Home

Hoe groot is het cultuurhart van Rianne Letschert, de nieuwe minister van OCW?

Nieuwe minister van OCW Rianne Letschert (49) wordt als minister verantwoordelijk voor onder meer het Nederlandse cultuurbeleid. Wat valt van haar te verwachten in een voor de sector financieel nijpende tijd? „Rianne ziet en voelt de waarde van cultuur.”

Rianne Letschert, hier nog als rector magnificus.

In 2016 wordt Rianne Letschert op 39-jarige leeftijd benoemd tot rector magnificus. Ze is de eerste vrouw op die positie aan de Universiteit Maastricht en het maakt haar een van de jongste rectores magnifici ooit in Nederland. Van de ene op de andere dag is Letschert een Bekende Helmonder.

In die hoedanigheid beklimt ze op 18 mei 2019 het podium van theater het Speelhuis om aan de Helmondse versie van Maestro deel te nemen, georganiseerd door het Helmonds Muziek Corps. Geïnspireerd door het succesvolle gelijknamige tv-programma strijdt Letschert tegen vijf bekende stadsgenoten, onder wie chef-kok Jermain de Rozario en Rieke Adriaans, voormalig uitbaatster van stadskroeg ‘De Gouden Kegel’.

Letschert loodst het Helmonds Muziek Corps door een georkestreerde versie van Deep Purples ‘Smoke on the Water’. Ze oogt opperst geconcentreerd en steekt bij de laatste noten haar armen in de lucht. In de finale dirigeert ze ‘My heart will go on’, de Titanic-hit van Celine Dion, haar eigen keuze. Hoewel ze het aflegt tegen chefkok De Rozario, is het Letschert die het hardst mee danst op diens uitvoering van ABBA’s ‘Dancing Queen’. De 85-jarige Riekie ‘De Kegel’ Adriaans herinnert zich het enthousiasme van Letschert: „Ze heeft zeker een hart voor cultuur.”

Een belangrijk signaal

Vrijdag maakte D66 bekend dat Letschert, informateur tijdens de kabinetsformatie, de beoogde minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap is. Judith Tielen is beoogd staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, maar ‘cultuur’ komt onder de minister te vallen, zo bevestigt het Bureau Woordvoering Kabinetsformatie aan NRC.Wat heeft Rianne Letschert met de kunsten? Wat voor beleidsmatige koers zal ze varen in een voor de cultuursector roerige en financieel nijpende tijd? En: hoe reageert de cultuursector op haar benoeming?

„Als je ziet hoe ze zo’n ingewikkelde klus als informateur heeft geklaard, dan schept dat verwachtingen”, zegt Jeroen Bartelse, naast algemeen directeur van het Utrechtse muziekgebouw TivoliVredenburg ook voorzitter van Kunsten ’92, de belangenorganisatie voor de culturele en creatieve sector.

Bartelse noemt het „een belangrijk signaal” dat de grote cultuurdossiers weer onder de minister komen te vallen. Dat legt net wat meer gewicht in de schaal dan als staatssecretaris, omdat zij altijd bij de ministerraad zit en dus direct betrokken is bij de grote politieke afwegingen. Ook was hij blij te horen dat D66 – de partij die de cultuur „een sterke economische kracht” noemt en de culturele sector „onmisbaar voor een vrije en veerkrachtige samenleving” – verantwoordelijk wordt voor het cultuurbeleid.

Tot tranen toe geroerd

Letschert vervulde twee nevenrollen bij culturele instellingen: ze zat een paar jaar in de raad van toezicht van het Bonnefantenmuseum – een rol die ze „kritisch opbouwend” benaderde volgens museumdirecteur Stijn Huijts – en was kort voorzitter van de raad van advies van Nationaal Monument Kamp Vught, een herdenkingsplaats met museum. Dat lijkt weinig voor een bewindspersoon die verantwoordelijk wordt voor cultuur, maar volgens Sander Kleikers, de echtgenoot van Letschert, is zeker zo belangrijk „dat je de waarde van cultuur ziet en voelt” – iets wat voor zijn vrouw geldt, zegt hij.

