Een plan van de minderheidscoalitie om een hogere kiesdrempel te laten onderzoeken, is in de Tweede Kamer gestrand. Een meerderheid van de Kamer wees het voorstel van D66, VVD en CDA af. Het idee maakte deel uit van het coalitieakkoord, in het hoofdstuk "Een sterke democratie". Het onderzoek moest bekijken of partijen pas in de Tweede Kamer zouden komen als zij meer dan één zetel halen.
Alle dertien oppositiepartijen stemden tegen het voorstel. Samen hebben zij 84 van de 150 zetels, tegenover 66 zetels voor de coalitiepartijen. Daardoor kon de oppositie het plan blokkeren. De stemming laat zien dat de coalitie kwetsbaar is: als de volledige oppositie samen optrekt, kan zij plannen van het minderheidskabinet eenvoudig wegstemmen.
Op dit moment is de kiesdrempel gelijk aan de kiesdeler: het aantal stemmen dat nodig is voor één Kamerzetel. Dat is ongeveer 0,67 procent van alle uitgebrachte stemmen. De drie coalitiepartijen wilden laten onderzoeken of een hogere drempel verstandig is, zodat alleen partijen met meerdere zetels in de Kamer zouden komen.
Oppositiepartijen onder aanvoering van de ChristenUnie hadden daar geen enkel vertrouwen in. Zij dienden al een motie in om het onderzoek tegen te houden, nog voordat het kabinet met een concreet plan kwam. Met de brede steun voor die motie was het voorstel kansloos.
De tegenstanders noemen een nieuw onderzoek zonde van het geld. Zij verwijzen naar de staatscommissie-Remkes, die in 2018 keek naar mogelijke veranderingen in het Nederlandse parlementaire stelsel. Die commissie concludeerde toen al dat een hogere kiesdrempel niet past bij de manier waarop de Nederlandse representatieve democratie is ingericht.
Het idee van een hogere kiesdrempel speelt al langer. In 2024 stelde de VVD voor om een drempel van 2 procent in te voeren, wat neerkomt op ongeveer drie zetels. Ook dat plan haalde het niet, omdat er in de Kamer weinig steun voor was. De nieuwe stemming bevestigt dat er voor het verhogen van de kiesdrempel nog steeds geen meerderheid is.
Source: Fok frontpage