Home

Een generatiewissel op de 10 kilometer: de 19-jarige Jílek pakt goud, routinier Bergsma sensationeel naar brons

De 10.000 meter in Milaan was het terrein van de jeugd. De 19-jarige Metoděj Jílek greep het goud, de 23-jarige Vladimir Semirunniy het zilver. En brons? Dat was voor de eeuwig jonge veertiger Jorrit Bergsma.

is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.

Als Metoděj Jílek na 7.900 meter de bocht uitkomt op de ijsbaan, ziet hij Ted-Jan Bloemen voor zich rijden. De 19-jarige olympisch kampioen van 2026 kijkt de 39-jarige kampioen van 2018 in de rug. Een dikke vijf ronden later steekt hij triomfantelijk de handen in de lucht, terwijl de Nederlands-Canadees nog bijna een hele ronde moet.

Met 12.33,43 is Jílek sneller dan Nils van der Poel vier jaar geleden was in Beijing, rapper dan de Zweed die met zijn eigengereide trainingsaanpak en grootse prestaties de internationalisering van de lange afstanden in een hogere versnelling bracht. Jílek is daar een product van, hij zei het zelf al nadat hij op de 5.000 meter zilver had gewonnen. ‘De verhoudingen zijn veranderd omdat andere landen hun eigen trainingsprogramma’s zijn gaan maken en niet meer het Nederlandse programma kopiëren.’

Voor Martina Sáblíková, die in Milaan haar laatste olympische race reed en over drie weken in Thialf definitief het schaatsen vaarwel zal zeggen, is Jílek de nieuwe generatie. Zij was anderhalf decennium de vaandeldrager van het schaatsen in Tsjechië, waar bijna niemand die sport beoefent. Maar ze sprak in Italië de hoop uit dat haar jonge landgenoot straks letterlijk de vlaggendrager zou mogen zijn bij de sluitingsceremonie in Verona. ‘Ik hoop dat Metoděj het zo goed doet, dat hij gevraagd wordt. Ik geniet van zijn prestaties. Ditmaal zal niet ik, maar hij de beste zijn’, zei ze tegen website schaatsen.nl.

Een eigen koers

De Tsjech, die nooit een schaatser als voorbeeld heeft gehad, maar zich liever laat inspireren door wielrenner Tadej Pogačar, is een man die zijn eigen koers kiest. Hij traint niet bij bondscoach Petr Novák, maar laat zich begeleiden door Kalon Dobbin, een Nieuw-Zeelandse coach die afkomstig is uit de sport waarmee Jílek opgroeide en die hij nog altijd ’s zomers beoefent: skeeleren.

Een andere exponent van de nieuwe generatie stond na afloop naast Jílek op het podium: Vladimir Semirunniy. Hij was tijdens zijn rit tegen Stijn van de Bunt verschenen in futuristisch tenue: een helm en strakke overschoenen over zijn schaatsen heen. Hij is een man die keuzes durft te maken in een conservatieve sport. Een man ook die durft te kiezen – voor zichzelf, voor zijn sport en voor de vrijheid. Nadat Russen in 2022 vanwege de inval in Oekraïne niet meer welkom waren op de ijsbaan, vluchtte hij, geboren en opgegroeid in Jekaterinenburg, naar Polen.

Om voor zijn nieuwe thuisland uit te mogen komen op de schaats mocht Semirunniy, die als Rus al aan internationale toernooien had deelgenomen, van wereldschaatsbond ISU veertien maanden niet deelnemen aan officiële wedstrijden. Nog zonder Pools paspoort, dat kreeg hij pas later, reed de goedlachse en vriendelijke Semirunniy eind vorige winter naar brons op de 5.000 en zilver op de 10.000 meter bij de WK.

Niet geplaatst op de 5 kilometer

In Milaan kwam de 23-jarige niet in actie op de 5 kilometer, omdat hij aan het begin van het seizoen, op de snelle baan van Salt Lake City, slecht presteerde en zich niet voor die afstand wist te plaatsen. Extra gretig leek hij om zijn olympisch debuut op vrijdagmiddag, op de langste schaatsafstand, aan te vangen. Als een speer vertrok hij.

In de eerste helft van zijn rit koerste Semirunniy onder het schema waarmee vier jaar geleden Nils van der Poel het olympisch goud in Beijing veroverde. De Pool gaf ook maar bar weinig toe op de rondetijden die Davide Ghiotto noteerde op weg naar zijn wereldrecord. Maar na een biljartlakenvlakke reeks aan rondjes 29,8 en 29,9 slopen zijn rondetijden in de tweede helft omhoog.

Van de Bunt leek in die fase zelfs nog de kans te krijgen om de Pool te achterhalen, maar zover liet Semirunniy het niet komen. Na 12.39,09 kwam hij over de finish. Van de Bunt, die zijn aanval had gestaakt, volgde op een kleine zeven seconden in 12.45,75.

Ghiotto naast de medailles

Na de dweilpauze was het aan de ‘oudjes’, de 32-jarige wereldrecordhouder Ghiotto en Jorrit Bergsma, de olympisch kampioen van twaalf jaar eerder en 40 jaar oud, om een aanvalspoging op de tijd van Semirunniy te doen. Lang nam Ghiotto het voortouw, elke ronde ietsje langzamer, maar in de wetenschap dat er aan het eind van de rit nog wat te winnen viel. Bergsma reed zijn eigen tempo vlak achter de Italiaan.

En het was Bergsma die uiteindelijk de aanval inzette. Ronde na ronde snoepte hij iets af van de achterstand die hij inmiddels had opgelopen. Eerst passeerde hij Ghiotto, toen leek zelfs de eindtijd van Semirunniy binnen handbereik te komen, maar de Nederlandse routinier kon de rondetijden niet voldoende naar beneden drukken en kwam uiteindelijk tot 12.40,48. Maar dat was een tijd die hij hartstochtelijk zou vieren, want het was genoeg voor brons.

De 10.000 meter toonde een generatiewisseling onder de stayers, de eigengereidheid van de jeugd. Jílek en Semirunniy mochten op het podium. Maar wel met de oudste man van het veld: de eeuwig jonge Bergsma.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next