Letschert groeide op met Amsterdamse ouders. Tijdens het schoonmaken zette haar moeder muziek van André Hazes op. Maar ze kan ook erg genieten van klassieke muziek als ze op zondag stukken moet lezen voor haar werk, zegt Kleikers. De twee bezoeken regelmatig concerten, tentoonstellingen en theatervoorstellingen, van Frank Boeijen, Pinkpop en het Cultura Nova Festival tot kunstbeurs TEFAF en opera’s. Tijdens een bezoek aan Rome, vorig jaar, luisterden Letschert en Kleikers naar een diptiek opera van Giacomo Puccini’s Gianni Schicchi en Maurice Ravels L’Heure espagnole.

Toen Rianne Letschert (links) in 2016 als rector magnificus werd geïnstalleerd, kwam toenmalig OCW-minister Jet Bussemaker naar Maastricht. „Als blijk van steun”, omdat Letschert als vrouw onderschat werd.

De afgelopen jaren zat Letschert door haar drukke baan aan de universiteit weinig voor de tv, maar áls het een keer lukte, vertelt Kleikers, keek ze net zo graag naar Downtown Abbey als naar Nieuwsuur, een muziekdocumentaire over Amy Winehouse of B & B vol liefde. Cultuur ráákt haar, vertelt Kleikers. Muziek, films of televisie, „daar kan ze door tot tranen toe geroerd raken”.

Publieke kracht

Maar hoe vertaalt Letschert haar brede interesse voor kunst en cultuur in beleid? Bartelse hoopt dat cultuur onder haar bewind niet langer als apart domein wordt benaderd, maar als „publieke kracht” die middenin de samenleving staat. „Ik hoop dat de minister cultuur weet te verbinden aan de grote maatschappelijke opgaven van deze tijd, zoals het versterken van sociale cohesie, gezond en betekenisvol leven en de vormgeving van onze leefomgeving. Creatieve makers en kunstenaars kunnen daarin een cruciale rol spelen, van architecten bij ruimtelijke ordening tot ontwerpers in de energietransitie.” 

Dat is ook de hoop van Jet Bussemaker, die in 2016 naar Maastricht afreisde als minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap om de installatie van Letschert als rector magnificus bij te wonen. Ze noemt het zoeken naar verbinding met andere maatschappelijke kwesties een van de grootste uitdagingen voor Letschert. „Cultuur is belangrijk als spiegel van de maatschappij in een tijd dat democratische waarden onder druk staan”, zegt Bussemaker. „Dan is het extra belangrijk om te laten zien dat cultuur ook verbonden is met bijvoorbeeld de zorg, AI en duurzaamheid.”

Daarbij is doorslaggevend, denkt Bussemaker, dat Letschert als minister uitdraagt dat ze cultuur „als democratische kracht omarmt” en de samenwerking aangaat met de cultuursector zelf, die bereid is om met haar mee te bewegen. „Blijf niet te veel in de beleidstoren zitten, zou mijn advies aan haar zijn.”

Cultuur moet in Den Haag niet meer behandeld worden als bijzaak of luxe, is een veel gehoord geluid van makers en culturele instellingen. De afgelopen periode met forse bezuinigingen en een dreigende btw-verhoging voor cultuur was lastig voor de sector. Met de komst van dit nieuwe kabinet en Letschert als cultuurminister, hoopt de cultuursector dat er nu weer ruimte komt om te bouwen.

Verwerpelijk

Maar hoe bouw je als er geen geld bijkomt voor cultuur? Bartelse: „De cultuurbegroting groeit al jaren niet mee. Dat heeft gevolgen voor de weerbaarheid van de sector, de bestaanszekerheid van makers, de toegankelijkheid van bibliotheken en muziekscholen. Er is wel ambitie, maar geen financiële dekking.”

