Home

Ook als Trump de ayatollah zou verdrijven, is daar nog de Revolutionaire Garde. Hoe machtig is deze club?

Iran Als de VS Iran aanvallen, heeft de Islamitische Revolutionaire Garde een cruciale rol bij de verdediging van het regime. Dit militair-economisch conglomeraat van naar schatting meer dan 190.000 leden heeft ideologische en materiële redenen om dat te doen.

Iraanse militairen in opleiding tijdens een ceremonie ter ere van de 47e verjaardag van de islamitische revolutie in Iran, op 1 februari 2026.

Nu de Amerikaanse oorlogsvloot zich op Iran richt, wordt er volop gespeculeerd over het doel van een mogelijke aanval. Daarbij valt vaak het woord ‘Venezuela’. Zal president Donald Trump ayatollah Ali Khamenei uitschakelen, zoals hij dat begin dit jaar met de Venezolaanse president Nicolás Maduro deed?

Waar in Venezuela een gerichte militaire ingreep voldoende was om het land in Amerikaanse richting te duwen, is de situatie in Iran fundamenteel anders. Een eventuele uitschakeling van Khamenei betekent niet automatisch dat de rest van het regime bereid is tot samenwerking met de Verenigde Staten. De Islamitische Revolutionaire Garde (IRG) — een militair-economisch conglomeraat van naar schatting meer dan 190.000 man — heeft zowel ideologische als materiële redenen om het regime te verdedigen.

Wat de Revolutionaire Garde bijzonder maakt, is haar symbiotische relatie met de opperste leider, zegt Peyman Jafari, een Iraans-Nederlandse historicus en Iran-kenner. De Garde ontleent haar legitimiteit aan de opperste leider en de religieuze kringen om hem heen. Omgekeerd verschaft de IRG de militaire slagkracht die de religieuze tak aan de macht houdt.

Symbiotische relatie

Tegelijkertijd is de Garde niet uitsluitend afhankelijk van de ayatollah. Ook zonder hem heeft de IRG er belang bij om het bestaande systeem in stand te houden. Naar schatting controleert de Garde 20 tot 30 procent van de totale economie en beheert zij enorme belangen in telecom, banken, media en de olie- en gasindustrie. Individuele commandanten hebben zich persoonlijk verrijkt door posities in IRG‑fondsen, holdings en frontbedrijven, waarmee zij direct of via netwerken profiteren van staatscontracten, infrastructuurprojecten en handel in olie en andere (schaarse) goederen.

Paradoxaal genoeg hebben internationale sancties die positie versterkt: doordat buitenlandse bedrijven zich moesten terugtrekken, konden aan de Garde gelieerde ondernemingen hun marktaandeel overnemen. Jafari: „Zij beheersen de zwarte markt en bepalen wie toegang krijgt tot schaarse goederen.”

Die economische macht vindt haar oorsprong in de nasleep van de oorlog met Irak, in de jaren tachtig. De Garde voelde zich vernederd, omdat ze na acht jaar oorlog en honderdduizenden doden een staakt-het-vuren moest accepteren zonder ook maar iets te winnen.

Uit vrees dat verslagen en vernederde gardisten een coup zouden plegen, gaf het regime hun een centrale rol in de wederopbouw van Iran. Ze kregen talloze bouwprojecten toebedeeld en konden voor een zacht prijsje staatsbedrijven opkopen, toen het regime die vanaf de jaren negentig massaal begon te privatiseren.

De ceremonie vindt plaats bij de begraafplaats van voormalig ayatollah Ruhollah Khomeini in het zuiden van Teheran.

Loyaliteit en generatieverschillen

Of de IRG vooral economisch gedreven is, valt moeilijk te zeggen, stelt Iran-expert Shermin Amiri. De generatie van de oprichters is volgens hem wel degelijk ideologisch gemotiveerd. „Zij beschouwt de Islamitische Republiek als een religieus project dat beschermd moet worden.”

Tegelijkertijd heeft juist deze generatie haar machtspositie gebruikt om zich economisch te verrijken. Dat maakt het lastig om ideologische en financiële motieven scherp van elkaar te scheiden, zegt Amiri.

De Garde is uitgegroeid tot een van de meest bepalende instituties van het land. Die positie zal ze niet zomaar opgeven. Een belangrijke reden hiervoor is dat een exitstrategie ontbreekt, zegt Damon Golriz van het recent opgerichte Haagse Instituut GeopolitiekNu. De IRG staat in de meeste westerse landen op de terreurlijst; uitwijken is daardoor geen aantrekkelijke optie.

IRG-leden zijn zich bovendien bewust van het gepolariseerde klimaat dat ontstond na 8 en 9 januari, toen de Garde met grof geweld protesten in Iran neersloeg en duizenden demonstranten doodde. Volgens Amiri heerst er nu een sfeer waarin „je voor of tegen het regime bent; een grijs gebied bestaat nauwelijks meer”. In zo’n politiek klimaat kan een machtsval uitmonden in volkswoede, waarbij Iraniërs het heft in eigen handen nemen en IRG-leden aanvallen — vergelijkbaar met wat er in Syrië gebeurde met aanhangers van het Assad-regime toen dat eind 2024 instortte.

Toch sluit Jafari een pragmatische uitweg niet volledig uit. Een scenario dat doet denken aan het einde van de Sovjetelite behoort tot de mogelijkheden: politieke macht afstaan, terwijl staatsbedrijven worden geprivatiseerd om economische belangen veilig te stellen.

Op den duur, zo redeneert hij, zouden pragmatische stemmen binnen de Garde de overhand kunnen krijgen — mensen die inzien dat een conflict met de VS alles, en dus ook hun economische belangen, op het spel zet. „Maar Gardeleden zullen er niet meteen voor openstaan om hun politieke macht uit handen te geven”, benadrukt Jafari.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief Wereldzaken

Terugblikken, extra analyses en leestips bij de laatste uitzending van de podcast Wereldzaken.

Geopolitiek

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next