Home

Hoort de gesponsorde koffiemachine van Kjeld Nuis thuis in de rubriek ‘Onze gids dit weekeinde’?

is Ombudsvrouw van de Volkskrant.

Een van de levendigste, eerste herinneringen die ik aan het schaatsen op televisie heb, is het Sanex-logo op de witte col van Rintje Ritsma. Er zullen grootse schaatsprestaties aan vooraf zijn gegaan, niet in de laatste plaats van Ritsma zelf, evenals grote tragedies van het kaliber Joep Wennemars op de 1.000 meter. En alsnog domineert het beeld van die opdringerige merknaam in de nek, als keurstempel van algehele frisgewassenheid.

Waarmee ik maar wil zeggen: het is een lang en gelukkig huwelijk, tussen schaatsen en commercie.

Ombudsvrouw Loes Reijmer behandelt vragen, klachten en opmerkingen over de journalistiek van de Volkskrant. U kunt haar per mail bereiken.

Toch fronste een lezer de wenkbrauwen bij het lezen van het interview met Kjeld Nuis in Volkskrant Magazine. De olympisch schaatser was ‘Onze gids dit weekeinde’, de interviewrubriek waarin bekende Nederlanders en internationale beroemdheden ons langs hun favorieten gidsen, op welk vlak dan ook.

Nuis noemde onder meer zijn Ducati-motor, het merk waarvan hij ambassadeur is. Ook sprak hij enthousiast over de loeidure espressomachine die hij als koffieconnaisseur gesponsord kreeg, ‘de Ferrari onder de koffiemachines’. De schaatser bleek zelfs een eigen koffieboon te hebben: Kjeld’s blend, ‘een klein beetje zoetig en tussen licht en medium gebrand in’. Eveneens een tip dus, al vermeldde Nuis er wel direct bij dat de opbrengsten naar de Voedselbank gaan.

‘Ik begrijp heel goed dat mensen zich graag laten interviewen als zij daar een direct belang bij hebben, zoals bij een nieuw boek, een nieuw theaterstuk en een nieuw tv-programma’, mailde een lezer. ‘Op zich is daar niets mis mee. Maar de afgelopen weken voelt het alsof ik een serie advertorials aan het lezen ben, en de redactie zich moeiteloos voor het karretje laat spannen van de mensen die zij interviewen.’ Hij had zich niet alleen gestoord aan het gesprek met Nuis, maar ook aan het grote Magazine-interview met Estelle Cruijff de week erop.

De lezer stond niet alleen in zijn ergernis. Sportcolumnist Bert Wagendorp schreef deze week kritisch over topsporters die zich met allerlei merken laten behangen: ‘Ik ben meteen gaan sparen, want ik moet dergelijke apparaten gewoon kopen en krijg ze niet, zoals Kjeld, van een sponsor in ruil voor free publicity in de Volkskrant.’

Zelf vond ik drie commerciële samenwerkingen in het interview met de meervoudig olympisch medaillewinnaar ook wat veel, eerlijk gezegd. Trouwe lezers van ‘Onze gids’ weten tegelijkertijd dat geïnterviewden wel vaker iets van zichzelf aanbevelen, of van familie en vrienden. Sponsoring is zeldzamer, al komt dat ook voor.

Ik herlas vijftien willekeurig gekozen gidsen van afgelopen jaar. In acht daarvan tipten geïnterviewden iets waarbij ze een commercieel belang hadden. Zanger en gitarist Pete Doherty koos als favoriet een band die hij strikte voor zijn eigen platenlabel. Dirigent Raphaël Pichon tipte zijn eigen festival. ‘Mijn partner Isabel Marant is zonder twijfel mijn favoriete ontwerper’, zei tassenontwerper Jerome Dreyfuss. Kathy Hessel, kunstduider op Instagram, beval een kunstenaarsplek aan waaraan zij als ‘curatorial trustee’ verbonden is, evenals het restaurant van haar vriend.

Een beetje beroemdheid is ook heel druk met wijn, leert close reading van ‘Onze gids’. Zo hebben de Soulwax-broertjes onlangs een eigen wijn gelanceerd, in samenwerking met een bevriende sommelier van een wijnbar die ze tipten. Thrashmetalrocker Dave Mustaine bleek over meerdere wijngaarden te beschikken en dure wijn te maken.

