Home

Laat de vrijheidsbijdrage betaald worden naar draagkracht

Belastingen De voorgestelde bijdrage voor onze veiligheid is helemaal niet gebaseerd op draagkracht, schrijven Roel Beetsma en Raymond Gradus. Hopelijk verandert het nieuwe kabinet het plan.

Volgens het regeerakkoord mag er van burgers en bedrijven een bijdrage gevraagd worden voor onze veiligheid. Dit idee komt uit het CDA-verkiezingsprogramma: vrijheid is niet gratis en het is de bedoeling dat „iedereen evenredig bijdraagt naar draagkracht”, aldus het plan. Het nieuwe kabinet zal de zogenoemde vrijheidsbijdrage voor burgers innen door in 2027 en 2028 de gebruikelijke inflatiecorrectie in de loon- en inkomstenbelasting grotendeels achterwege te laten. Bedrijven betalen hun bijdrage via verhoging van de arbeidsongeschiktheidspremie.

Roel Beetsma is hoogleraar macro- economie (UvA).

Raymond Gradus is hoogleraar bestuur en economie (VU) en was directeur van het Wetenschappelijk Instituut voor het CDA.

Deze extra lasten zijn echter helemaal niet gebaseerd op draagkracht. Kleine ondernemers met relatief hoge loonkosten en burgers met een laag of middeninkomen draaien er disproportioneel voor op. Ook de CPB-doorrekening van het coalitieakkoord wijst op de eenzijdige focus op de verhoging van de lasten op arbeid en inkomen vooral door de vormgeving van de vrijheidsbijdrage. Hopelijk zullen de disproportioneel negatieve effecten op deze groepen worden gecorrigeerd.

De schijven in de inkomstenbelasting worden in 2027 en 2028 voor slechts ongeveer 40 procent worden aangepast aan het gestegen prijsniveau . Mensen komen dus sneller in een hogere belastingschijf terecht, waarbij ook de heffingskortingen omlaaggaan. De lasten voor de lagere- en middeninkomens gaan dus verhoudingsgewijs het meest omhoog. Werken zal dus minder lonen voor deze groepen, wat de arbeidsparticipatie vooral bij alleenstaanden en vrouwen in samenwonende stellen ongunstig zal beïnvloeden, aldus het CPB.

Ook eerdere kabinetten hebben zich regelmatig bezondigd aan het niet volledig toekennen van de inflatiecorrectie. Bijvoorbeeld dit jaar zijn de belastingschijven en heffingskortingen in de inkomstenbelasting maar voor de helft aangepast aan de inflatie om daarmee voldoende dekking te hebben voor het niet doorgaan van een hoger btw-tarief op cultuur, media en sport. Dit doet echter niets af aan de schade door de manier waarop de vrijheidsbijdrage wordt vormgegeven.

Het stelselmatig achterwege laten van de inflatiecorrectie in de loon- en inkomstenbelasting is een politiek slinkse manier om de overheidsinkomsten te verhogen, maar pakt voor de arbeidsmarkt steevast nadelig uit. Steeds meer lagere en middeninkomens houden van een extra euro bruto-inkomen minder dan 20 cent over, doordat ze in een hogere belastingschijf terechtkomen en minder toeslagen krijgen.

Het gevolg is dat er weinig aanleiding is meer uren te gaan werken, terwijl de arbeidsmarkt door de vergrijzingsteeds krapper wordt. Met de huidige koers en een steeds oudere bevolking kan de samenleving onmogelijk aan de toekomstige zorgvraag voldoen. In dit licht bezien kunnen passages elders in het regeerakkoord – dat werken moet lonen en de overheid voor voldoende vakmensen moet zorgen – moeilijk serieus worden genomen.

Betere alternatieven

Ook de invulling van de vrijheidsbijdrage door de bedrijven pakt averechts uit voor de arbeidsmarkt. Werkgevers kunnen hogere werkgeverslasten voor een belangrijk deel afwentelen op werknemers, waardoor werken nog minder loont. De arbeidsongeschiktheidspremie wordt geheven over pakweg de eerste 80.000 euro van het jaarsalaris, waardoor een verhoging van de premie vooral bedrijven treft met relatief veel laagbetaalde krachten, zoals in de zorg, kinderopvang of schoonmaak. De voorgestelde invulling van de vrijheidsbijdrage maakt ondernemers en hun personeel de kinderen van de rekening.

Er zijn betere alternatieven. Een iets hogere belasting op winst én vermogen in box 3 bijvoorbeeld. Het is dan ook opvallend dat het CDA in de CPB-doorrekening van zijn verkiezingsprogramma wel koos voor een vrijheidsbijdrage met een beperkte verhoging van de tarieven in de winst- en vermogensbelasting. Juist omdat het niet is uit te leggen waarom vrijheid vrijwel gratis zou moeten zijn voor burgers met aanzienlijke vermogens of winstgevende bedrijven.

Nog beter is echter aansluiting te zoeken bij de passage in het regeerakkoord dat ons belasting- en toeslagenstelsel aan herziening toe is, omdat het „ondoorzichtig en onvoorspelbaar” is geworden. In het tussenverslag van Jetten en Bontenbal wordt gepleit voor een betere balans tussen het belasten van arbeid enerzijds (zodat werken meer gaat lonen), en van vermogen en vervuiling anderzijds. Het nieuwe kabinet wil voor het einde van 2026 een agenda presenteren voor zo’n belastinghervorming. Beter is om dit naar voren te halen.

In 2012 was er na het opleveren van het regeerakkoord van Rutte II veel politieke discussie over een inkomensafhankelijke zorgpremie, waardoor dit plan werd geschrapt. Hopelijk zijn D66, VVD en CDA in staat nu eenzelfde beweging te maken en daadkracht te tonen met een vrijheidsbijdrage die niet eenzijdig drukt op de arbeidskosten en bovendien iedereen naar draagkracht laat bijdragen.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Voorkennis

Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen

Overheidsfinanciën

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next