Home

Als het extreme politiek wordt

Van alle politieke partijen in Nederland vind ik Forum voor Democratie de meest ondoorgrondelijke, en dat laatste bedoel ik niet als compliment maar als keurmerk van het obscure; je vist bij die partij in troebel water. De PVV is ondanks haar volmaakt ondemocratische karakter voorspelbaarder. Voor de echte, afgronddiepe sentimenten moet je bij FvD zijn: noem het gerust ressentimenten. De Volkskrant belichtte pas geleden het verleden van wat lokale gemeentekandidaten van de partij, die donkerbruin kleurden. En in een reportage over het Kerstgala van de jongerenafdeling van de partij figureerden ook de internationale contacten, niet zelden van neonazistische snit.

 Het hoeft inmiddels geen verrassing te zijn dat FvD put uit extreem rechtse bronnen. Maar wel is de vraag: wat is de aantrekkingskracht van dat etno-nationalistische gedachtegoed, van één volk, met dat ene, nationaal-christelijke fundament, dat in ieder geval als cultuurgoed wordt omarmd? De FvD wil ten diepste een anti-burgerlijke partij zijn. De laatste decennia kennen we dat in Nederland vooral van radicaal en revolutionair links, maar ook rechts kent een verleden van weerzin tegen het burgerdom.

 De afgelopen week was ik bezig voor De Groene Amsterdammer een podcast te maken over de Duitse schrijver Ernst Jünger (1895-1998), over wie in datzelfde weekblad een groot profiel te lezen viel.

Jünger noemde zich zijn leven lang ‘conservatief’ – en dat was een langdurige affaire, want hij leefde langer dan een eeuw. Als Duitse jongeman kon hij niet wachten zich als soldaat te melden voor de Eerste Wereldoorlog, want „hij veracht de Duitse burgerlijke cultuur: de sfeer van Kaffee und Kuchen, de geest van commercie, de kleinburgerlijke obsessie met comfort, veiligheid en het kleine eigenbelang”, aldus het profiel.

 Jünger wil ‘gevaarlijk leven’ en het avontuurlijke hart volgen, „das Abenteuerliche Herz”, ook een boektitel van hem. Het liberale democratische bestel, zoals dat gestalte krijgt in de Weimarrepubliek „haat hij als de pest”, want dat is geobsedeerd door veiligheid en heeft het niet in zich een soldateske deugd als zelfopoffering serieus te nemen. „Daarom”. schrijft Jünger, „zullen onze maatstaven ook heroïsch, ook maatstaven van krijgers moeten zijn, en niet die van winkeliers, die alles met de duimstok willen meten.”

In de jaren ’30, wanneer het Duitse volk steeds meer in de ban raakt van Hitler houdt Jünger afstand: niet eens zozeer om politieke, maar om esthetische redenen, want de stijl van de Führer is „kleinburgerlijk”. „Hitler was voor Jünger niet zozeer te rechts, maar vooral te vulgair”. Als anti-politicus zal hij toch in de Tweede Wereldoorlog deel uitmaken van de staf van de Wehrmacht in Parijs, waar hij vooral contacten legt met de Franse intelligentsia. Na de oorlog blijft hij die briljante, enigszins suspecte, eenkennige auteur, die zich waagt aan experimenten met LSD om de ervaring van de oorlogsroes alsnog te kunnen beleven: hij munt de term ‘psychonaut’.

Jünger is alweer 28 jaar dood, hij heeft geen weet van het bestaan van FvD, al zou het niet vreemd zijn als die partij Jünger tot schutspatroon koos gezien de vele, overlappende denkbeelden. Maar er is dat ene, beslissende verschil: de oudere Jünger zag af van de politiek, hij was eerder een mysticus, die zichzelf uitvond in zijn geschriften.

 Dat FvD meer wil zijn dan een ideeënclub of een debatvereniging, en zich heeft genesteld in ons parlementaire stelsel; dat maakt de partij niet alleen obscuur maar ook gevaarlijk. De Hongaarse schrijver György Konrád (1933-2019) stelde al dat „de schrijver oordeelt over woorden, de politicus over mensen”. En Forum wil uitgesproken politiek zijn. Daar wordt het link.

Source: NRC

Previous

Next