Vier jaar oorlog in Oekraïne
Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevatmeningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groepredacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer eenhandvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.
Verbijsterd reageerde de wereld toen op 24 februari 2022 honderdduizenden Russische militairen de Oekraïense grenzen schonden. Vier jaar later duurt Vladimir Poetins ‘speciale militaire operatie’ – die voorzag in de overrompeling van Oekraïne binnen een paar dagen – nog altijd voort, en de wereld ziet er inmiddels heel anders uit.
Het slagveld lijkt in niets meer op dat van de eerste jaren van Europa’s grootste oorlog sinds 1945, nu gevechtstanks en artillerie voor een groot deel zijn vervangen door drones – goedkoper, slimmer en net zo dodelijk.
Even radicaal veranderde de geopolitieke omgeving: sinds de terugkeer van Donald Trump in het Witte Huis gingen oude structuren door de gehaktmolen. Oud-presidenten als John F. Kennedy of Ronald Reagan zouden hun land niet meer herkennen. Vorig jaar ontving Trump een Russische dictator die is aangeklaagd wegens oorlogsmisdaden met alle egards in Alaska.
Hoe barbaars de Russen ook op industriële schaal oorlogsmisdaden plegen tegen Oekraïense burgers – duizenden drones, kruisvluchtwapens en ballistische raketten in de strengste winter in jaren – Trump keek de afgelopen dertien maanden opzichtig weg. Hij wisselde simpelweg van kant en heeft zelfs het lef president Volodymyr Zelensky te verwijten dat hij geen Oekraïens grondgebied wil opgeven in ruil voor ‘vrede’ met Moskou.
Als uit de Amerikaanse ‘onderhandelingen’ met Poetins regime één ding is gebleken, dan is het wel dat Moskou de oorlog slechts op één voorwaarde wil beëindigen – de volledige capitulatie van Oekraïne. Poetin bespeelt de Amerikaanse president als een viool: zolang Trump in het Witte Huis zit, zal Poetin het ‘vredesproces’ traineren.
Hoe belangrijk de Amerikaanse rol is, werd deze maand onderstreept toen ’s werelds rijkste man, Elon Musk, zijn satellietnetwerk Starlink ‘uitzette’ voor de Russen, een cruciaal communicatiemiddel aan het front. Kort daarop heroverde Oekraïne driehonderd vierkante kilometer bezet gebied.
Washington beschikt over een waaier aan vergelijkbare machtsmiddelen die Moskou in een paar maanden tijd kunnen dwingen de oorlog te staken. Maar ‘vredespresident’ Trump en zijn vriendenclub van miljardairs doen liever zaken met Poetin dan te streven naar rechtvaardigheid.
Het Amerikaanse verraad van de vrije wereld en de Europese bondgenoten is zó diep dat het de betrekkingen generaties lang zal beïnvloeden. Daarnaast heeft het enorme consequenties voor de Europese veiligheid.
Het Europese besef dat het hoog tijd is zelf in actie te komen lijkt eindelijk, twaalf jaar na de Russische invasie van de Krim – door te dringen. Hoewel de bondgenoten van Oekraïne met een soms hemeltergende stroperigheid reageren op de Russische oorlogszucht en de Amerikaanse trouweloosheid, zijn veranderingen wel in gang gezet.
Europa staat vier jaar na de massale invasie nog altijd vierkant achter Oekraïne. Sinds Washington de militaire steun stopzette, vergrootten de Europese landen hun eigen hulp aan Kyiv aanzienlijk, onder meer door de aankoop van geavanceerde Amerikaanse wapens. De Europese wapenindustrie krijgt langzaam vorm, en er is een initiatief in gang gezet om Oekraïne te hulp te schieten na een eventueel staakt-het-vuren.
Dat klinkt bemoedigend, maar het betekent allerminst dat Europa er alles aan doet om zijn buren in doodsnood bij te staan. Integendeel. Terwijl Moskou al jaren telegrafeert dat het in oorlog is met Europa laten Europese leiders zich intimideren door dreigementen.
Europa stuurt Patriot-luchtverdedigingssystemen en andere wapens om de Oekraïense bevolking te helpen beschermen, maar er is nog steeds geen begin van een discussie over verdere militaire hulp. Oekraïne vecht nog steeds alleen. Het is onverteerbaar dat de Europese bondgenoten Poetin nog altijd helpen de oorlog te financieren door de import van Russisch gas. Ook kunnen Europese landen veel actiever optreden tegen de Russische schaduwvloot van olietankers – als zij dat zouden willen. Zonder geld kan Rusland geen oorlog voeren.
Europa kan daarnaast veel meer doen om de Oekraïners actief te beschermen. Nu kijken NAVO-landen als Roemenië en Polen passief toe hoe Russische drones en raketten langs hun grenzen vliegen, op weg naar Oekraïense burgerdoelen. Dat Europa een rechtstreekse oorlog met Rusland wil voorkomen is begrijpelijk, maar nu communiceert Europa dagelijks dat Oekraïense burgerslachtoffers acceptabel zijn. Alles uit angst voor de Russen.
Ook met offensieve wapens kan Oekraïne worden geholpen, zoals blijkt uit de droneaanvallen op de Russische olie-industrie. De Europeanen hoopten vorig jaar vurig dat Washington Tomahawk-kruisvluchtwapens zou leveren aan Oekraïne. Tegelijkertijd weigert Duitsland nog altijd zijn Taurus beschikbaar te stellen, waarmee Oekraïne aanvallen zou kunnen uitvoeren op de lanceerinstallaties die het vertrekpunt zijn van de dagelijkse Russische slachtpartijen.
Een trieste conclusie na vier jaar dat is dat Europa niet bereid is echte pijn te aanvaarden. Europa lijkt te hopen dat Oekraïne een eeuwige buffer blijft tegen de Russen, waarachter de rest van het continent zich kan verschuilen.
Een dictator als Poetin reageert op kracht, niet op zwakte. Zolang Europa hem met fluwelen handschoenen benadert, uit angst voor escalatie, vechten de Russen gewoon door. Dat hoeft geen vanzelfsprekendheid te zijn. Het lot van Oekraïne ligt voor een groot deel in handen van Europa. Het is hoog tijd dat de Europese leiders daarnaar gaan handelen. Dat vergt moed, en het zaait onzekerheid. Maar met deze ontwrichte wereldorde moet het iedereen duidelijk zijn dat Europa mét Oekraïne vecht, met vrijheid als ultieme inzet.
Volg de laatste politieke ontwikkelingen in de VS op de voet