De opzet van de interviewrubriek is ambitieus: ‘Onze gids’ is bedacht om consequent internationale topfiguren in de krant te hebben. Er hoeft geen aanleiding te zijn, redacteuren zetten tal van verzoeken uit bij managers van mensen die ze altijd al wilden spreken. Voorafgaand aan het interview sturen ze uitleg en voorbeelden mee, ter voorbereiding.

Die boodschap komt niet altijd door. En dus gebeurt het weleens dat geïnterviewden glazig voor zich uit kijken als de interviewopzet duidelijk wordt. Vervolgens moeten ze voor de vuist weg met favorieten komen: lekker spontaan, maar ook een verklaring waarom er geregeld restaurants van vrienden opduiken, of andere tips uit de entourage van de bekendheid. Heel erg is dat niet, want het vertelt iets over het leven dat ze leiden.

Zo moet je het interview met Nuis ook zien, vindt de sportverslaggever die het maakte. ‘Dit ís het leven van Kjeld Nuis. Topsporters hebben een kleine wereld, ze leven bewust in een bubbel, en hoe meer je in een bubbel zit, hoe geconcentreerder je met dingen bezig bent’, zegt de verslaggever, die zelf ooit ook topschaatser was. ‘Voor Nuis is dat koffie, barbecue, zijn motor: hobby’s dicht bij huis.’

Ze interviewde de schaatser in het Duitse Inzell. Hij had nog niet over voorbeelden nagedacht, maar was enthousiast over de gespreksopzet. ‘Al pratende kwamen we tot de onderwerpen.’

Natuurlijk heeft ze zich afgevraagd of de gesponsorde merken erin konden, vertelt ze. ‘Voor mij was belangrijk dat hij deze hobby’s al had vóór de deals: hij is al jaren geobsedeerd door koffie, heeft elke boon geproefd en neemt zijn eigen apparaat mee naar wedstrijden. Ook van Ducati was hij altijd al fan. Het zijn dingen die hem echt typeren.’

Alles eruit laten was daarom geen optie, onbenoemd laten dat de merken hem sponsoren evenmin. Die informatie mag de lezer niet onthouden worden. ‘De favorieten van Nuis zeggen iets over de bubbel van topsporters, maar de kritiek zegt misschien ook wel iets over de bubbel van Volkskrant-lezers’, oppert de sportverslaggever.

Daarmee snijdt ze een intrigerend punt aan. De hoeveelheid commerciële samenwerkingen was opmerkelijk, maar schuilde een deel van de irritatie onbewust niet óók in het soort tips: het vlees, de pk’s, de tatoeages en de decadente koffiemachine? Nuis’ favorieten zijn eerder schatten uit de wunderkammer van mannenzender RTL 7 dan uit de biotoop van de gemiddelde Volkskrant-lezer, zeg maar. En dan, godbetert, in bepaalde gevallen ook nog eens een commerciële samenwerking?

Het is, zo besefte ik deze week, ondoenlijk om hiervoor richtlijnen te formuleren. Mag Pete Doherty een band die bij hem onder contract staat wel bewieroken, maar Nuis zijn geliefde koffiemachine niet? Moet Jerome Dreyfuss op zoek naar een andere favoriete modeontwerper, omdat hij zijn vrouw niet mag kiezen?

Auteurs zouden kunnen overwegen om een merk niet te noemen, maar de rubriek gedijt juist bij specificiteit. Het spreekt tot de verbeelding dat de 98-jarige Holocaustoverlevende Edith Eger verknocht is aan een heel specifiek make-upmerk, of dat Doherty zijn liedjes schrijft op een Olympia-typemachine.

Een verbod op favorieten waarbij, op welke manier dan ook, een commercieel belang speelt, is in deze rubriek niet te doen. Al is maat houden wel een aanbeveling. Het belangrijkst is transparantie. Zo kunnen lezers zich volledig geïnformeerd groen en geel ergeren, of toch maar eens gaan sparen voor de Ferrari onder de espressomachines.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next