Home

Leidse studente wint hoofdprijs met scriptie over Nederlands eerste hoogleraar seksuologie

Wat vandaag progressief lijkt, kan morgen als conservatief gelden. Met het levensverhaal van Nederlands eerste hoogleraar seksuologie Coen van Emde Boas laat studente Puck Rouffaer zien dat emancipatie geen eindpunt kent. Ze wint de Volkskrant-IISG scriptieprijs.

Voor haar afstudeerscriptie dook Puck Rouffaer in het leven van de Amsterdamse psychiater Coen van Emde Boas (1904-1981). Ze analyseerde zijn artikelen en vergadernotulen om te zien hoe de opvattingen van Nederlands eerste hoogleraar seksuologie veranderden in een steeds progressievere wereld.

Puck Rouffaer, inmiddels trainee bij de gemeente Amsterdam, won donderdagavond de eerste prijs bij het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis. Dit instituut organiseert samen met de Volkskrant de scriptieprijs voor uitmuntend historisch afstudeeronderzoek, die sinds 2010 jaarlijks wordt uitgereikt.

Ze ziet een duidelijke link met de actualiteit: ‘Ook nu staat de gelijke behandeling van homoseksuelen en transgender personen onder druk.’

Wie was Van Emde Boas?

‘Een psychiater en voorvechter van gelijke behandeling van homoseksuelen en heteroseksuelen, die daar openlijk over sprak. Hij was lid van onderzoekscommissies over homoseksualiteit en transseksualteit en had invloed op wetgeving. Ook was hij als psychiater betrokken bij de eerste genderbevestigende operaties op transgender personen in Nederland. Hij werd gezien als progressief, maar later veranderde dat. In de jaren zeventig werd hij conservatiever.’

Hoe werd er in de jaren dertig over homoseksualiteit gedacht?

‘Dat was aan het begin van zijn carrière als psychiater. Homoseksualiteit gold toen nog als een zonde. Van Emde Boas zag meer een psychologische oorzaak, wat toen progressief was: je was er zelf niet verantwoordelijk voor, het was je overkomen. Hij wilde met conversietherapie individuen helpen zich aan te passen aan een discriminerende samenleving. Maar als je patiënten blijft aanpassen aan de samenleving, verandert de norm niet.

‘In de jaren zestig en zeventig eisten patiënten meer rechten en ontstond de antipsychiatrische beweging. Homoseksuelen zagen zichzelf niet meer als een zielige patiënt die hulp nodig heeft, maar als individu met een gezonde seksualiteit in een ongezonde samenleving.

‘De wereld om hem heen werd progressiever, waardoor hij conservatiever leek, maar tegelijkertijd verloor hij als psychiater ook macht in de spreekkamer. Daar werd hij ook conservatiever van.’

U schrijft dat we iets van Van Emde Boas kunnen leren over onze eigen tijd.

‘Ik zie vaak dat mensen het volgende beeld hebben: het verleden was homofoob, dat veranderde in de jaren zestig en sindsdien zijn we progessief. Maar tussen 1810 en 1911 was homoseksualiteit niet strafbaar. Dat betekent niet dat er toen een soort verlichte periode was, maar wel relatief lichter dan na 1911. Vooruitgang is geen vanzelfsprekende rechte lijn. Misschien zitten we zelf nu in een daling. Dat zie je pas als je naar het verleden kijkt.’

Ziet u dat dan als een waarschuwing voor de tijd waarin we nu leven?

‘Zeker. Een van de redenen voor mijn interesse in dit thema is dat ik me zorgen maak. Veel mensen denken dat na het homohuwelijk de emancipatie af was. Dat we ons geen zorgen hoeven te maken over de dingen die in Amerika gebeuren, omdat wij progressief Nederland zijn, waar dingen zoals homoseksuatliteit of transgenderzorg relatief goed geregeld zijn.

‘Maar het is geen gegeven dat dat altijd zo blijft. Neem het argument dat de jeugd moet worden beschermd tegen de perversie van homoseksualiteit. Dat werd gebruikt om de discriminerende wetgeving in 1911 aan te nemen. Datzelfde argument, jeugdbescherming, komt nu ook terug in discussies over transgenderzorg. De geschiedenis laat zien hoe gemakkelijk repressie in het verleden ontstond en ook hoe dicht we daarbij eigenlijk nog zitten.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next