nederland is niet voor een algemeen verbod op sociale media onder de vijftien jaar, schreef demissionair staatssecretaris Eddie van Marum (Digitalisering) eind vorig jaar. "Het is wat mij betreft niet aan de overheid om tieners toegang tot sociale media te verbieden", schreef hij in een opiniestuk voor Trouw. "Dat is een afspraak tussen ouder en kind. Wie pleit voor zo'n verbod, neemt digitalisering in mijn ogen niet serieus."

Drie maanden later blijkt een verbod alweer bespreekbaar. In het regeerakkoord van het nieuwe kabinet wordt "een handhaafbare minimumleeftijd van vijftien jaar voor sociale media" beoogd. Dat handhaven moet gebeuren met "privacyvriendelijke leeftijdsverificatie voor jongeren, zolang sociale media onvoldoende veilig zijn".

De plannen zijn nog vaag. Zo is niet helemaal duidelijk wanneer sociale media voldoende veilig worden bevonden en wat de coalitiepartijen verstaan onder privacyvriendelijke leeftijdsverificatie.

Nederland kijkt waarschijnlijk naar Australië, waar sinds begin dit jaar een socialemediaverbod geldt voor kinderen onder de zestien jaar. Sinds januari zijn in het land 4,7 miljoen accounts van jongeren ingeperkt en gesloten.

In navolging van Australië wordt ook in Europa gesproken over het opleggen van een mogelijk verbod. Onder meer Frankrijk, Denemarken en het Verenigd Koninkrijk werken aan plannen om socialemediagebruik voor jongeren in te perken.

In Nederland is vorig jaar vanuit de overheid gekozen voor een richtlijn voor gezond schermgebruik. Daarin staat een dwingend advies om kinderen pas vanaf vijftien jaar op sociale media toe te laten. Een advies dus, nadrukkelijk geen verbod.

"Bij het opstellen van de richtlijn kreeg een verbod minder steun dan een advies", verduidelijkt Ina Koning van de Vrije Universiteit Amsterdam. Zij was een van de onderzoekers die de richtlijn hebben opgesteld. "Ruim een half jaar na de invoering van de richtlijn ligt die mogelijkheid weer op tafel."

De vraag is hoeveel zin een verbod heeft ten opzichte van een advies. Daar zijn experts nog niet over uit. Volgens Vivian den Blanken, deskundige in mediaopvoeding bij het Nederlands Jeugdinstituut, is een algeheel verbod niet de juiste weg. "We willen kinderen beschermen tegen schadelijke effecten en heftige beelden", zegt ze. "Maar in plaats van die aan te pakken, nemen we iets van kinderen af, en daarmee ook dus de voordelen van online zijn."

Freek Zwanenberg van Bureau Jeugd en Media zou dan ook graag zien dat jongeren vaker betrokken worden bij de gesprekken over een mogelijk verbod. "Het is makkelijk om over hun hoofden heen een verbod in te stellen", zegt hij. In gesprekken komt hij ook wel eens jongeren tegen die een verbod wel zien zitten. "Sommigen vinden het lastig om te stoppen. Anderen noemen juist de positieve kanten. Dat is allebei waardevolle informatie."

Opvallend is dat juist onder Gen Z'ers (mensen tussen de zestien en achtentwintig jaar) de steun voor een verbod op sociale media onder de zestien jaar het hardst groeit. Van hen vindt 60 procent dat er een verbod moet komen, blijkt uit onderzoek van Newcom. Van de 14,6 miljoen Nederlanders die op sociale media actief zijn, vindt bijna de helft dat deze een gevaar vormen voor de mentale gezondheid.

Europarlementariër Kim van Sparrentak (GroenLinks-PvdA) maakt zich hier al jaren druk om en maakt zich hard voor verandering. Zij zegt dat het probleem in de kern van de socialemediaplatforms zit. "Het is logischer om de verslavende ontwerpkeuzes aan te pakken", zegt ze.

Haar ideeën vonden recent aansluiting bij de Europese Commissie, dat een onderzoek naar TikTok afrondde. Daar kwam uit dat oneindige scrollen en het automatisch afspelen van video's als verslavend kan worden aangemerkt. De Commissie wil dan ook dat TikTok zijn app aanpast. Ondertussen worden andere apps nog onderzocht.

In Europa hebben techbedrijven zelf overigens al minimumleeftijden ingesteld voor hun apps. Om bijvoorbeeld een account te maken op TikTok of Instagram moet je ten minste dertien jaar oud zijn. Wel schiet de controle daarop tekort, waardoor te jonge kinderen alsnog vrij simpel een account kunnen openen.

ICT-jurist Arnoud Engelfriet wijst bij een algeheel verbod op sociale media vooral op praktische obstakels. Handhaving is volgens hem het grootste probleem. "Er is geen betrouwbare infrastructuur om te bewijzen dat iemand vijftien jaar of ouder is. Platforms gebruiken daarvoor allemaal andere technieken. Het is niet uniform", vertelt hij.

De jurist pleit daarom voor een geleidelijke voorbereiding op het gebruik van sociale media. "Als een kind het op zijn vijftiende wel ineens gaat gebruiken, is dat alsof je op je achttiende verjaardag meteen het café in rent en je helemaal lazarus drinkt. Dat werkt niet. Je moet dat opbouwen, met begeleiding en mediawijsheid."

Ina Koning van de Vrije Universiteit Amsterdam is het daarmee eens en zou daarom inzetten op het handhaven van de leeftijd tot dertien jaar en het geven van advies tot vijftien jaar. "Dat is voor Nederland een werkbare combinatie", zegt ze.

"In steeds meer Europese landen wordt dan wel gesproken over een verbod onder de vijftien jaar, maar onder professionals is daarover nog lang geen consensus. Niet iedereen is ervan overtuigd dat een verbod er moet komen. Het handhaven tot dertien jaar levert meer winst op en is in lijn met de leeftijd die platforms al hanteren."

Source: Nu.nl economisch

Previous

Next