Rob Jetten biedt zijn eindverslag aan Tweede Kamervoorzitter Thom van Campen aan.
Niet alle ministers in het aanstaande kabinet-Jetten krijgen een eigen begroting. Dat schrijft beoogd premier Rob Jetten (D66) zaterdag in zijn eindverslag als formateur.
Het nieuwe kabinet maakte eerder bekend af te stappen van het onderscheid tussen ministers ‘van’ en ministers ‘voor’. Die eerste categorie staat aan het hoofd van een ministerie, met eigen ambtenaren en een eigen begroting. Ministers zonder portefeuille, ook wel ministers ‘voor’, gaan van oudsher enkel over een specifiek beleidsterrein, maar niet over een ministerie met eigen ambtenaren en begroting.
Jetten noemt dat verschil in zijn verslag een „(gepercipieerd) onderscheid in politiek gewicht tussen ministers met of zonder de leiding van een eigen ministerie”. Daarom krijgt elke minister de titel minister ‘van’.
De minister van (voorheen ‘voor’) Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking had al een eigen begroting en behoudt die ook, schrijft Jetten. Maar de beoogd ministers van Werk en Participatie (Thierry Aartsen, VVD) en van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport (Mirjam Sterk, CDA) worden in naam dan wel gelijk aan alle andere ministers, maar krijgen niet opeens een eigen begroting. Meer dan een cosmetische ingreep lijkt die titelwijziging dus niet.
Begin de dag met de belangrijkste politieke ontwikkelingen uit Den Haag