is wetenschapsjournalist en columnist van de Volkskrant.
Kunnen we alsjeblieft de woorden ‘hardwerkende Nederlander’ afschaffen? Ik kan ze niet meer horen, zeker niet uit de mond van Dilan Yesilgöz, die de hardwerkende Nederlander tot alfa en omega van dit ondermaanse bestaan lijkt te willen verheffen. Ik word er kriegel van; krijg jeuk van de term, maagzuur van de VVD en een vaag gevoel van chagrijn bij de gedachte dat de arbeid die we leveren het belangrijkste is aan onze levens.
Opiniepeiler Peter Kanne heeft van al dit ongemak geen last, begreep ik uit het interview met hem. Hard werken moeten we, ter meerdere eer en glorie van het kapitalisme (hij noemt het ‘economische groei’, maar in deze context komt dat op hetzelfde neer). ‘Mijn advies aan twintigers en dertigers zou zijn: ga nou eens minder flauwekuldingen doen en in plaats daarvan een half dagje meer werken.’
Verder blinkt Kanne vooral uit in manieren waarop hij kan neerkijken op mensen die in zijn ogen aan deze kranige arbeidsethos niet voldoen. Mensen zijn ‘genotzuchtig’, hebben een ‘leventje’. Het woord ‘verweking’ valt, alsof er iets mis is met zacht zijn.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
De boodschap: het is niet genoeg om voldoende te werken, er moet altijd nog een tandje bij en – nog belangrijker – je moet dat ook moreel het juiste vinden om te doen. Je moet hard wíllen werken. Anders mankeert er iets aan je.
De Amerikaanse politicoloog Anders Hayden zei het zo: ‘Je kunt geen eigenwaarde voelen gewoon omdat je leeft – gewoon omdat je een human being bent. Je moet een ‘human doing’ zijn om enige waarde te hebben.’ In ons kapitalistische systeem zijn productiviteit en eigenwaarde hopeloos met elkaar verknoopt, wil hij maar zeggen. Zelfliefde, of het idee dat je er gewoon mag zijn wie je bent, met alles dat je meebrengt, hoor je onder het kapitalisme niet zomaar gewoon aan jezelf te geven omdat je een mens bent, en dus sowieso bijzonder en waardevol. Je hoort dat te verdienen.
Maar waarom eigenlijk? Hoe zijn we mensen geworden die werk zoveel macht geven over ons geluk, die ons werk verheerlijken, zelfs als dat werk ons ongelukkig maakt, leeg, opgebrand? Waarom vinden we het eigenlijk normaal om het gros van onze wakkere uren te geven aan een baas die daar vaak veel meer mee opschiet dan wijzelf of onze gemeenschap?
Een cynische – maar daarom niet per se onjuiste - verklaring is dat het grootkapitaal ons geïndoctrineerd heeft. Een levenshouding die gunstig is voor grote bedrijven is onze tweede natuur geworden. Het kapitalisme is ongevraagd in onze hoofden en harten komen wonen. Natuurlijk wil ik hard werken! Bijdragen aan groei en welvaart! Dan ben ik een goed en waardig mens!
Dit verdoezelt dat hard werken vaak helemaal geen keuze is. We zijn, ook weer ongevraagd, terechtgekomen in een maatschappij waarin de prijs voor gewoon bestaan en overleven ontzettend hoog is. We leven op een planeet die onvoorstelbaar weelderig en gul is, maar we zijn zo ver van de vruchten van de aarde verwijderd geraakt dat grond bijna onbetaalbaar is, je voor water een rekening krijgt en je moet kromliggen voor een plek om te schuilen.
Zoals Sjors Roeters schreef: ‘In den beginne was er niet de salarisstrook. Eerst was er de overvloed van de natuur, en vervolgens zijn we in een situatie beland waarin de meeste mensen afhankelijk zijn geworden van een salarisstrook om toegang te krijgen tot die overvloed van de natuur.’
De dwang die hierachter zit – werk hard, want anders… – hebben we in onszelf gevouwen, ons eigen gemaakt, vermomd als eigen wil en zelfvervulling. Als het kon praten, zou het kapitalistisch systeem zachtjes dankjewel zeggen. Dankjewel dat je niet in opstand komt. Dankjewel dat je meewerkt aan je eigen ellende en onderdrukking. Dankjewel, hardwerkende Nederlander.
Dat is ook de boodschap die de VVD, een partij die boven alles kapitalistisch is, ons voert. In honderd kleine hapjes krijgen we het idee aangereikt dat we hard willen werken, anders ben je slecht, een profiteur. Beter blijven we brave tandwieltjes in de kapitalistische machine, die niet lang genoeg stoppen met draaien om te bedenken of het misschien compleet anders zou kunnen.
Maar we hoeven het natuurlijk niet te slikken. We zouden naar elkaar kunnen kijken en zeggen: wat nou als we liever werken voor het nut van onze gemeenschap dan voor de winsten van aandeelhouders? Wat nou als we zorgen voor onszelf, elkaar en de aarde belangrijker maken dan geld?
Een hardwerkende Nederlander? Laat ons liever hartwerkend zijn. Samenwerkend. Zachtwerkend.
Source: Volkskrant columns