Emma Doude van Troostwijk Ze schreef een sprankelende debuutroman over een predikantengezin dat een pastorie bewoont in de Elzas. Het leven in al zijn facetten komt er voorbij.
Wijnvelden en de kerk van Orschwiller in de Elzas.
Het is een unicum: een van origine Nederlandse debutante, opgegroeid in Frankrijk, die een roman publiceert bij de prestigieuze uitgeverij Editions de Minuit. Dat ze er ook een paar literaire prijzen voor kreeg is eigenlijk minder bijzonder. Wie bij Editions de Minuit publiceert – witte cover, blauwe letters, sterretje in het midden – staat in een uitzonderlijke literaire traditie. De auteurs van de roemruchte nouveau roman maakten het uitgevershuis, dat tijdens de Duitse bezetting werd opgericht, beroemd. Samuel Beckett en Alain Robbe-Grillet publiceerden er, Marguerite Duras en Nathalie Sarraute, recenter Julia Deck en Goncourtwinnaar Laurent Mauvignier. En nu de zesentwintigjarige Emma Doude van Troostwijk.
Emma Doude van Troostwijk: Mensen van de dag (Ceux qui appartiennent au jour). Vert. Liesbeth van Nes. Meulenhoff 169 blz. € 20,99
Haar roman gaat over een predikantengezin dat een pastorie bewoont in een dorp in de Elzas. Vader en moeder zijn dominee, opa en oma wonen onder hetzelfde dak, de zoon maakt zich op om ook predikant te worden. De dochter, tevens vertelster, is elders een toneelopleiding gaan volgen, heeft net audities achter de rug en komt voor een paar weken terug naar huis. Opa lijdt aan alzheimer, herkent zijn kleindochter soms wel en soms niet. Ook haar vader, die een burnout heeft, kampt met geheugenproblemen, en haar broer heeft gegronde twijfels over zijn beroepskeuze. Hoewel deze paar zinnen vertellen in welk milieu je als lezer terechtkomt, zeggen ze in wezen nog niets over het boek, noch over je leeservaring.
Het gaat hier niet om de plot, om de intrige, ook al zit die er wel degelijk in. De roman bestaat uit een reeks korte teksten, ogenblikken uit het nu afgewisseld met brokken herinnering, die als het ware met elkaar in dialoog gaan. Als de vertelster aan het begin van het boek de weg naar de pastorie oploopt, ziet ze de klimop op de pastorie, de glanshaver, de kersenboom uit haar jeugd, ze ruikt houtvuur en goedkope wijn. Haar grootvader, in zijn schommelstoel, steekt zijn hand naar haar uit en zegt, aangenaam kennis te maken, mevrouw.
De vorm van de roman lijkt een hedendaagse, originele echo van het bekendste boek van Nathalie Sarraute, Kindertijd (Enfance, 1983). Ook Sarraute vertelde geen verhaal, haar boek was geen autobiografie in de gangbare zin des woords, het was een mozaïek van momenten, herinneringen in beweging – schitterend fijnzinnig weergegeven. Sarraute, microchirurg van het gevoel, onderzocht in taal de innerlijke menselijke ervaring. Ook Van Troostwijk observeert, schrijft zintuiglijk. Ze suggereert, is in staat tussen de regels door meer te zeggen dan in die regels zelf. In het leven van alledag, in het huis clos van die pastorie, zit een hele onuitgesproken wereld besloten.
De auteur is intens bezig met stilte; er is het veelvuldige wit tussen de fragmenten en de gaten in de gesprekken tussen haar personages, er zijn zinnen die niet worden afgemaakt. Ze weet dat een stilte nooit onschuldig is, neutraal. Dat een stilte van alles kan betekenen, een uiting van onmacht, een onuitgesproken pijn, een aankondiging van onheil. „Ik weet niet meer wie ik ben”, zegt de vader tegen de vertelster. Ze antwoordt niet, het is niet aan haar te zeggen wie haar vader is.
Als lezer vul je ook de toonhoogte van haar zinnen in, de klank, het ritme, de intonatie, de aarzeling. Dit is zo’n roman die je eigenlijk hardop moet voorlezen. Maar ook zonder dat ga je een wereld binnen die langzaam verdwijnt. Een wereld van tederheid waarin de woorden zoek raken. Het geheugen begint te haperen, de routine valt in duigen, verbeeldingskracht vult het vergetene in. Iedere zondag na de kerkdienst draait de grootvader de comtoise-klok op om het gewicht omhoog te brengen. Al vijftig jaar. Maar ineens lukt het niet meer. Opa mompelt ‘merde merde merde’ (in het Franse origineel ‘shit shit shit’), waarna hij de sleutel in zijn broekzak stopt en „geen belangstelling meer (heeft) voor de stilstaande tijd”. Nergens wordt het pathetisch of sentimenteel.
Inventief is de manier waarop de auteur met haar twee talen speelt. In het Franse origineel duikt hier en daar het Nederlands op. Soms een woord (‘liefje’) of een kort zinnetje („Je bent mooi”, „we moeten elkaar niet vergeten”). De Nederlandse vertaling spiegelt dat met Franse woorden, bijvoorbeeld ‘on peut rentrer’ of ‘c’est quoi ça’. Soms krijgen uitdrukkingen uit beide talen een aparte pagina: „En français ils perdent la tête. En néerlandais ils perdent le chemin. Ze zijn de weg kwijt”. In de Nederlandse vertaling wordt dat mooi: „In het Nederlands zijn ze de weg kwijt. In het Frans verliezen ze het hoofd. Ils perdent la tête.”
In deze roman zijn het de mannen die, in hun kleine wereld, de weg kwijt zijn. De vader met zijn burn-out plakt post-its in kleurencode boven het gasfornuis, groene voor de komende week, roze voor grapjes, oranje voor belangrijke afspraken, „het brein van mijn vader in patchwork op de vette muur van de pastoriekeuken”. Opa giet vrolijk thee over zijn cornflakes, broer verdwijnt, in grote twijfel over zijn roeping, hij wil ‘iets doen, tu sais, wat werkelijk telt”. Mensen van de dag, noteert de moeder op een stukje papier naast de telefoon, ils appartiennent au jour, een verwijzing naar de Franse titel, Ceux qui appartiennent au jour. Leven bij de dag. Wie weet of ze er morgen nog zijn.
Soms zijn er uitbarstingen van vrolijkheid, is er theater, wordt er gelachen, gezongen en gedanst. Vooral na de zondagsdienst, als de moeder haar domineestoga verruilt voor een joggingpak en een glas wijn inschenkt. Dan ook schalt ‘Zanzibar’ door de pastorie, de magnifieke hit van de populaire rapper en bestsellerauteur Gaël Faye. Het is een melancholieke song over littekens die je oploopt in je leven en nachtelijk dansen onder de sterrenhemel: „wat doe je met de tijd die je nog te leven hebt?”
Want daar gaat het om in deze magnifieke, talige, actuele roman: om de vraag hoe je, in wat voor wereld dan ook, een betekenisvol leven kunt leiden.
Het laatste boekennieuws met onze recensies, de interessantste artikelen en interviews
Source: NRC