Home

Een popconcert, in een stadion, mág gewoon geen 300 euro kosten

is redacteur popmuziek van de Volkskrant.

Harry Styles is een van de welvarendste popartiesten op aarde. Zijn vermogen werd begin dit jaar geschat op 250 miljoen euro. Een kwart miljard dus, op de kop af. En dat was nog vóór de geldkranen werden geopend in de ticketkantoren waar de kaartjes voor zijn aanstaande concertreeks Together Together eruit vlogen. De tickets voor zijn tien shows in de Amsterdamse Johan Cruijff Arena waren in een paar minuten weg.

Styles haalt zijn fortuin vooral uit zijn tournees. Zijn laatste Love on Tour-tour werd een van de lucratiefste concertseries ooit en leverde een brutowinst op van zo’n 600 miljoen euro. Grappig popweetje: één enkel stadionconcert uit die reeks bracht een slordige 6 miljoen euro op.

Dan zou je kunnen denken, Harry Styles zijnde: het is wel bijna genoeg. Ik ben met mijn vermogen Mariah Carey al voorbij en ben hard op weg richting Sean Combs. En ik ben pas 32!

Maar helaas, Styles wil door. Toen het ticketmenu vorige maand werd bekendgemaakt, met kaartjes in alle soorten en maten, kregen veel liefhebbers toch even die klap in het gezicht. Dat gevoel dat je geript wordt waar je bijstaat, in het volle daglicht.

De prijzen waren krankzinnig hoog en voor veel mensen met een gewoon salaris haast niet op de brengen. Een zitplaats op de tribune, met normaal zicht maar nog altijd op grote afstand, kostte bijna 320 euro. Een mindere staanplaats was 140 euro, een iets betere, in de buurt van het podium, pats: 315 euro. Een vipticket? Ruim 800 euro.

Wekelijks neemt Bor Beekman, Robert van Gijssel, Els de Grefte, Joris Henquet, Merlijn Kerkhof of Anna van Leeuwen stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst.

Bij het programma Hart van Nederland vertelde een fan dat ze zo’n voorrangskaartje had weten te bemachtigen. Ze stond eerst te trillen van geluk. Daarna sloeg de paniek toe. Want ze was ineens zo goed als failliet, al had ze gespaard. Ze vond het zelf ook best prijzig, zei ze. ‘Kijk, ik vind het achterlijk. Als je er rationeel over nadenkt, ga je dat nooit betalen.’ Maar ja. Je bent fan. Dus je doet het toch.

Dat weet Harry Styles. En hij maakt er gebruik van. Hij beweegt wereldwijd ook lenig met zijn fans mee: voor een vipkaartje in Madison Square Garden in New York, een best welvarende stad, vroeg hij een onwaarschijnlijke duizend euro voor een staanplaats. Vraag is aanbod.

Maar is het vragen van dit soort exorbitante prijzen nog enigszins ethisch? Zeker gezien het feit dat Styles op maar een paar plaatsten speelt en fans vaak met het vliegtuig op reis moeten om hem te zien? De teller loopt op.

Had Styles niet kunnen denken: ik ben binnen en ik maak nu maar eens een gebaar naar mijn fans, die toch dat vorstelijke vermogen van mij bij elkaar hebben gebracht? Ik ga een keer normale ticketprijzen vragen. Zodat écht iedereen de kans krijgt naar mijn shows te komen. En zodat die naam van mijn tournee, Together Together, ook nog ergens op slaat.

Een popconcert, in een stadion, kan geen 300 euro kosten. Laat staan 800. Dat is gewoon te veel, en belachelijk elitair. Het past niet bij de popmuziek, die toegankelijk moet zijn voor iedereen.

Het lijkt mij ook slecht voor het imago van de artiest die dit soort prijzen vraagt, ook al zegt die – uiteraard – óók geld over te maken aan goede doelen. Zouden de fans straks in de Johan Cruijff Arena na twee uur zuivere speeltijd denken: nou, dat was mijn 300 (of 800) euro wel waard?

Ik kan me voorstellen dat de financiële aderlating die eraan voorafging een show juist minder glans geeft.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next