DEN HAAG - 'Wat moet ik daarop zeggen? Het is die hele roddelcarrousel, straatjournalisten zijn het.' De 71-jarige Ruben B. raakt aan het eind van de ochtend geïrriteerd over de getuigenissen die er over hem zijn gedaan. B. staat terecht voor de moord op de 64-jarige Loek van Dam in 1992, maar hij ontkent alles.
Loek van Dam werd van dichtbij en van achteren met zes kogels doodgeschoten in het kantoortje van zijn garagebedrijf in Den Haag. Dat gebeurde waarschijnlijk aan het eind van de middag van 27 januari, toen hij op het punt stond naar huis te gaan, want hij had zijn jas aan en zijn sleutels in zijn hand.
Hij zat wel in zijn bureaustoel. 'Het geeft het beeld van een executie', zei de officier van justitie. Er was geen worsteling geweest en Van Dam was niet beroofd. Zijn portemonnee met bijna 1800 gulden erin zat nog in zijn zak.
Ruben B. kwam na de moord in beeld als verdachte. Van Dam had een affaire met de vrouw van B. Zij werd door haar man mishandeld en zocht bescherming bij Van Dam.
In de aanloop naar de moord zou B. het slachtoffer hebben bedreigd met een vuurwapen. B. ontkende dat dinsdag voor de Haagse rechtbank. Hij zei dat hij alleen mondeling heeft gedreigd.
Loek van Dam heeft voor zijn dood tegen zijn zoon verteld dat B. heeft geprobeerd hem dood te rijden met zijn auto. Daarover zei de verdachte dinsdag: 'Dat zou ik nooit doen. Daarvoor was die auto veel te duur en was ik er veel te trots op.'
B. zat in 1992 enige tijd vast als verdachte, maar moest worden vrijgelaten wegens gebrek aan bewijs. De zaak kwam opnieuw aan het rollen na een anonieme tip in 2020 dat B. zijn destijds 15-jarige zoon de moord had laten plegen.
In 2022 kwam er weer een tip, dat B. het zelf heeft gedaan. En weer later volgde een nieuwe tip dat de zoon het toch heeft gedaan. Inmiddels lijkt het ook mogelijk dat de broer van B. de trekker heeft overgehaald. Die broer zit sinds augustus vorig jaar ook vast. B. werd een jaar geleden opgepakt.
In afgeluisterde gesprekken lijken familieleden te bevestigen dat de hele familie wel weet dat ofwel Ruben ofwel zijn jongere broer de trekker heeft overgehaald, maar dat is volgens de verdachte dus allemaal roddelpraat.
'Al die mensen zijn gehoord hè', vroeg B. aan de rechtbank nadat de getuigen waren voorgehouden. 'Maar wat is uiteindelijk daar de conclusie van?'
Voor het Openbaar Ministerie is die conclusie duidelijk: alles wijst naar B. als tenminste de opdrachtgever van de moord op Loek van Dam en mogelijk zelfs de schutter.
De getuigen schetsen een beeld van B. als een opvliegende, traditionele man, die zijn vrouw mishandelde en die het niet kon hebben dat ze vreemd ging met Van Dam. Eén getuige noemde hem 'een vuurwapengevaarlijke crimineel'.
Maar B. presenteerde zich dinsdag als een oppassende huisvader die van zijn vrouw en kinderen hield. Van de belastende getuigen zei hij dat hij die niet kende of dat ze onzin verkochten. 'Ik heb die meneer niet vermoord, ik heb geen wapen in handen gehad en ik heb ook niemand gedwongen.'
'Ik heb hem in allerlei bewoordingen van alles en nog wat toegewenst, ook kort voor zijn dood. Tot daar was mijn boosheid, maar die grens ben ik niet overgegaan.'
De zoon van Loek van Dam, Loek junior, gelooft de verdachte niet. In zijn slachtofferverklaring zei hij dat hij zijn vader nog veel langer had willen meemaken en dat hij hoopt dat de dader gestraft wordt. 'De moord op mijn vader voelt laf.'
'Na decennia van uitgestelde gerechtigheid en onzekerheid hoop ik dat deze zaak nu eens en voor altijd wordt beslecht. Dat er eindelijk recht wordt gedaan aan de zaak en vooral aan wat mijn vader is aangedaan.'
B. was het eens met de zoon van het slachtoffer dat de dader gestraft moet worden. 'Maar dan moet u bij de echte dader zijn en niet bij deze onschuldige.'
