Wintersport De berichten over dodelijke lawines volgen elkaar dit winterseizoen in rap tempo op. Vorige week werd in verschillende Franse wintersportgebieden het hoogste lawinerisico afgegeven, deze week wordt in Zwitserland gewaarschuwd. Is er dit seizoen iets uitzonderlijks aan de hand?
Een lid van bergreddingsteam CRS Alpes Grenoble tijdens een reddingsoperatie na een lawine in een offpistegebied van het Ecrins-massief in de Franse Alpen, op 29 januari.
Het leek een veelbelovend wintersportseizoen te worden in Europa. In november werd het Alpengebied verrast door vroege sneeuwval en koude temperaturen, waardoor skigebieden in Frankrijk, Oostenrijk, Zwitserland en Italië een deel van hun pistes al voor de geplande seizoensstart konden openen. Meters verse sneeuw is een droom voor veel wintersporters. Maar die weersomstandigheden hebben een keerzijde, zo bleek de afgelopen weken opnieuw: lawines.
Eind vorige week, toen de krokusvakantie in Nederland begon, gold in verschillende Franse skigebieden lawinewaarschuwing 5, de hoogste risicocategorie. Het grote skigebied Paradiski, waarin onder meer het dorp La Plagne ligt, werd vorige week donderdag zelfs helemaal afgesloten, „vanwege hevige sneeuwval op hoogte en het risico op uitzonderlijke lawines”.
Dit winterseizoen kwamen al twee skiërs om door lawines in La Plagne, op Tweede Kerstdag en op 11 januari. Op diezelfde dag stierven nog vijf skiërs in de Franse Alpen. Een week later kwamen acht skiërs om door schuivende sneeuwmassa’s in Oostenrijk, begin februari kostten lawines in de Italiaanse Alpen binnen een week aan elf mensen het leven. Ondanks de waarschuwingen stierven ook afgelopen weekend zes mensen door een sneeuwmassa, en woensdag een Nederlander in Oostenrijk. De 71-jarige man was in de buurt van Fiss in Tirol. In Zwitserland ontspoorde maandag zelfs een trein door een lawine.
Volgens de European Avalanche Warning Services komen jaarlijks gemiddeld honderd mensen in Europa om het leven door een lawine, al wisselen de aantallen behoorlijk per seizoen: door bewustzijn, preventie en beter materiaal daalde het aantal doden de afgelopen jaren. Tijdens de coronawinter 2020/2021 lag het aantal hoger, omdat meer mensen de bergen in trokken om bijvoorbeeld te wandelen. Tot dusver zijn er dit winterseizoen al 98 doden gevallen door lawines in de Europese bergen. Dat is meer dan vorig jaar (70), maar of dit seizoen bovengemiddeld dodelijk is, moet de komende weken nog blijken.
Duidelijk is dat de omstandigheden gevaarlijk zijn: meters verse sneeuw op een instabiele onderlaag vormen de perfecte voedingsbodem voor een lawine. Deze week viel op sommige plekken opnieuw een halve meter sneeuw en golden op meerdere plekken lawine-waarschuwingen.
Reddingswerkers maken zich klaar om aan boord te gaan van een helikopter van de rampenbestrijding na de reddingsoperatie in het Ecrins-massief.
Het is nog te vroeg om het winterseizoen te vergelijken met voorgaande jaren, zegt Nicolas Eckert via een videoverbinding vanuit zijn werkkamer in Grenoble. Eckert is verbonden aan de Université Grenoble Alpes en het Franse Instituut voor landbouw, voedsel en klimaat (INRAE), en doet onderzoek naar risico’s in de bergen, van lawines tot aardverschuivingen. Hij denkt niet dat er sprake is van een ongewoon winterseizoen, maar ziet wel dat het een nattere winter is dan de voorgaande jaren, met meer regen en sneeuwval.
Om te begrijpen wat de invloed is van die sneeuwval, is het belangrijk om te snappen hoe een lawine ontstaat. „Een lawine is een beweging van sneeuw, veroorzaakt door de zwaartekracht”, zegt Eckert. „Daarvoor zijn twee dingen nodig: sneeuw en een helling.” Die helling moet steil zijn, ongeveer tussen de 30 en 45 graden. Op een minder steile helling zal de sneeuw niet snel gaan schuiven, op een steilere helling blijft de sneeuw in eerste instantie al niet goed liggen. Een helling van 38 graden wordt als de ‘ideale hellingshoek’ beschouwd, ofwel de meest gevaarlijke situatie.
Sneeuw gaat niet zomaar schuiven, maar de kans daarop neemt toe als er sprake is van een weak persistent layer. Dat is een fragiele onderlaag waarin de sneeuwkristallen slecht aan elkaar gebonden zijn, waardoor er luchtgaten in de sneeuwlaag zitten. Zo’n laag kan bijvoorbeeld ontstaan door temperatuurschommelingen. Als verse sneeuwval, door de wind opgewaaide sneeuw of een skiër voor extra druk op deze onderlaag zorgen, kan deze zwakke laag instorten. De bovenliggende sneeuwlaag raakt dan los en glijdt naar beneden. Zo’n plaatlawine kan snelheden tot 130 kilometer per uur bereiken.
Hoe ontstaat een lawine? Scroll in vier stappen door de graphic heen. Tekst gaat door onder de graphic.
Op deze steile helling valt sneeuw.
Daar valt later een nieuwe laag bovenop. Die heeft een andere structuur en temperatuur.
De onderste laag heeft luchtgaten en is instabiel. Door een trigger – zoals een pak nieuwe sneeuw, een skiër of een dier – ontstaat er een breuk.