Ook directeur Cathelijne Broers van het Cultuurfonds, dat de cultuursector steunt met private financiële bijdragen, opdrachten, prijzen en beurzen, is er niet gerust op. Ze heeft groot vertrouwen in Letschert „met haar slimme hoofd”, maar is „teleurgesteld en verdrietig” dat in het coalitieakkoord slechts 102 woorden aan cultuur zijn gewijd. Broers: „Wat dit kabinet doet is indirect bezuinigen. Het lijkt alsof er niets aan de hand is, omdat er niet extra wordt bezuinigd. Maar alles wordt steeds duurder, waardoor er uiteindelijk toch minder geld is voor de kunst en cultuursector.”

Broers noemt deze houding van het kabinet „zeer onverstandig”. Ze had niet verwacht dat er zo maar een half miljard bij zou komen op de cultuurbegroting, maar merkt op dat als er geen geld bijkomt er nu echt de focus gelegd moet worden op samenwerken omdat het „efficiënter kan”. Er is namelijk sprake van achterstallig onderhoud in het systeem voor de financiering van cultuur. „In drie jaar tijd zijn er zeven bewindspersonen voorbij gekomen. Dat geeft geen consistent beleid, de rust moet terugkeren en er moet door Letschert slim worden samengewerkt met de andere ministeries én private fondsen zodat we elkaar versterken, want de opgave is groot.”Letschert is een optimist en verbinder, zegt haar partner Sander Kleikers. Ze beschikt niet over een gestrekt been. Op de vraag hoe ze om zal gaan met gevoelige maatschappelijke kwesties, zoals de protesten tegen het Chanoeka-concert vorig jaar, zegt hij: „Rianne kreeg als universiteitsbestuurder te maken met slimme maar ook heel eigengereide mensen. Ze kan goed tegenstrijdige belangen doorgronden. Wie heeft wat nodig? Hoe breng je uiteenlopende visies bij elkaar? Dat is haar grootste kracht.”

Cultuurbarbarisme

Hoe dat er in de praktijk uitziet merkte René Gabriëls, universitair docent aan de Faculteit der Cultuur- en Maatschappijwetenschappen van de Universiteit Maastricht, toen Letschert vorige zomer te maken kreeg met felle studentenprotesten tegen de oorlog in Gaza, die uitmondden in de ontruiming van een faculteitsgebouw. Een ervaring die Letschert later „mijn zwartste dag als bestuurder” zou noemen.

Gabriëls had zich bij de actievoerders aangesloten, die achter het universiteitsgebouw een tentenkamp hadden opgeslagen, wat getolereerd werd door Letschert. Hij was erbij toen ze met de studenten in gesprek ging, en zag hoe ze rekening moest houden met verschillende belangen, zoals die van de burgemeester. „Echt voorbeeldig hoe ze tussen al die belangen laveerde”, zegt Gabriëls. „Iemand als rector magnificus Peter-Paul Verbeek van de Uva kan veel van haar leren.”

Minder enthousiast is hij over de verengelsing aan de universiteit, die Letschert geen halt toe riep. Een teken van „cultuurbarbarisme” noemt Gabriëls het. Uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau, zegt hij, blijkt dat Nederlanders de Nederlandse taal als eerste noemen op de vraag welke culturele kenmerken typerend zijn voor Nederland. Het belang van de Nederlandse taal zal tijdens haar ministerschap weer op haar pad komen. Twee van de vier punten van het coalitieakkoord zijn gewijd aan het behoud en de versterking van de eigen taal, dialecten en streektalen.

„Als je de Nederlandse taal niet op hoog niveau onderhoudt, ondermijn je de democratie”, zegt Gabriëls, die vindt dat Letschert de universiteit te veel als bedrijf runde. „Cultuur werd verdrongen door financiële incentives.” Maar zelfs Gabriëls, een van haar grootste criticasters, heeft best hoge verwachtingen van de toekomstig minister. „Ze kan goed compromissen sluiten en is briljant met haar charme.”

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Cultuurgids

Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden

Source: NRC

Previous

Next