Volgens het Openbaar Ministerie is B. wel schuldig. De officier van justitie wees op alle onregelmatigheden en onjuistheden in de verklaringen van de verdachte en zijn familieleden over waar B. was op het tijdstip van de moord.
Toen nog helemaal niet duidelijk was hoe laat Van Dam was doodgeschoten gaven B. en zijn vrouw al een alibi voor waar B. was op dat tijdstip. B. had daar later geen uitleg voor. Dat vindt het OM verdacht.
Ook alle dreigementen van de verdachte voorafgaand aan de moord, die Van Dam optekende in zijn dagboek, wijzen volgens het OM in de richting van B. Twee dagen voor de moord zat Van Dam trillend en huilend bij de politie, omdat hij zo bang was voor B.
Hoewel er geen rechtstreeks bewijs is, is er volgens het OM in alle verklaringen van de oudste zoon, de vrouw, overige familieleden en in het slechte huwelijk van B. en zijn vrouw, genoeg bewijs dat de man het heeft gedaan of heeft laten doen door zijn broer.
'Door Loek om het leven te brengen kon zijn vrouw nergens meer heen. Dat was voor hem de oplossing. Dat het werkte blijkt wel uit het feit dat zijn vrouw het verzoek tot echtscheiding introk en nog jaren met de kinderen bij hem is gebleven', zo zei de officier van justitie.
Volgens de officier maakte de zoon van B. een afspraak met Van Dam. Omdat Van Dam de zoon vertrouwde zou hij voor hem de deur wel open doen. 'Daardoor wist B. zeker dat Loek er zou zijn en dat hij bij hem binnen kon komen. Dat hij nooit ruzie had gehad met Loek en dat hij zijn vrouw niet sloeg is een aperte leugen.'
Dat de zoon in het kantoortje van Van Dam is geweest blijkt uit een vingerafdruk van hem. Of hij heeft geschoten doet voor het OM niet meer ter zake. Omdat de jongen destijds 15 was is zijn zaak verjaard. Het gaat voor het OM erom dat B. de opdracht heeft gegeven. Dat is nog steeds strafbaar.
B. heeft zijn vrouw al tien jaar niet meer gezien, maar officieel zijn ze nog altijd niet gescheiden. 'Blijkbaar is zij nog steeds van belang voor hem in de zaak rond Loek', zei de officier.
Bij de politie verklaarde de vrouw vorig jaar dat ze de verhalen over de mishandelingen en bedreigingen in 1992 heeft overdreven en dat het allemaal wel meeviel.
In een afgeluisterd gesprek maakte ze een opmerking die erop duidde dat ze wist dat ze werd afgeluisterd: 'We praten niet over dat ding. Slim zijn of doof zijn. Wat we gezegd hebben komt op één lijn. We hebben nooit gepraat, we hebben nooit wat gezegd.'
Op een ander moment werd ze door de kinderen voorbereid op haar verhoor. 'Of je beroept je op je verschoningsrecht of je zegt het is te lang geleden. Er is geen familiegeheim', zo werd haar ingeprent.
De officier van justitie concludeerde daaruit: 'Het geheim dat haar man haar minnaar vermoordde mag ze met niemand delen. In sommige kringen is praten met de politie blijkbaar erger dan het plegen van een moord.'
Ze eiste een celstraf van veertien jaar tegen Ruben B. wegens moord, alleen of met een ander. 'Hij had opzet op de dood, omdat hij Loek van korte afstand in zijn hoofd en rug schoot.' Het OM hield met deze eis wel rekening met de leeftijd van B.
Dat hij sinds kort prostaatkanker heeft speelde niet mee bij de eis. Wel keek het OM naar de strafmaat voor moord in 1992 en het feit dat de maximumstraf toen twintig jaar was.
De verdediging van B. vond dat het Openbaar Ministerie nog steeds geen zaak heeft, net als in 1992. 'De officier miskent dat we alleen circumstantial evidence hebben, zoals de Amerikanen zeggen, geen smoking gun', zei advocaat Gerard Spong.
Volgens Spong kan het geheim van de vrouw van B. ook iets anders zijn dan de moord op Van Dam. 'De mishandelingen of het overspel, dat is voor een Hindoestaanse vrouw ook een groot geheim.'
Spong vond dat de verhoren van sommige familieleden, onder wie de destijds 15-jarige zoon van B., niet goed zijn gedaan. Hij vond daarom dat zijn cliënt moet worden vrijgesproken.
Source: Omroep West Den Haag