De hele sneeuwmassa komt hierdoor naar beneden. Dit is de lawine.
Zo’n 95 procent van de lawines heeft volgens Eckert een natuurlijke oorzaak, zoals wind of nieuwe sneeuwval. De rest wordt veroorzaakt door wintersporters, dieren of explosies die bedoeld zijn om gecontroleerd lawines op te wekken. Bij ongeveer 90 procent van de dodelijke ongevallen is sprake van een plaatlawine (in het Engels slab avalanche genoemd).
De Franse Alpen kennen dit seizoen „een paar hardnekkige zwakke onderlagen”, die in het begin van de winter zijn ontstaan, zegt Eckert. Hetzelfde geldt in Zwitserland, mailt lawine-onderzoeker Stephanie Mayer van het Instituut voor Sneeuw- en Lawineonderzoek (SLF). „Het onderste deel van de sneeuwlaag in veel regio’s van de Zwitserse Alpen bestaat uit grofkorrelige, suikerachtige sneeuw. Deze kristallen hechten slecht aan elkaar en vormen een zwakke laag binnen het sneeuwpakket.”
Die zwakke laag heeft volgens Mayer te maken met het uitzonderlijk droge verloop van december en januari, waardoor een onderlaag is ontstaan die dunner is dan normaal. „Wanneer het sneeuwdek dun is, stijgt de temperatuur sterk van het koude sneeuwoppervlak naar de relatief warmere grond, over een korte afstand. Deze sterke temperatuurgradiënt [een gradiënt beschrijft in welke richting en met welke snelheid de temperatuur het snelst verandert rond een bepaalde locatie] versnelt de omzetting van sneeuwkristallen in grove, suikerachtige vormen die slecht aan elkaar hechten.” Als zo’n zwakke laag eenmaal gevormd is, kan die weken blijven zitten, legt Mayer uit.
Een hondengeleider van het bergreddingsteam zoekt met een hond naar mogelijk bedolven slachtoffers in het Ecrins-massief, waarin skidorp Les Deux Alpes ligt.
De afgelopen weken viel er veel neerslag op deze zwakke laag. „We hadden te maken met een opeenvolging van stormen en regelmatige sneeuwval en wind”, zegt Eckert. Dat zorgt voor instabiliteit, omdat zware, compacte sneeuwlagen op een zachtere en zwakkere onderlaag rusten. „Deze combinatie is bijzonder kritiek. Het betekent dat lawines gemakkelijk kunnen worden veroorzaakt, soms door één persoon, en in sommige gevallen zelfs vanaf een afstand tot enkele honderden meters”, zegt Mayer.
Zowel Eckert als Mayer menen dat het totaal aantal lawines niets te maken hoeft te hebben met het totaal aantal slachtoffers. De dodelijke ongelukken hangen vaak samen met de beslissing van wintersporters om zich buiten de geprepareerde pistes te begeven, zelfs als er gewaarschuwd is voor lawines. Eckert: „Het was vakantie, er lag veel sneeuw en het was vaak mooi weer. Dat maakt het eenvoudig om te voorspellen dat er veel ongelukken zullen gebeuren.”
En het gevaar is nog niet voorbij, zegt Mayer. In Zwitserland is nog steeds sprake van een kritieke situatie door een grote hoeveelheid verse sneeuw. In delen van het kanton Wallis gold woensdag lawinewaarschuwing 5.
De opwarming van de aarde, die sneller gaat op hoogte, heeft grote invloed op lawines, zo blijkt onder meer uit onderzoek van INRAE en SLF. Omdat er alleen maar minder sneeuw zal vallen en het winterseizoen korter wordt, neemt het totaal aantal lawines af, legt Eckert uit. Maar hoe dat precies uitpakt, hangt af van de hoogte op de berg. Op grote hoogte kan juist extreme sneeuwval plaatsvinden, die (tijdelijk) verhoogde lawine-activiteit kan veroorzaken, zegt Eckert.
Lager op de berg zal het aantal ‘natte’ lawines toenemen. Een natte lawine ontstaat als vloeibaar water (regen of dooi) door de sneeuw naar de zwakke onderlaag sijpelt en daar de samenhang tussen de sneeuwkristallen dwarsboomt. Ook dan kan de sneeuw gaan schuiven. Dit type lawine beweegt zich langzamer voort, met een snelheid van tussen de 20 en 100 kilometer per uur, maar is ook gevaarlijk omdat de lawine meer puin met zich mee kan slepen en dus zwaarder is.
Dit type lawine is een uitdaging voor het risicobeheer in wintersportgebieden, omdat natte lawines moeilijker op te wekken zijn met explosieven. „Als gevolg daarvan moeten lawinegevaarlijke pistes mogelijk gesloten blijven, vooral wanneer natte sneeuwcondities zich onverwacht voordoen in het hoogseizoen”, zegt Mayer.
Of de omstandigheden dit seizoen het effect zijn van klimaatverandering, betwijfelen de onderzoekers. Volgens Eckert zijn er zowel natte als droge lawines en heeft het ook op relatief grote hoogte geregend in de koudste maanden van het jaar. Toch wil Mayer de „opvallende lawinecycli in de Zwitserse Alpen” van dit seizoen niet direct toeschrijven aan klimaatverandering. „In veel regio’s — met name waar de sneeuwhoogte eerder in de winter onder het gemiddelde lag — was de structuur van het sneeuwpakket de doorslaggevende factor.”
Een lid van het helikopterteam observeert de omgeving tijdens de landing om reddingswerkers af te zetten voor een reddingsmissie na een lawine in de buurt van de Alpe d’Huez.
De laatste ontwikkelingen rond klimaat, natuur en duurzaamheid