Home

Kosovotribunaal sluit proces tegen UÇK-leiders af, Kosovaren staan achter hun ‘vrijheidsstrijders’

Kosovotribunaal In het proces tegen vier voormalige leiders van guerrillaorganisatie UÇK, verdacht van oorlogsmisdaden, zijn de rechters aan zet. De Kosovaarse minister van Buitenlandse Zaken heeft kritiek op het proces. „De strafeis is absurd.”

Duizenden Kosovaren demonstreerden op 17 februari, op de 18de onafhankelijkheidsdag van Kosovo, in hoofdstad Pristina om hun steun te betuigen aan vier voormalige leiders van het UÇK die in Den Haag worden berecht.

Volgens Hashim Thaçi, voormalig president van Kosovo, is er maar één waarheid. „De aanklachten houden geen stand. Ik ben volledig onschuldig.” Ook de andere verdachten in het belangrijkste proces van het Kosovotribunaal gebruikten hun slotwoord om hun onschuld te benadrukken. Kadri Veseli: „Mijn daden waren humaan en legaal. Mijn geweten is schoon. Mijn verleden is helder.” Jakup Krasniqi: „Onze mensen hadden nooit verwoesting of marteling voor ogen. We wilden een leven in vrijheid en onafhankelijkheid. Niets meer. Niets minder. Vandaag leven onze mensen in vrijheid.”

Met de verklaringen van vier voormalige leiders van het Kosovaarse Bevrijdingsleger (UÇK) kwam woensdag een voorlopig einde aan hun proces bij het Kosovotribunaal – officieel de Kosovo Specialist Chambers – in Den Haag. Ze worden verdacht van zes verschillende misdaden tegen de menselijkheid en vier verschillende oorlogsmisdaden. De aanklagers eisen 45 jaar celstraf tegen elke verdachte. Als UÇK-leiders waren zij volgens de aanklagers verantwoordelijk voor de ontvoering en marteling van honderden mensen en de moord op 102 mensen tussen maart 1998 en september 1999.

De slachtoffers waren vooral Serviërs, maar ook Roma en Albanezen die door het UÇK werden verdacht van collaboratie met Servië. Kosovo streed aan het einde van de jaren 90 voor onafhankelijkheid van het Joegoslavië (bestaande uit Servië en Montenegro) van Slobodan Milošević, een strijd die ten einde kwam door NAVO-bombardementen op Belgrado en andere Joegoslavische doelen. De Kosovo-oorlog, het slotstuk van de oorlogen in voormalig Joegoslavië, was kort en hevig; in twee jaar tijd vielen ruim dertienduizend doden, voor het overgrote deel Kosovaarse Albanezen. Servië betwist nog steeds de onafhankelijkheid van de voormalige provincie.

Rechtspraak van lange adem

Net als het voormalige Joegoslaviëtribunaal is het Kosovotribunaal rechtspraak van de lange adem. Van de zes processen zijn er vier afgesloten, een proces over belemmering van de rechtsgang volgt nog. Het vorige week voorlopig voltooide proces wacht op de uitspraak, binnen negentig dagen. Daarna volgt mogelijk een beroepsprocedure. De verdachten zitten sinds eind 2020 in de cel. Het proces begon in april 2023 en telde 227 zittingsdagen, waarin onder meer 134 getuigen werden gehoord.

De zaak tegen Thaçi, Veseli, Krasniqi en Rexhep Selimi geldt als het belangrijkste proces vanwege de aard van de misdaden en vanwege de verdachten. De vier mannen met belangrijke functies in het UÇK kregen na de oorlog een rol in de voorlopige regering van Kosovo en bleven politiek actief na de onafhankelijkheid in 2008. Thaçi was premier van 2008 tot 2014 en president van 2016 tot 2020. Het UÇK is geliefd in Kosovo, in hoofdstad Pristina was voorafgaand aan de slotdag van het proces een grote demonstratie om de verdachten te steunen. Kosovaarse media volgden het proces op de voet. Op de slotdag zwaaiden de verdachten naar familie en sympathisanten op de volgepakte publieke tribune, een verdieping hoger achter glas.

De gruwelijkheden worden door de verdachten niet ontkend, wel hun verantwoordelijkheid daarvoor. De hoofdvraag van het proces betreft de organisatiegraad van het UÇK: volgens de aanklagers was het een paramilitaire organisatie met een commandostructuur, volgens de advocaten van de verdachten was het een beweging waar de leden geen bevelen van boven kregen maar op eigen houtje handelden. De criminele organisatie van de aanklagers staat tegenover de burgerbeweging van de advocaten. Niet macht maar vrijheid was het doel, zei Thaçi in zijn slotwoord.

Thaçi en Veseli studeerden in 1998 in Zwitserland, vertelden ze in hun slotwoord, ze waren niet bezig met de strijd in Kosovo. Pas toen ze hoorden over door Serviërs aangerichte moordpartijen besloten ze naar hun land terug te keren. Thaçi was geen militair of guerillastrijder, benadrukte hij, maar een politicus die langs Europese hoofdsteden reisde om steun voor een onafhankelijk Kosovo te verwerven. Dat beeld werd bevestigd in een eerdere getuigenverklaring van voormalig NAVO-commandant Wesley Clark. Thaçi „zag er niet uit alsof hij al twee jaar in de bossen aan het vechten was” en „had geen idee wat er gebeurde” op het strijdtoneel, aldus Clark.

‘Kijk liever naar Serviërs’

Glauk Konjufka is vicepremier en minister van Buitenlandse Zaken in de nieuwe regering van Kosovo, aangetreden op 11 februari. Het Kosovotribunaal deugde al niet vanaf het begin, zegt hij in Den Haag na afsluiting van het proces. De tijdelijke rechtbank werd opgericht in 2015, onder druk van de EU en de VS, financiers van het fragiele landje. „Ze hebben ons gepusht om akkoord te gaan”, aldus Konjufka. „En waarom ligt de focus op onze vrijheidsstrijders als daders?” Omdat de Servische daders werden berecht bij het tribunaal voor Joegoslavië? „Ja, maar overwegend voor wat ze in Kroatië en Bosnië hebben gedaan. Circa 95 procent van de zaken tegen Serviërs voor het Joegoslaviëtribunaal had betrekking op hun verantwoordelijkheid voor de oorlogen in Kroatië en Bosnië, niet op de misdaden die ze in Kosovo hebben begaan.'”

Ook over het proces is Konjufka niet te spreken. „Deze mannen zitten al vijf jaar en drie maanden gevangen. Waarom duurden de voorbereidingen en het proces zo lang? Mijn indruk is dat het tribunaal de eerste 2,5 jaar niet veel heeft gedaan, en daarmee hebben ze de rechten van de verdachten geschonden. Dit proces had in twee jaar klaar moeten zijn.” In Kosovo zorgt de strafeis van 45 jaar cel voor veel verontwaardiging, ook bij Konjufka. „Het is een absurde eis, twee keer zoveel als de maximumstraf die we in Kosovo kennen. Voor deze mannen betekent het levenslang. Ik kan alleen maar hopen dat het recht zegeviert en dat deze vier mannen worden vrijgesproken.”

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next