Peter Wezelman, oprichter van scheepstuigerij De Schieman in Den Helder, werkt met zijn zoons voor marine en visserij. Ook verzorgt hij de tuigage van Beatrix’ zeilschip De Groene Draeck. ‘Je moet het touw met liefde behandelen.’
is economieredacteur van de Volkskrant.
Peter Wezelman (68) werd afgelopen donderdag wakker met net even een ander gevoel dan normaal. Sowieso staat hij meestal vrolijk op, in de woning boven zijn scheepstuigerij De Schieman in Den Helder. Maar vandaag, wist hij, gaat er iets bijzonders gebeuren, vandaag ook is het tijd om even achterom te kijken.
Als jongen wilde hij visserman worden. Op zijn zestiende ging hij het zeegat uit. Hij vond het mooi, dat leven op de baren, dagenlang weg, het zout in het haar. Elke keer dat er een net door zijn handen ging, of als hij in de haven een tros uitwierp naar een bolder, voelde dat vertrouwd. Hij zag precies hoe het net was geknoopt en hoe dat touw was gevlochten.
Over touwtechniek had hij geleerd van zijn vader, die werkte op de rijkswerf in Den Helder. Het boeten van een beschadigd visnet ging hem al jong goed af. Dat kwam van pas toen hij als twintiger koos voor een leven aan de wal. Hij ging aan de slag op de marinewerf, in de scheepstuigerij, net als zijn vader. Tuigen is de discipline van de tovenaars met touw, van mensen die vaardig en geduldig patronen kunnen knopen en lijnen kunnen vlechten tot bijvoorbeeld een ‘leguaan’, zo’n bolle stootwil die het schip moet beschermen bij het aanmeren.
Op de rijkswerf kreeg Wezelman uiteindelijk de leiding over een flinke ploeg tuigers. Zijn kostje leek gekocht. Maar nadat hij wat was gaan bijklussen in de avonduren om wat extra’s te verdienen voor zijn jonge gezin met drie zoons, koos hij voor het ondernemerschap.
Bijna veertig jaar later zit hij aan de ochtendkoffie in zijn scheepstuigerij, gevestigd in een voormalige bakkerij op een hoek, in woonwijk de Vogelbuurt in Den Helder. Met echtgenote Willy (69) en zoons Frank (44) en Joost (37) kijkt hij vooruit naar wat er die donderdagmiddag op het programma staat. ‘Het is wat’, zegt hij rustig, als er drie bossen bloemen worden binnengebracht.
De Onderneming
In deze wekelijkse rubriek vertellen ondernemers over hun bedrijf. Vandaag: Scheepstuigerij De Schieman, opgericht in 1987, met 3 werknemers en een omzet van 600 duizend euro in 2025.
Hij heeft zijn jongens opgevoed zoals hij zelf is grootgebracht. Als je wat wilt, dan moet je ervoor werken. Dat schenkt voldoening, veel meer dan wanneer alles je maar in de schoot wordt geworpen. ‘We kunnen heel veel, dus we hoeven nergens nee op te zeggen’, is het bedrijfsmotto van De Schieman – het bedrijf is vernoemd naar het beroep van de zeevarende die is belast met de zorg voor het touwwerk van een schip.
Hun vader is hun leermeester zeggen Frank en Joost die net als Peter zijn gestoken in blauwe werkkleding. De eerste kwam in dienst na zestien jaar in de visserij, de tweede na dertien jaar bij de marine. Hun broer werkt bij Tata Steel, zij vielen voor het touwwerk van hun vader en grootvader.
De orderportefeuille is steeds goed gevuld. De opdrachten lopen uiteen van nieuwe lijnen voor de veerboten naar Texel tot een landingsnet voor een helikopterdek op een marineschip. Pierre van Veen, werknemer en zeilmaker, maakt onder meer buiskappen die zeilers beschermen tegen water en wind.
Ook moderne ontwerpers hebben de weg naar De Schieman gevonden. Zo leverde het bedrijf wanden van touw voor de Openbare Bibliotheek aan het Amsterdamse IJ, en geknoopte zitmeubels voor de meubelbeurs van Milaan.
Wat de familie Wezelman vaak merkt: mensen hebben geen idee hoeveel tijd en energie er zit in het werk. Een kabelaring met kopleguaan bijvoorbeeld, een op maat gemaakte stootrand van touw voor een sloep. Kost zomaar drie volle dagen werk voor één persoon. Zeker als die kabelaring wordt afgewerkt met een fraaie Turkse knoop.
Technische kennis en ruimtelijk inzicht is belangrijk bij het schiemannen, zoals het werk wordt genoemd. Hoeveel spanning kan een touw verdragen? De kracht die erop komt, kan enorm zijn, bijvoorbeeld als een sleepboot een oorlogsschip moet trekken. Of de spanning op een net waarin een vrachtwagen in een transportvaartuig wordt getakeld. Alles moet gecontroleerd zijn, voor ze een veiligheidscertificaat van veiligheid afgeven.
Dan is er ook nog die moeilijk te omschrijven persoonlijke omgang met het touw. In principe wordt elk werk uitgevoerd door niet meer dan één persoon. Zo blijft ritme en dikte van het vlechtwerk regelmatig. Joost: ‘Je moet de spanning in het touw aanvoelen.’ Frank: ‘Maar je moet het ook met liefde behandelen.’
Het touw komt van leveranciers in Nederland, Portugal, Estland en Tsjechië. Het is allang geen natuurproduct meer, het wordt uitsluitend nog gemaakt van veel sterkere en duurzamere kunststof. Zoals dynema, dat niet alleen veel sterker is dan staaldraad, maar ook veel lichter en dus beter hanteerbaar voor een bemanning.
Toen De Groene Draeck, het zeilschip van prinses Beatrix, toe was aan nieuw touwwerk, werd aanvankelijk gevraagd om het traditionele, natuurlijke manilla. Peter Wezelman opperde voorzichtig om voortaan hemtex te gebruiken. Dat oogt als natuurlijk touw, maar is gemaakt van het sterke polypropyleen. De voormalige vorstin ging akkoord.
Ruim een jaar geleden besloot Wezelman dat het verstandig was om de zaak over te dragen. Zijn zoons zouden de zaak met zijn tweeën overnemen, zo werd besloten. Een coach voor familiebedrijven bracht de onderlinge verhoudingen in beeld en hielp met de overdracht. Met genoeg zelfkennis en open communicatie moet het lukken, denkt Peter.
Daarom is deze donderdagmiddag zo bijzonder: ze gaan met z’n allen naar de notaris, voor de overdracht.
Vrijdagochtend staat Peter Wezelman weer gewoon in de regen op een sleepboot om 600 meter kabel en drie trossen te vervangen. Nu niet meer als directeur, maar als werknemer van zijn zoons. ‘Heel fijn om het zo te kunnen doen’, vindt hij. Zoon Frank: ‘We hebben die wandelende encyclopedie nog wel even nodig.’
Bedrijf: De Schieman, Den Helder
Opgericht: 1987
Aantal werknemers: 5 fte
Omzet: 600 duizend euro
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant