Honderddertig jaar geleden begon Boska als klassieke smederij, nu wil het met zijn strakke vormgeving de Apple van de keukengereedschappen zijn. ‘Onze toetssteen is: willen mensen het uit de keukenla halen en op tafel leggen?’
is economieredacteur van de Volkskrant.
Vraag Maurijn Legein (55) naar kaasschaven, en hij begint over iPhones en iPads. De CEO en mede-eigenaar van Boska ziet Apple, befaamd om zijn aandacht voor design, als een van zijn grootste inspiratiebronnen.
Kijk nou, zegt hij, staand voor een kast vol kaasschaven en -messen, glanzend tegen een zwarte achtergrond. ‘Je wil ze verzamelen, zo’n bij elkaar passende set straalt kalmte en luxe uit. Onze toetssteen bij het ontwerp is: willen mensen het uit de keukenla halen en op tafel leggen?’
Hij mag graag vertellen dat anderen zijn merk ‘de Rolls-Royce onder de kaasschaven’ noemen. En je moet het hem nageven: Boska is een stukje Hollandse glorie van internationale allure.
In deze wekelijkse rubriek vertellen ondernemers over hun bedrijf. Vandaag: Boska in Bodegraven, opgericht in 1896, met 50 werknemers en een omzet van 22 miljoen euro in 2025.
Tot in The New York Times en The Wall Street Journal prezen culinair journalisten zijn producten aan. Ook bij de Amerikanen zijn kaasschaven in trek, zegt Legein, zij het niet zozeer om kaas mee te schaven, maar komkommers en citroenen. Een kwart van de omzet komt inmiddels uit de Verenigde Staten.
Boska is gevestigd in Bodegraven, vlak bij Gouda, in het hart van een van ’s lands belangrijkste kaasregio’s. Hier nam Willem Bos in 1896 een smederij over. Hij begon er met het klassieke smederijwerk – paarden beslaan, landbouwwerktuigen maken – maar spitste zich vanwege de alomtegenwoordige kaasindustrie toe op hulpmiddelen voor kaasboeren.
Uiteindelijk kwam Bos Kaasgereedschappen, kortweg Boska, hieruit voort. De kaasschaaf werd het vlaggenschip, of hero product, zoals Legein het noemt. 700 duizend stuks zegt hij er jaarlijks te verkopen. Naast kaasschaven handelt de onderneming onder meer in pizzasnijders, fonduesets en professioneel snijgereedschap voor horeca of kaaswinkels.
Natuurlijk, het succes zit ’m in de vormgeving, het vakmanschap, de levenslange garantie. Maar vlak het belang van gelikte marketing niet uit. Met simpelweg een degelijk mes in het winkelschap leggen, red je het niet meer. Hip maken wat uit zichzelf een beetje ‘stoffig’ is, dat is aan Legein wel besteed.
Inmiddels verdient het bedrijf volgens hem een groot deel van zijn geld aan mensen die de producten kopen als geschenken, of giftables. Dat vergt aantrekkelijke verpakkingen. En dus zitten sommige messensets opgerold in een lederen hoes, die vervolgens in een strak vormgegeven zwarte koker is geschoven. Doosjes zijn voorzien van ludieke teksten als slice to meet you.
Had hij al verteld dat zijn bedrijf volop inzet op kunstmatige intelligentie? Bij het maken van handleidingen, programmeerwerk voor de webshop, het onderzoeken van ontwerpmogelijkheden voor nieuwe producten. Je kunt Boska inmiddels best een soort van techbedrijf noemen, meent hij. Begint het toch een beetje op Apple te lijken.
Deze maand vond er historisch gezien een aardverschuiving plaats. Vier generaties ‘Bossen’ hebben het familiebedrijf bestierd. De familie bemoeide zich al niet meer direct met het management sinds Legein in 2021 aantrad als CEO. Maar nu heeft ze ook haar aandelen van de hand gedaan.
Royal Delft Group, fabrikant van Delfts blauw aardewerk, en investeringsbedrijf Boron namen voor 10,5 miljoen euro een meerderheidsbelang in Boska. Legein denkt dat de bedrijven elkaar kunnen helpen, bijvoorbeeld bij het opschalen van de online verkoop, maar verwacht verder geen grote koerswijzigingen.
Boska maakt zijn keukengerei allang niet meer zelf, dat besteedt het uit aan fabrieken wereldwijd. Naast de marketing – het bedrijf heeft twee eigen fotografen in dienst die de producten zo aantrekkelijk mogelijk in beeld brengen in een eigen fotostudio – ligt de focus hier vooral op het ontwerpen van nieuwe producten.
Bij de deur van de designafdeling staan en liggen acht pizzaovens op de vloer. Stuk voor stuk ovens van concurrenten, bedoeld om uit elkaar te schroeven en tests mee te doen. Sinds vorig jaar verkoopt Boska houtovens, gasovens zitten nu in de ontwikkelfase. Daarbij is het zaak om goed uit te zoeken hoe je een pizza ideaal laat garen, qua luchttoevoer, gasbranders en afsluiting.
En dus kunnen de medewerkers wekelijks wel een paar keer pizza eten. ‘Als we gaan testen, doen we het altijd voor de lunch. Ik vind het zonde om die pizza’s voor niks te bakken’, zegt Nadia Bartels-Wijstma (53), hoofd van de ontwerpafdeling.
Toen Boska zich een paar jaar geleden besloot toe te leggen op pizzasnijders, ging een ontwerper eerst naar Italië voor een cursus pizzabakken. Ook vandaag de dag komt hier geen kant-en-klaarspul binnen: Boska-medewerkers beleggen zelf deeg met tomaat, kaas en basilicum. ‘We halen de diepvriesdeegbollen bij de Hanos. 58 stuks voor 30 euro’, zegt Bartels-Wijstma.
Ontwerpers van Boska bekwamen zich zelf ook in de fijne kneepjes van het kaassnijden en geven hier zelfs workshops in aan kaaswinkeliers: wie messen maakt, moet er zelf mee om kunnen gaan. Omgekeerd betrekken ze geregeld kenners van buiten. Onlangs stuurden ze nog een messenset naar het Parmigiano Reggiano Consortium, de Italiaanse kwaliteitswaakhond voor echte Parmezaanse kaas. Op basis van de feedback krijgen de messen een net iets ander lemmet, om de snijbeweging te versoepelen.
Het luistert allemaal nauw, zo blijkt wel bij het bureau van ontwerper Domino Bosland (26). In een documentenbak naast haar computer liggen geen A4’tjes, maar raspen. Ze is bezig een aantal kaasschaven te controleren, afkomstig van een fabriek die spullen voor Boska gaat produceren.
Bosland wijst op het ruitpatroon dat ervoor zorgt dat zachte kazen niet aan de schaaf blijven plakken. Inmiddels is dat patroon onderdeel van het kenmerkende Boska-design. Je moet goed kijken, maar inderdaad, op een van de kaasschaven hebben de ruitjes nét iets rondere hoeken. Dat moet echt strakker, zal ze de fabriek laten weten. Bartels-Wijstma valt haar bij: ‘We worden hier betaald om te mierenneuken.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant